JurispRadar
ECLI:NL:RVS:2026:5699Laag22/100

RvS verwerpt beroep tegen omgevingsvergunning appartementen Rijssen

ECLI:NL:RVS:2026:5699, Raad van State, 22-09-2026, 202601669/1/R3 en 202601669/2/R3

Raad van StateUitspraak: 22 september 2026Publicatie: 25 september 2026
Zaaknummer:202601669/1/R3 en 202601669/2/R3
Bestuursprocesrecht
Omgevingsrecht
Vastgoed
Vergunningen
Ruimtelijke Ordening
Omgevingsvergunning
Voorlopige Voorziening
Woningbouw
Erfdienstbaarheid
Privaatrechtelijke Belemmering

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Deze uitspraak gaat over de omgevingsvergunning die het college van burgemeester en wethouders van Rijssen-Holten bij besluit van 23 december 2024 aan VAB heeft verleend voor het bouwen van vijf appartementen, verdeeld over twee los van elkaar staande gebouwen. [appellante] woont naast het perceel waarop de appartementen zijn voorzien en voert daar ook een bedrijf. [appellante] vindt het onzorgvuldig dat de omgevingsvergunning voor het bouwen van de appartementen is verleend, terwijl het bestemmingsplan dat daaraan ten grondslag ligt nog niet onherroepelijk is.

Kern van de zaak

Appellante, een bedrijf in Rijssen, verzet zich tegen de omgevingsvergunning voor vijf appartementen naast haar perceel. Zij stelt dat een erfdienstbaarheid van weg een evidente privaatrechtelijke belemmering vormt en dat het nog niet onherroepelijke bestemmingsplan onzorgvuldige verlening oplevert. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellante hoger beroep instelde bij de Raad van State.

Beslissing van de rechter

De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af. De doorslaggevende reden is dat de aangevoerde privaatrechtelijke erfdienstbaarheid en de verenigbaarheid met de bedrijfsvoering geen wettelijke weigeringsgronden zijn voor de verlening van een omgevingsvergunning voor bouwen.

22van 100

Impactscore

Laag

De uitspraak betreft een mondelinge uitspraak van een voorzieningenrechter in een individuele zaak en bevestigt reeds bestaande rechtspraak over privaatrechtelijke belemmeringen bij omgevingsvergunningen; er worden geen nieuwe rechtsregels gesteld.

Belangrijkste punten

  • 1Privaatrechtelijke belemmeringen zoals een erfdienstbaarheid vormen in beginsel geen weigeringsgrond voor een omgevingsvergunning voor bouwen.
  • 2Het feit dat het onderliggende bestemmingsplan nog niet onherroepelijk is, maakt verlening van de omgevingsvergunning niet onzorgvuldig.
  • 3De voorzieningenrechter maakt gebruik van artikel 8:86 Awb om direct uitspraak te doen op het hoger beroep, gecombineerd met de voorlopige voorzieningsprocedure.
  • 4De rechtbank Overijssel had het beroep eerder al ongegrond verklaard; de Raad van State onderschrijft dit oordeel volledig.
  • 5Zowel het hoger beroep als het verzoek om voorlopige voorziening worden afgewezen.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak bevestigt de vaste lijn dat privaatrechtelijke kwesties zoals erfdienstbaarheden buiten de toetsing van een omgevingsvergunning voor bouwen vallen en door de bestuursrechter niet als weigeringsgrond kunnen worden aangemerkt. Dit sluit aan bij het onderscheid tussen publiekrechtelijke toetsing en civielrechtelijke verhoudingen.

Praktische impact

Appellante kan de bouw van de vijf appartementen naast haar bedrijf niet via het bestuursrechtelijke spoor tegenhouden; eventuele geschillen over de erfdienstbaarheid dienen via de civiele rechter te worden beslecht.

Onderwerp-impact

Voor projecten in de gebouwde omgeving bevestigt deze uitspraak dat naburige bedrijven privaatrechtelijke bezwaren niet kunnen inbrengen in een bestuursrechtelijke vergunningsprocedure, wat de voortgang van woningbouwprojecten in gemengd gebied ten goede komt.

Samenvatting

Deze zaak draait om een omgevingsvergunning die het college van burgemeester en wethouders van Rijssen-Holten op 23 december 2024 heeft verleend aan VAB Architecten voor de bouw van vijf appartementen, verdeeld over twee losstaande gebouwen. Appellante, een bedrijf gevestigd naast het betreffende perceel, maakte bezwaar en stelde beroep in bij de rechtbank Overijssel. Zij betoogde dat de verlening onzorgvuldig was, onder meer omdat het ten grondslag liggende bestemmingsplan nog niet onherroepelijk was, en dat een bestaande erfdienstbaarheid van weg een evidente privaatrechtelijke belemmering vormt die aan verlening van de vergunning in de weg staat. De rechtbank verklaarde het beroep op 21 april 2026 ongegrond. Appellante stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening teneinde de bouw te schorsen. De voorzieningenrechter van de Raad van State behandelde beide procedures gelijktijdig en deed met toepassing van artikel 8:86 Awb direct uitspraak op het hoger beroep. De uitkomst is dat de aangevallen uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen. De voorzieningenrechter overweegt dat de door appellante aangevoerde privaatrechtelijke erfdienstbaarheid en de vraag naar de verenigbaarheid van de bedrijfsvoering met de nabijgelegen appartementen geen weigeringsgronden zijn in het kader van een omgevingsvergunning voor bouwen. Dit bevestigt de vaste bestuursrechtelijke lijn dat civielrechtelijke kwesties tussen private partijen buiten de publiekrechtelijke vergunningstoetsing vallen en zo nodig via de burgerlijke rechter moeten worden beslecht. Voor appellante betekent dit dat de bouwwerkzaamheden bestuursrechtelijk niet kunnen worden tegengehouden.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 30 september 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Bestuursprocesrecht

Raad van State·30 sep 2026
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Vastgoed
Vergunningen
ECLI:NL:RVS:2026:5805

RvS beoordeelt omgevingsvergunning recreatiewoning in strijd met bestemmingsplan

28/100Bekijk
Raad van State·30 sep 2026
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Vergunningen
Milieu
ECLI:NL:RVS:2026:5774

Bestemmingsplan Emmen vernietigd wegens onvoldoende waterhuishoudkundige borging

34/100Bekijk
Raad van State·30 sep 2026
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Overheid
Vergunningen
ECLI:NL:RVS:2026:5803

Raad van State beoordeelt herstelbesluit bestemmingsplan Schiermonnikoog

22/100Bekijk
Raad van State·30 sep 2026
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Vastgoed
Vergunningen
ECLI:NL:RVS:2026:5808

Bestemmingsplan Den Ham deels vernietigd wegens gebrekkige geluidbeoordeling

38/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied