JurispRadar
ECLI:NL:GHSHE:2026:1033Laag22/100

Ontslag op staande voet werknemer rechtsgeldig bevestigd door hof

ECLI:NL:GHSHE:2026:1033, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 16-04-2026, 200.362.026_01

Gerechtshof 's-HertogenboschUitspraak: 16 april 2026Publicatie: 16 april 2026
Procedure:Hoger beroep
Zaaknummer:200.362.026_01
Arbeidsrecht
Verbintenissenrecht
Arbeidsrelaties
Aansprakelijkheid
Hoger Beroep
Ontslag Op Staande Voet
Billijke Vergoeding
Transitievergoeding
Cao Indeling

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Rechtsgeldigheid ontslag op staande voet, dringende reden, inbraak in de computer werkgever, digitale bestanden gedownload via usb stick. Arbeidsrecht WWZ.

Kern van de zaak

Een werknemer werd op 23 april 2025 op staande voet ontslagen door zijn werkgever. De werknemer vocht dit ontslag aan bij de kantonrechter, die de vordering tot vernietiging afwees. De werknemer ging in hoger beroep en vorderde billijke vergoeding, transitievergoeding en gefixeerde schadevergoeding.

Beslissing van de rechter

Het hof wijst alle door de werknemer gevorderde vergoedingen (billijke vergoeding, transitievergoeding en gefixeerde schadevergoeding) af. Het hof oordeelt, evenals de kantonrechter, dat het ontslag op staande voet rechtsgeldig is gegeven; de doorslaggevende reden voor de rechtsgeldigheid wordt in de beschikbare tekst niet volledig uitgewerkt, maar het hof bevestigt de beslissing van de kantonrechter.

22van 100

Impactscore

Laag

Het betreft een feitelijk casuïstische arbeidsrechtelijke beschikking van een gerechtshof zonder aanwijsbare precedentwerking; de uitspraak past binnen de bestaande rechtspraak over ontslag op staande voet en stelt geen nieuwe rechtsregels.

Belangrijkste punten

  • 1Het hof bevestigt het oordeel van de kantonrechter dat het ontslag op staande voet op 23 april 2025 rechtsgeldig was.
  • 2Alle door de werknemer verzochte vergoedingen (billijk, transitie, gefixeerd) worden afgewezen.
  • 3De werknemer dreef met toestemming van de werkgever een eigen onderneming op hetzelfde adres, wat mogelijk relevant is voor de ontslaggrond.
  • 4Partijen verschilden tevens van mening over de toepasselijke functiegroep conform de cao en een eventuele schadevergoedingsaanspraak.
  • 5De uitspraaktekst is onvolledig; de volledige motivering van de dringende reden voor het ontslag op staande voet ontbreekt in de beschikbare tekst.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak bevestigt de strenge toets bij ontslag op staande voet en onderstreept dat hogere rechters terughoudend zijn om een onverwijlde opzegging te vernietigen wanneer de kantonrechter deze al rechtsgeldig heeft bevonden. De volledige juridische motivering ontbreekt echter in de beschikbare tekst.

Praktische impact

De werknemer ontvangt geen enkele vergoeding en staat met lege handen na het hoger beroep; de werkgever (of diens erfgenamen) ziet het ontslag op staande voet in stand gehouden en wordt slechts geconfronteerd met de afhandeling van proceskosten.

Onderwerp-impact

Voor arbeidsrelaties waarbij een werknemer naast zijn dienstverband ook een eigen onderneming drijft op het adres van de werkgever, benadrukt deze zaak het belang van heldere afspraken en het risico van ontslag op staande voet bij vertrouwensbreuk of wangedrag.

Samenvatting

In deze arbeidsrechtelijke procedure stond de rechtsgeldigheid van een ontslag op staande voet centraal. De werknemer, geboren in 1982, was sinds 2020 in dienst bij de werkgever als algemeen en technisch medewerker, aanvankelijk voor bepaalde tijd en vanaf 1 februari 2021 voor onbepaalde tijd. Met toestemming van de werkgever dreef de werknemer vanaf 1 februari 2022 ook een eigen onderneming op hetzelfde adres. De werknemer had daarnaast een geschiedenis van financiële problemen, waarvan de werkgever op de hoogte was. In oktober 2021 kocht de werknemer een Volkswagen Caddy van de werkgever voor ruim € 11.499,-, welk bedrag hij in termijnen contant voldeed. Op 23 april 2025 werd de werknemer op staande voet ontslagen. Hij verzocht de kantonrechter deze opzegging te vernietigen en vorderde diverse vergoedingen, waaronder een billijke vergoeding, transitievergoeding en gefixeerde schadevergoeding. De kantonrechter wees de verzoeken af. In hoger beroep handhaafde het Gerechtshof 's-Hertogenbosch dit oordeel: het ontslag op staande voet was rechtsgeldig gegeven en alle gevorderde vergoedingen worden afgewezen. Daarnaast lagen er geschilpunten over de toepasselijke functiegroep conform de cao en een mogelijke aanspraak op schadevergoeding in verband daarmee. De uitspraaktekst is echter onvolledig overgeleverd, waardoor de precieze dringende reden en de volledige motivering van het hof niet kunnen worden vastgesteld. Opvallend is dat de werkgever inmiddels is overleden en diens erfgenamen als procespartij optreden. De zaak heeft een beperkt precedentkarakter en betreft een feitelijke toetsing van de ontslaggrond in een individuele arbeidsrelatie.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 29 juli 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Arbeidsrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4304Laag
Arbeidsrecht
Bestuursrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4304, Raad van State, 22-07-2026, 202502858/1/A3

Raad van State22 jul 2026ArbeidsrelatiesOverheid
28/100Bekijk
ECLI:NL:GHAMS:2026:1901Laag
Arbeidsrecht
Burgerlijk procesrecht

ECLI:NL:GHAMS:2026:1901, Gerechtshof Amsterdam, 14-07-2026, 200.355.748/01

Gerechtshof Amsterdam14 jul 2026ArbeidsrelatiesDienstverlening
18/100Bekijk
ECLI:NL:RBDHA:2026:18633Middel
Arbeidsrecht
Privacyrecht / AVG

ECLI:NL:RBDHA:2026:18633, Rechtbank Den Haag, 07-07-2026, 12156440 \ RP VERZ 26-50366

Rechtbank Den Haag7 jul 2026ArbeidsrelatiesDatabescherming
38/100Bekijk
ECLI:NL:GHDHA:2026:2130Laag
Arbeidsrecht
Verbintenissenrecht

ECLI:NL:GHDHA:2026:2130, Gerechtshof Den Haag, 07-07-2026, 200.349.262/01

Gerechtshof Den Haag7 jul 2026ArbeidsrelatiesRetail
28/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied