JurispRadar
ECLI:NL:RVS:2026:3182Middel38/100

Omgevingsvergunning permanente bewoning recreatieappartementen herroepen

ECLI:NL:RVS:2026:3182, Raad van State, 03-06-2026, 202304853/1/R1

Raad van StateUitspraak: 3 juni 2026Publicatie: 3 juni 2026
Procedure:Hoger beroep
Zaaknummer:202304853/1/R1
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Omgevingsrecht
Vastgoed
Vergunningen
Ruimtelijke Ordening
Omgevingsvergunning
Permanente Bewoning
Vereniging Van Eigenaars
Recreatieappartementen
Belanghebbende

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Bij besluit van 22 juni 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Schagen aan Bouwadviesbureau C&G Partners B.V. vergunning verleend voor het wijzigen van het gebruik van recreatieve appartementen naar permanente bewoning op het perceel Burgerweg 9, appartementen 1 tot en met 20, in Burgerbrug. Op het perceel zijn aanwezig restaurant De Brugwachter en appartementencomplex Residenz Polderblick met 20 appartementen en 21 bergingen. In het verleden is de eigendom gesplitst in een gedeelte met restaurant met berging en een privégedeelte met appartementen en bergingen. Ten behoeve van deze hoofdsplitsing is de Vereniging van Eigenaars Polderblick opgericht. Het privégedeelte met appartementen en bergingen is vervolgens verder opgesplitst in 20 recreatieve appartementen en 21 bergingen. Ten behoeve van deze ondersplitsing is de Vereniging opgericht. Het college heeft bij besluit op bezwaar van 23 december 2021 de verleende omgevingsvergunning herroepen. Het college heeft daaraan ten grondslag gelegd dat de Vereniging geen belanghebbende is bij haar verzoek om omgevingsvergunning.

Kern van de zaak

Westomij, eigenaar van restaurant op hetzelfde perceel als appartementencomplex Residenz Polderblick, maakte bezwaar tegen een omgevingsvergunning voor het wijzigen van gebruik van 20 recreatieve appartementen naar permanente bewoning. Het college had de vergunning verleend op aanvraag van een bouwadviesbureau namens de appartementseigenaren.

Beslissing van de rechter

De Raad van State beoordeelt het hoger beroep op basis van het recht zoals dat gold vóór 1 januari 2024. Het college heeft de omgevingsvergunning bij besluit op bezwaar herroepen op de grond dat de Vereniging van Eigenaars geen belanghebbende is bij haar verzoek om omgevingsvergunning, omdat de vergunning betrekking heeft op de privégedeelten van de appartementseigenaren.

38van 100

Impactscore

Middel

De uitspraak heeft relevantie voor de praktijk van omgevingsvergunningaanvragen in VvE-verband en de afbakening van het belanghebbendebegrip, maar betreft een casuïstische toepassing van bestaande beginselen zonder fundamentele koerswijziging.

Belangrijkste punten

  • 1Op grond van het overgangsrecht blijft het pre-Omgevingswet recht (vóór 1 januari 2024) van toepassing op dit hoger beroep.
  • 2De aanvraag was abusievelijk ingediend namens alle 20 appartementseigenaren, terwijl één eigenaar niet had ingestemd; dit werd hersteld via een gewijzigde aanvraag door de Vereniging.
  • 3Het college heeft de aanvankelijk verleende omgevingsvergunning herroepen omdat de Vereniging van Eigenaars niet als belanghebbende kan worden aangemerkt voor vergunningverlening betreffende privégedeelten.
  • 4De zaak speelt in de context van een gesplitst eigendomscomplex met een hoofd- en ondersplitsing in VvE-verband, met Westomij als eigenaar van het restaurantgedeelte.
  • 5De uitspraak betreft de beoordeling door de Raad van State in hoger beroep van het besluit op bezwaar van 23 december 2021.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak verduidelijkt de grenzen van het belanghebbendebegrip van een Vereniging van Eigenaars bij omgevingsvergunningaanvragen die betrekking hebben op privégedeelten van individuele appartementseigenaren. Dit raakt de bevoegdheid van VvE's om namens leden vergunningaanvragen in te dienen.

Praktische impact

Appartementseigenaren en VvE's dienen er rekening mee te houden dat een VvE niet zonder meer als aanvrager of belanghebbende kan optreden voor omgevingsvergunningen die uitsluitend betrekking hebben op privégedeelten; individuele eigenaren dienen zelf of gezamenlijk de aanvraag in te dienen.

Onderwerp-impact

Voor de recreatieve vastgoedsector en met name eigenaren van recreatieappartementen betekent dit dat omzetting naar permanente bewoning nauwkeurig moet worden aangevraagd door de juiste rechtspersoon, met instemming van alle betrokken eigenaren.

Samenvatting

Dit hoger beroep bij de Raad van State betreft een geschil over een omgevingsvergunning voor het wijzigen van het gebruik van twintig recreatieve appartementen in appartementencomplex Residenz Polderblick naar permanente bewoning. Op hetzelfde perceel bevindt zich ook restaurant De Brugwachter, waarvan Westomij eigenaar is. De eigendomsstructuur is complex: er is een hoofdsplitsing in een restaurantgedeelte en een privégedeelte, en een verdere ondersplitsing in twintig appartementen en éénentwintig bergingen, met twee afzonderlijke Verenigingen van Eigenaars. In maart 2021 werd een omgevingsvergunning aangevraagd namens alle appartementseigenaren voor het wijzigen van het gebruik naar permanente bewoning. Na verlening van de vergunning bleek dat één eigenaar niet had ingestemd. Om dit formeel te herstellen, diende de Vereniging van Eigenaars in november 2021 een gewijzigde aanvraag in, die het college bij de bezwaarprocedure betrok. De centrale juridische vraag is of de Vereniging van Eigenaars als belanghebbende kon worden aangemerkt bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning die betrekking heeft op de privégedeelten van individuele eigenaren. Het college oordeelde van niet en herriep de eerder verleende vergunning. De Raad van State beoordeelt dit hoger beroep op basis van het recht zoals dat gold vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024. De uitspraak legt een belangrijk praktisch beginsel bloot: een VvE kan niet zonder meer als vergunningaanvrager of belanghebbende optreden voor plannen die uitsluitend de privésfeer van individuele appartementeigenaren raken. Dit heeft directe gevolgen voor de wijze waarop vergunningaanvragen in appartementencomplexen moeten worden georganiseerd, en is daarmee relevant voor de recreatieve vastgoedsector en eigenaren die permanente bewoning van recreatiewoningen nastreven.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 17 juli 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak
38van 100
MiddelLees toelichting ↓

Meer Bestuursrecht

ECLI:NL:CBB:2026:323Middel
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht

ECLI:NL:CBB:2026:323, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 14-07-2026, 25/232

College van Beroep voor het bedrijfsleven14 jul 2026ZorgHandhaving
38/100Bekijk
ECLI:NL:CBB:2026:324Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:CBB:2026:324, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 14-07-2026, 23/1898

College van Beroep voor het bedrijfsleven14 jul 2026OverheidHandhaving
22/100Bekijk
ECLI:NL:RBGEL:2026:5525Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RBGEL:2026:5525, Rechtbank Gelderland, 13-07-2026, AWB-25_4431 e.a.

Rechtbank Gelderland13 jul 2026HandhavingVastgoed
28/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1275Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1275, Hoge Raad, 10-07-2026, 26/01234

Hoge Raad10 jul 2026ArbeidsrelatiesOverheid
28/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied