ECLI:NL:RVS:2026:4413, Raad van State, 29-07-2026, 202403011/1/A2
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Bij besluit van 6 september 2022 heeft het Instituut Mijnbouwschade Groningen de aanvraag van [appellant] om een vergoeding van waardedaling van zijn woning afgewezen. De Afdeling heeft op de zitting van 12 juni 2026 vier door [appellant] aanhangig gemaakte zaken behandeld. De vier zaken gaan over: 1. de fysieke mijnbouwschade aan de woning (zaak 202403009/1/A2); 2. de afgewezen vergoeding voor de waardedaling van de woning (onderhavige zaak 202403011/1/A2); 3. de beslissing om de woning in aanmerking te laten komen voor een beoordeling aan de veiligheidsnorm (zaak 202403017/1/A2); en de daaropvolgende 4. feitelijke toevoeging van het adres van de woning aan het Lokaal Plan van Aanpak ten behoeve van de uitvoering van de inhoudelijke beoordeling aan de veiligheidsnorm (zaak 202403015/1/A2). Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de aanvraag om vergoeding van waardedaling van de woning van [appellant]. De Afdeling doet vandaag ook uitspraak in de drie andere in nummer 1 genoemde zaken. [appellant] is sinds 1991 eigenaar van de vrijstaande woning aan de [locatie] in Groningen. De woning is in zijn opdracht gebouwd. Hij verricht vanuit de woning ook beroepsmatig werkzaamheden. Op 2 augustus 2022 heeft het Instituut de aanvraag van [appellant] om vergoeding van de waardedaling van zijn woning ontvangen.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.