Hoge Raad: leveringsakte prevaleert niet over koopovereenkomst als verkoper
ECLI:NL:HR:2026:1224, Hoge Raad, 10-07-2026, 23/02777
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Contractenrecht. Vraag of echtgenoot van eigenaar/verkoper van woning ook partij is bij koopovereenkomst; passeren bewijsaanbod. Beoordeling gebreken aan woning.
Kern van de zaak
Een man (de man) en een vrouw (de vrouw) verkochten onroerend goed. In de koopovereenkomst stond de man als medeverkoper vermeld, maar in de leveringsakte gaf hij slechts toestemming als echtgenoot. Kopers (verweerders) betwistten dat de man gebonden was als verkoper uit de koopovereenkomst.
Beslissing van de rechter
De Hoge Raad verwerpt het cassatiemiddel: de leveringsakte levert geen dwingend bewijs op ten gunste van de man als verkoper, omdat hij daarin niet als partij is aangewezen. De doorslaggevende reden is dat dwingend bewijs op grond van art. 157 lid 2 Rv alleen geldt ten behoeve van de wederpartij zoals aangewezen in de akte.
Impactscore
HoogDe Hoge Raad geeft een principiële verduidelijking van de grenzen van dwingend bewijskracht van akten onder art. 157 lid 2 Rv, relevant voor de vastgoedpraktijk en notariële praktijk breed.
Belangrijkste punten
- 1Art. 157 lid 2 Rv: een akte levert alleen dwingend bewijs op ten behoeve van de wederpartij die in de akte als zodanig is aangewezen.
- 2De leveringsakte vermeldt de man slechts als echtgenoot die toestemming verleent, niet als medeverkoper.
- 3Het enkele feit dat de kandidaat-notaris op de afwijking heeft gewezen en verweerders geen bezwaar maakten, brengt niet mee dat partijen beoogden de koopovereenkomst te wijzigen.
- 4De koopovereenkomst blijft bindend: de man is als verkoper aan zijn verplichtingen gehouden.
- 5De inhoud en strekking van art. 157 Rv en eisen van rechtsverkeer begrenzen de reikwijdte van dwingend bewijs tot de akte-partijen.
Impactanalyse
Juridische impact
De Hoge Raad verduidelijkt de reikwijdte van art. 157 lid 2 Rv: dwingend bewijskracht van een akte strekt zich niet uit tot personen die daarin niet als partij zijn aangewezen, ook niet als zij de akte hebben medeondertekend in een andere hoedanigheid.
Praktische impact
Voor de betrokkenen betekent dit dat de man als medeverkoper gebonden blijft aan de verplichtingen uit de koopovereenkomst, ongeacht de formulering in de nadien opgemaakte leveringsakte.
Onderwerp-impact
Bij vastgoedtransacties dienen koopovereenkomst en leveringsakte zorgvuldig op elkaar te worden afgestemd; een afwijkende formulering in de leveringsakte wijzigt de partijstelling uit de koopovereenkomst niet automatisch.
Samenvatting
In deze zaak stond centraal de vraag of een leveringsakte de partijstelling uit een eerder gesloten koopovereenkomst kon doorkruisen. In de koopovereenkomst was de man als medeverkoper aangemerkt. In de later opgemaakte leveringsakte werd hij echter niet als medeverkoper vermeld, maar slechts als echtgenoot die toestemming verleent voor de verkoop door zijn vrouw. De kandidaat-notaris had verweerders gewezen op dit verschil, maar zij maakten daartegen geen bezwaar. Eisers betoogden in cassatie dat de leveringsakte als authentieke akte dwingend bewijs oplevert en dat die akte boven de koopovereenkomst zou moeten prevaleren. De Hoge Raad verwerpt dit betoog. Onder verwijzing naar art. 157 lid 2 Rv overweegt de Hoge Raad dat een akte slechts dwingend bewijs oplevert ten behoeve van de wederpartij, te weten degene die in de akte als zodanig is aangewezen of degene te wiens behoeve de ondertekenaar zich blijkens de tekst heeft verbonden. Omdat de leveringsakte de man niet aanwijst als partij of medeverkoper maar slechts als echtgenoot die toestemming verleent, kan hij de dwingendbewijskracht van die akte niet inroepen om zijn hoedanigheid als verkoper uit de koopovereenkomst te ontkrachten. Het hof had bovendien vastgesteld dat uit de omstandigheid dat verweerders geen bezwaar maakten na de melding van de notaris, niet volgt dat partijen beoogden de koopovereenkomst te wijzigen of te verduidelijken in die zin dat de man geen eigen verplichtingen draagt. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel. De uitspraak heeft richtinggevende betekenis voor de notariële en vastgoedpraktijk: koopovereenkomst en leveringsakte moeten onderling consistent zijn, en een afwijkende omschrijving van de hoedanigheid van een ondertekenaar in de leveringsakte volstaat niet om de uit de koopovereenkomst voortvloeiende verplichtingen te wijzigen.