Beide partijen mogen aanwezig zijn bij taxatie woonark
ECLI:NL:GHAMS:2025:2164, Gerechtshof Amsterdam, 12-08-2025, 200.320.560/01
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)(vervolg op 13-5-25) definitieve benoeming van deskundige na reactie partijen op voornemen van het hof tot benoeming deskundige. Eiduitspraak ECLI:NL:GHAMS:2026:1851 Tussenuitspraak ECLI:NL:GHAMS:2025:1240 ECLI:NL:GHAMS:2024:2795 ECLI:NL:GHAMS:2024:706
Kern van de zaak
Een man en vrouw zijn verwikkeld in een civiele procedure (vermoedelijk echtscheiding/verdeling) waarbij een woonark getaxeerd moet worden. De man wil aanwezig zijn bij de taxatie, maar de vrouw, die in de woonark woont, verzet zich hiertegen.
Beslissing van de rechter
Het hof beslist dat zowel de man als de vrouw én hun advocaten in de gelegenheid moeten worden gesteld aanwezig te zijn bij de taxatie van de woonark. De doorslaggevende reden is de Leidraad deskundigen in civiele zaken (art. 11.4), die voorschrijft dat partijen bij een bezichtiging aanwezig mogen zijn; het hof ziet geen aanleiding hiervan af te wijken.
Impactscore
LaagHet betreft een procedurebeschikking in een individuele verdelingszaak zonder nieuwe rechtsvragen; de beslissing past naadloos binnen de bestaande Leidraad deskundigen en heeft geen precedentwerking buiten deze zaak.
Belangrijkste punten
- 1De Leidraad deskundigen in civiele zaken (art. 11.4) verplicht de deskundige partijen tijdig te informeren over en toe te laten bij bezichtiging van het te taxeren object.
- 2Het hof wijkt niet af van de Leidraad, ondanks de bezwaren van de vrouw tegen aanwezigheid van de man in haar woonark.
- 3De benoeming van de deskundige is nog niet definitief omdat de man tijdig opmerkingen heeft gemaakt over de benoeming.
- 4Er bestaat een discrepantie tussen de overwegingen (sequentiële reactiemogelijkheid) en het dictum (gelijktijdige reactietermijn van vier weken) in de beschikking van 13 mei 2025, waarop de man wijst.
- 5De procedure betreft vermoedelijk de verdeling van de huwelijksgemeenschap of afwikkeling samenwoning waarbij de waardebepaling van de woonark centraal staat.
Impactanalyse
Juridische impact
Het hof bevestigt de toepasselijkheid van de Leidraad deskundigen in civiele zaken bij bezichtigingen, ook wanneer het te taxeren object de woning van een van de partijen is. Dit biedt geen ruimte voor uitzonderingen op procedurele gronden zonder bijzondere omstandigheden.
Praktische impact
De man heeft het recht bij de taxatie van de woonark aanwezig te zijn, ook al woont de vrouw daarin; partijen en hun advocaten dienen tijdig uitgenodigd te worden door de deskundige.
Onderwerp-impact
In echtscheidings- en verdelingsprocedures waarbij een woonobject getaxeerd wordt, kunnen bewoners aanwezigheid van de andere partij bij taxatie niet eenzijdig weigeren op grond van de Leidraad deskundigen.
Samenvatting
In deze procedure bij het Gerechtshof Amsterdam, die vermoedelijk ziet op de verdeling van een huwelijksgemeenschap of samenlevingsrelatie, speelt een geschil over de taxatie van een woonark. Bij beschikking van 13 mei 2025 had het hof reeds een deskundigenonderzoek bevolen ter waardebepaling van de woonark. Naar aanleiding van die beschikking hebben beide partijen berichten ingediend. De man wenste aanwezig te zijn bij de taxatie; de vrouw – die in de woonark woont – verzette zich hiertegen. Subsidiair stelde de man dat als hij niet aanwezig mocht zijn, de vrouw en haar partner evenmin aanwezig mochten zijn. Het hof oordeelt dat de Leidraad deskundigen in civiele zaken van toepassing is. Op grond van artikel 11.4 van deze Leidraad is de deskundige gehouden partijen en hun advocaten tijdig te informeren over een voorgenomen bezichtiging en hen in de gelegenheid te stellen daarbij aanwezig te zijn. Het hof ziet geen aanleiding van deze regel af te wijken, ook niet vanwege het feit dat de woonark tevens de woning van de vrouw is. Dit betekent dat zowel de man als de vrouw, alsmede hun respectieve advocaten, in de gelegenheid moeten worden gesteld bij de taxatie aanwezig te zijn. Daarnaast signaleert het hof een procedureel punt: de man heeft opmerkingen gemaakt over de benoeming van de deskundige, waardoor de benoeming van de beoogde taxateur nog niet definitief is. Tevens bestaat er een discrepantie tussen de overwegingen en het dictum van de beschikking van 13 mei 2025 inzake de reactiemogelijkheid op het taxatierapport, waarop het hof nog zal ingaan. De zaak illustreert hoe proceduregels uit de Leidraad deskundigen directe werking hebben in de praktijk van verdelingsprocedures.