JurispRadar
ECLI:NL:GHSHE:2026:451Laag28/100

Sleeongeluk achter buggy: aansprakelijkheid bestuurder en verzekeraar

ECLI:NL:GHSHE:2026:451, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 24-02-2026, 200.339.941_01

Gerechtshof 's-HertogenboschUitspraak: 24 februari 2026Publicatie: 24 februari 2026
Procedure:Hoger beroep
Zaaknummer:200.339.941_01
Aansprakelijkheidsrecht
Civiel recht
Verbintenissenrecht
Schadevergoeding
Verzekering
Aansprakelijkheid
Letselschade
Wam Verzekering
Motorrijtuig
Recreatief Gebruik
Sleeongeluk

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Ongeluk met slee achter buggy; is bestuurder van buggy aansprakelijk? Is art. 185 WVW van toepassing?

Kern van de zaak

Een 20-jarige jongeman raakte gewond tijdens een sleesessie waarbij een slee achter een buggy werd getrokken op 7 februari 2021. Hij vordert bij het hof een verklaring voor recht dat de bestuurder van de buggy en diens verzekeraar Allianz aansprakelijk zijn voor zijn schade, alsmede een voorschot van € 50.000.

Beslissing van de rechter

De beslissing van het hof is op basis van de beschikbare tekst niet volledig weergegeven; de overwegingen zijn afgebroken en de eindbeslissing ontbreekt. Op basis van de beschikbare fragmenten kan de uitkomst (toewijzing of afwijzing) niet met zekerheid worden vastgesteld.

28van 100

Impactscore

Laag

Het betreft een casuïstische uitspraak van een gerechtshof over een individueel letselschadegeschil; de beslissing zelf ontbreekt in de aangeleverde tekst, wat de beoordeelbaarheid en precedentwerking beperkt.

Belangrijkste punten

  • 1Op 7 februari 2021 werd een houten slee met een touw aan een buggy gebonden om te sleeën over een besneeuwd grasveld in [woonplaats].
  • 2Appellant raakte gewond tijdens zijn tweede rondje, waarbij hij liggend op zijn buik op de slee plaatsnam en de buggy een bocht maakte.
  • 3De buggy was ten tijde van het ongeval voor aansprakelijkheid verzekerd bij Allianz.
  • 4Appellant vordert een verklaring voor recht van hoofdelijke aansprakelijkheid van de bestuurder en Allianz, plus een voorschot van € 50.000 op de schade.
  • 5De feitenvaststelling uit eerste aanleg is in hoger beroep niet betwist en geldt als uitgangspunt; de kern van het geschil betreft de aansprakelijkheidsvraag.

Impactanalyse

Juridische impact

De zaak betreft de aansprakelijkheid van een bestuurder van een motorrijtuig voor schade bij een recreatieve activiteit waarbij een slee aan het voertuig werd bevestigd, met mogelijke relevantie voor de toepassing van de WAM en artikel 185 WVW. De uitkomst is echter onzeker nu de beslissing in de aangeleverde tekst ontbreekt.

Praktische impact

Voor de gewonde appellant staat een schadevergoeding (nader op te maken bij staat) en een voorschot van € 50.000 op het spel; voor Allianz en de bestuurder betreft het de vraag of de verzekeringsaansprakelijkheid voor deze recreatieve context geldt.

Onderwerp-impact

De uitspraak raakt aan de vraag in hoeverre verzekeraars en bestuurders aansprakelijk zijn voor schade bij informele, risicovolle vrijetijdsactiviteiten waarbij een motorrijtuig wordt ingezet als trekkracht.

Samenvatting

Op 7 februari 2021 besloten vijf jongemannen in [woonplaats] een houten slee met een touw aan een buggy te binden en om beurten over een besneeuwd grasveld te worden voortgetrokken. Het was expliciet de bedoeling dat de sleders eraf zouden vallen. Tijdens zijn tweede rondje nam de twintigjarige appellant, anders dan de eerste keer, liggend op zijn buik op de slee plaats. Nadat hij over het grasveld was getrokken, maakte de buggy aan het einde van het veld een bocht terug. Op dat moment raakte appellant gewond. De bestuurder van de buggy, [geïntimeerde sub 1], had het voertuig ten tijde van het incident verzekerd bij Allianz. Appellant heeft in eerste aanleg gevorderd dat voor recht wordt verklaard dat [geïntimeerde sub 1] en/of Allianz hoofdelijk aansprakelijk zijn voor het hem overkomen ongeval en dat zij de schade – nader op te maken bij staat – dienen te vergoeden. Daarnaast vorderde hij een voorschot van € 50.000 en veroordeling van gedaagden in de proceskosten. In hoger beroep zijn de feiten zoals vastgesteld door de rechtbank niet betwist en gelden als uitgangspunt. Het hof heeft de zaak opnieuw beoordeeld aan de hand van de stukken uit eerste aanleg en hoger beroep. De centrale rechtsvraag is of de bestuurder van de buggy en diens WAM-verzekeraar aansprakelijk zijn voor de letselschade die is ontstaan tijdens een recreatieve activiteit waarbij de slee aan het voertuig was bevestigd. De volledige beslissing van het hof is op basis van de beschikbare tekst niet weergegeven en kan daarom niet worden gerapporteerd. Of de vorderingen zijn toe- of afgewezen, en op welke gronden, blijft onzeker. Wel staat vast dat het hof de zaak inhoudelijk in behandeling heeft genomen en de feitelijke grondslag van het geschil heeft vastgesteld.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 1 augustus 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Aansprakelijkheidsrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4428Laag
Bestuursrecht
Aansprakelijkheidsrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4428, Raad van State, 29-07-2026, 202505653/1/A3

Raad van State29 jul 2026SchadevergoedingOverheid
28/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:4414Laag
Bestuursrecht
Aansprakelijkheidsrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4414, Raad van State, 29-07-2026, 202403009/1/A2

Raad van State29 jul 2026SchadevergoedingOverheid
28/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:4434Middel
Bestuursrecht
Aansprakelijkheidsrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4434, Raad van State, 29-07-2026, 202306264/4/R3

Raad van State29 jul 2026SchadevergoedingAansprakelijkheid
38/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:4413Middel
Bestuursrecht
Aansprakelijkheidsrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4413, Raad van State, 29-07-2026, 202403011/1/A2

Raad van State29 jul 2026SchadevergoedingOverheid
38/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied