Hoge Raad: bewindvoerder heeft recht op verhuisvergoeding zonder mentor
ECLI:NL:HR:2026:1277, Hoge Raad, 17-07-2026, 25/04267
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Personen- en familierecht. Beschermingsbewind. Art. 3 lid 5, aanhef en onder b, Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren. Heeft bewindvoerder recht op vergoeding voor werkzaamheden in verband met verhuizing van rechthebbende?
Kern van de zaak
Professionele bewindvoerder Veritas verrichtte administratieve werkzaamheden bij de verhuizing van een rechthebbende zonder mentor. Het hof oordeelde dat de bewindvoerder geen aanspraak kon maken op de forfaitaire verhuisvergoeding van art. 3 lid 5 sub b Regeling beloning. Veritas ging in cassatie tegen dit oordeel.
Beslissing van de rechter
De Hoge Raad behandelt het cassatiemiddel van Veritas, dat klaagt dat het hof ten onrechte de forfaitaire verhuisbeloning heeft geweigerd. Het middel betoogt dat administratieve verhuiswerkzaamheden niet tot de standaardwerkzaamheden van een bewindvoerder behoren en dat de afwezigheid van een mentor de aanspraak op de vergoeding juist activeert conform de Regeling beloning.
Impactscore
HoogDe Hoge Raad geeft uitleg aan een landelijk bindende beloningsregeling die voor alle professionele bewindvoerders en kantonrechters in Nederland geldt, waardoor de uitspraak structurele doorwerking heeft in de bewindvoeringspraktijk.
Belangrijkste punten
- 1Art. 3 lid 5 sub b Regeling beloning kent een forfaitaire vergoeding van € 388 toe bij verhuizing indien er geen mentor is aangesteld
- 2De Regeling beloning is ingevoerd als bindend instrument om rechtsverscheidenheid te beperken en uniforme beloningsregels te scheppen
- 3Het hof oordeelde dat administratieve verhuiswerkzaamheden tot standaardwerkzaamheden van de bewindvoerder behoren, hetgeen door het middel wordt betwist
- 4De aanwezigheid of afwezigheid van een mentor is wettelijk bepalend voor de aanspraak op de verhuisvergoeding
- 5Art. 1:447 lid 1 BW en art. 3 lid 6 Regeling beloning bieden de kantonrechter beperkte afwijkingsruimte bij uitzonderlijke omstandigheden
Impactanalyse
Juridische impact
De uitspraak verduidelijkt de reikwijdte van de forfaitaire verhuisvergoeding voor professionele bewindvoerders onder de Regeling beloning en heeft landelijke betekenis vanwege de bindende werking van die regeling voor alle kantonrechters.
Praktische impact
Professionele bewindvoerders die verhuizingen begeleiden van rechthebbenden zonder mentor kunnen zich beroepen op de forfaitaire vergoeding; kantonrechters kunnen deze niet zonder meer weigeren op grond van de redenering dat het om standaardwerkzaamheden gaat.
Onderwerp-impact
Voor de bewindvoeringspraktijk schept de uitspraak duidelijkheid over wanneer extra beloningscomponenten naast de jaarbeloning worden toegekend, wat relevant is voor de financiële bedrijfsvoering van professionele bewindvoerders.
Samenvatting
In deze cassatieprocedure staat de vraag centraal of een professionele bewindvoerder aanspraak kan maken op de forfaitaire verhuisvergoeding van € 388 op grond van art. 3 lid 5, aanhef en onder b, Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren, wanneer de rechthebbende is verhuisd en er geen mentor is aangesteld, maar de bewindvoerder uitsluitend administratieve werkzaamheden heeft verricht in dat kader. Bewindvoerder Veritas had bij de verhuizing van de rechthebbende diverse administratieve taken uitgevoerd. Het hof weigerde de extra verhuisbeloning toe te kennen, omdat het oordeelde dat dergelijke administratieve werkzaamheden tot de reguliere, door de jaarbeloning gedekte standaardwerkzaamheden van de bewindvoerder behoren. Veritas stelde cassatie in en betoogde dat (i) noch de wet, noch de Regeling beloning, noch de toelichting steun biedt voor de opvatting dat verhuisgerelateerde administratieve werkzaamheden standaardwerkzaamheden zijn, (ii) een verhuizing per definitie extra werk meebrengt, en (iii) de wettelijke koppeling aan de afwezigheid van een mentor een zelfstandig recht op de vergoeding schept, los van de aard van de verrichte werkzaamheden. De Regeling beloning is door de minister van Veiligheid en Justitie ingevoerd als bindend instrument om rechtsverscheidenheid te bestrijden. Art. 3 lid 5 sub b bepaalt expliciet dat naast de jaarbeloning een vergoeding wordt toegekend voor de verkoop of ontruiming van een woning, of — indien er geen mentor is — een verhuizing. Art. 1:447 lid 1 BW verplicht de kantonrechter de beloning overeenkomstig deze regeling vast te stellen, met slechts beperkte afwijkingsmogelijkheid bij uitzonderlijke omstandigheden (art. 3 lid 6). De Hoge Raad beoordeelt of het hof de Regeling beloning onjuist heeft uitgelegd door de forfaitaire verhuisvergoeding te weigeren. De uitspraak heeft landelijk belang omdat zij voor alle kantonrechters en professionele bewindvoerders duidelijkheid schept over de toepassingsvoorwaarden van deze forfaitaire post.