JurispRadar
ECLI:NL:HR:2026:918Laag18/100

Hoge Raad corrigeert rekenfouten in pachtgeschil SWR

ECLI:NL:HR:2026:918, Hoge Raad, 12-06-2026, 25/00785

Hoge RaadUitspraak: 12 juni 2026Publicatie: 12 juni 2026
Procedure:Cassatie
Zaaknummer:25/00785
Civiel recht
Verbintenissenrecht
Schadevergoeding
Aansprakelijkheid
Vastgoed
Pachtrecht
Pachtontbinding
Rekenfouten Cassatie
Stormschade Stallen
Pachtprijsvermindering

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Afwikkeling pachtovereenkomst. Klachten over onjuistheid van bedragen. Hoge Raad doet zelf af.

Kern van de zaak

Een pachter en zijn bestuurder procederen tegen verpachter SWR over ontbinding van een pachtovereenkomst, achterstallige pacht en stormschade aan stallen. Het hof had de pachtovereenkomst ontbonden en de pachter veroordeeld tot betaling van ruim €2,28 miljoen. In cassatie worden rekenfouten in de berekening van de pachtbedragen aangevochten.

Beslissing van de rechter

De Hoge Raad verwerpt de meeste cassatieklachten op grond van art. 81 lid 1 RO zonder nadere motivering. Onderdeel 4 slaagt gedeeltelijk: het hof had rekenfouten gemaakt bij de berekening van de verschuldigde pachtprijs voor bedrijfsgebouwen (€60.357,18 in plaats van een onjuist bedrag) en voor de gronden (acht in plaats van negen maanden, leidend tot €191.114,67). Een derde rekenfout was al hersteld bij herstelarrest van 18 februari 2025.

18van 100

Impactscore

Laag

De uitspraak betreft hoofdzakelijk rekenkundige correcties in een individueel pachtgeschil; er worden geen nieuwe rechtsvragen beantwoord en de meeste klachten worden zonder motivering verworpen op grond van art. 81 RO.

Belangrijkste punten

  • 1Onderdelen 1-3 van het middel worden verworpen op grond van art. 81 lid 1 RO zonder motivering.
  • 2De pachtprijsvermindering van €67.042,82 betrof de vermindering zelf, niet de na vermindering verschuldigde pacht; de juiste verschuldigde pacht voor bedrijfsgebouwen is €60.357,18.
  • 3Het hof rekende de pachtprijs voor gronden over negen maanden in plaats van acht (mei t/m december 2022), het correcte bedrag is €191.114,67.
  • 4Een derde rekenfout in rov. 4.70 was reeds hersteld in het herstelarrest van 18 februari 2025 en mist daardoor belang.
  • 5In reconventie werd vastgesteld dat SWR toerekenbaar tekortschoot in het (tijdig) herstellen van stormschade aan stallen.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak heeft beperkte precedentwerking; de meeste klachten worden via art. 81 RO afgedaan en de zaak betreft hoofdzakelijk rekenkundige correcties binnen een reeds vastgesteld juridisch kader voor pachtontbinding en schadevergoeding.

Praktische impact

Voor de pachter en zijn bestuurder leidt de gedeeltelijke cassatie tot een verlaging van het te betalen bedrag door correctie van twee rekenfouten in de pachtberekening; de ontbinding van de pachtovereenkomst en de ontruimingsverplichting blijven echter in stand.

Onderwerp-impact

In de agrarische pachtsector bevestigt de uitspraak dat rekenfouten in gerechtelijke uitspraken via cassatie succesvol kunnen worden aangevochten, maar dat inhoudelijke geschillen over pachtontbinding en schadevergoeding bij een gespecialiseerde pachtkamer in stand blijven.

Samenvatting

Deze Hoge Raad-uitspraak van 12 juni 2026 betreft een pachtgeschil tussen verpachter SWR en een pachter (met zijn bestuurder) over de ontbinding van een pachtovereenkomst voor agrarische gronden en bedrijfsgebouwen. Het hof had in hoger beroep de ontbinding en ontruiming bekrachtigd en de pachter hoofdelijk veroordeeld tot betaling van ruim €2,28 miljoen aan SWR. In reconventie erkende het hof dat SWR toerekenbaar tekortgeschoten was in het (tijdig) herstellen van stormschade aan stallen, en verminderde het de verschuldigde pachtprijs dienovereenkomstig. In cassatie richtten de klachten (onderdelen 1-3) zich op inhoudelijke aspecten van de beslissing van het hof. De Hoge Raad verwierp deze klachten op grond van artikel 81 lid 1 RO, zonder nadere motivering, omdat beantwoording niet nodig was voor de eenheid of ontwikkeling van het recht. Onderdeel 4 slaagde gedeeltelijk. Het hof had twee rekenfouten gemaakt. Ten eerste had het hof het bedrag van €67.042,82 ten onrechte aangemerkt als de na vermindering verschuldigde pacht, terwijl dit bedrag juist de pachtprijsvermindering zelf betrof. De werkelijk verschuldigde pacht voor de bedrijfsgebouwen over de periode 1 januari 2022 tot ontbinding per 1 januari 2023 bedraagt €60.357,18. Ten tweede had het hof de pachtprijs voor de gronden berekend over negen maanden in plaats van de correcte acht maanden (1 mei t/m 31 december 2022), wat leidt tot een bedrag van €191.114,67 in plaats van het door het hof gehanteerde €215.004,--. Een derde fout in de optelling (rov. 4.70) was al hersteld bij herstelarrest van 18 februari 2025 en miste daardoor belang in cassatie. De uitspraak heeft beperkte precedentwerking en is relevant voor de rekenkundige toetsing van pachtbedragen in hogerberoepsprocedures.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 30 juli 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Civiel recht

ECLI:NL:GHDHA:2026:2273Middel
Aansprakelijkheidsrecht
Civiel recht

ECLI:NL:GHDHA:2026:2273, Gerechtshof Den Haag, 21-07-2026, 200.358.246/01

Gerechtshof Den Haag21 jul 2026SchadevergoedingAansprakelijkheid
35/100Bekijk
ECLI:NL:GHAMS:2026:1980Laag
Huurrecht
Civiel recht

ECLI:NL:GHAMS:2026:1980, Gerechtshof Amsterdam, 21-07-2026, 200.363.808/01

Gerechtshof Amsterdam21 jul 2026AansprakelijkheidVastgoed
22/100Bekijk
ECLI:NL:GHDHA:2026:2272Laag
Aansprakelijkheidsrecht
Civiel recht

ECLI:NL:GHDHA:2026:2272, Gerechtshof Den Haag, 21-07-2026, 200.358.634/01

Gerechtshof Den Haag21 jul 2026SchadevergoedingAansprakelijkheid
28/100Bekijk
ECLI:NL:GHDHA:2026:2278Laag
Aansprakelijkheidsrecht
Civiel recht

ECLI:NL:GHDHA:2026:2278, Gerechtshof Den Haag, 21-07-2026, 200.359.123/01

Gerechtshof Den Haag21 jul 2026SchadevergoedingAansprakelijkheid
28/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied