Gemeente niet aansprakelijk voor letsel bij terrasconstructie water
ECLI:NL:GHAMS:2026:2495, Gerechtshof Amsterdam, 01-09-2026, 200.344.514
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Duikongeval bij de Bogortuin te Amsterdam. Geen opstalaansprakelijkheid want geen gebrek in de zin van art. 6:174 BW; Geen aansprakelijkheid gemeente op grond van art. 6:162 BW. Risico zo klein en onwaarschijnlijk dat de gemeente daarmee geen rekening hoefde te houden en geen voorzorgsmaatregelen hoefde te nemen. Hoger beroep van vonnis Rb Amsterdam 21 februari 2024; ECLI:NL:RBAMS: 2024:1019
Kern van de zaak
Een particulier ([geïntimeerde]) stelde de gemeente aansprakelijk voor letselschade opgelopen bij een terrasconstructie nabij water, vermoedelijk door een gevaarlijke situatie met plotseling dieper wordend water achter een damwand. De rechtbank wees de vorderingen aanvankelijk toe, waarna de gemeente in hoger beroep ging.
Beslissing van de rechter
Het Gerechtshof Amsterdam vernietigt het vonnis van de rechtbank en wijst alle vorderingen van de geïntimeerde alsnog af. Doorslaggevend is het rapport van deskundige [naam 2] dat de feitelijke situatie ter plaatse genoegzaam beschrijft, waaruit het hof kennelijk concludeert dat de gemeente niet aansprakelijk kan worden gehouden voor het opgetreden letsel.
Impactscore
LaagHet betreft een feitelijke aansprakelijkheidszaak op gemeentelijk niveau zonder nieuwe rechtsvragen; de uitkomst is sterk afhankelijk van de specifieke feitelijke omstandigheden en de beschikbare deskundigenrapporten, waardoor de precedentwerking beperkt is.
Belangrijkste punten
- 1Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank volledig en wijst de vorderingen van de geïntimeerde af
- 2Een deskundigenrapport van 15 oktober 2024 met meetgegevens en foto's van de terrasconstructie is doorslaggevend voor het oordeel van het hof
- 3De situatie ter plaatse kenmerkt zich door ondiep water tot aan een damwand, met direct daarna aanzienlijk dieper water
- 4De geïntimeerde wordt veroordeeld in de proceskosten van beide instanties (eerste aanleg € 6.531,00 en hoger beroep € 5.614,99)
- 5De zaak kende een deelgeschilprocedure voorafgaand aan de bodemprocedure, hetgeen duidt op de complexiteit van de aansprakelijkheidsvraag
Impactanalyse
Juridische impact
De uitspraak verduidelijkt dat gemeenten niet zonder meer aansprakelijk zijn voor letsels bij terrasconstructies nabij water, waarbij deskundigenonderzoek naar de feitelijke situatie ter plaatse zwaar weegt bij de beoordeling van de aansprakelijkheidsvraag. De uitkomst bevestigt het belang van gedegen technisch bewijs bij overheidsaansprakelijkheidszaken.
Praktische impact
De geïntimeerde ziet zijn schadeclaim volledig afgewezen en wordt bovendien veroordeeld tot betaling van ruim € 12.000 aan proceskosten in beide instanties, wat een aanzienlijke financiële tegenvaller vormt. De gemeente c.s. wordt gevrijwaard van aansprakelijkheid voor de terrasconstructie.
Onderwerp-impact
Voor overheidsinstanties bevestigt deze uitspraak dat tijdig en gedegen technisch onderzoek naar de situatie ter plaatse essentieel is voor een succesvolle verdediging in aansprakelijkheidsprocedures betreffende publieke infrastructuur.
Samenvatting
In deze zaak in hoger beroep bij het Gerechtshof Amsterdam stond de aansprakelijkheid van een gemeente centraal voor letselschade die een particulier ([geïntimeerde]) had opgelopen bij een terrasconstructie nabij water. De situatie ter plaatse wordt gekenmerkt door een zone met ondiep water tot aan een damwand, waarna het water direct aanzienlijk dieper wordt — een potentieel gevaarlijke configuratie. De geïntimeerde had in eerste aanleg gelijk gekregen van de rechtbank, die de gemeente en een medegedaagde ([appellant 1]) hoofdelijk had veroordeeld in de proceskosten. De gemeente c.s. kwamen met veertien grieven in hoger beroep. Het hof bespreekt de zaak onderwerpsgewijs en hecht doorslaggevend belang aan het deskundigenrapport van [naam 2] van 15 oktober 2024, dat is gebaseerd op een ter plaatse onderzoek op 1 juli 2024 en meetgegevens, foto's en een feitelijke beschrijving van de terrasconstructie bevat. Dit rapport rijmt volgens het hof goed met de constructietekening die de gemeente eerder aan de geïntimeerde had verstrekt. De plaatsopneming door de rechtbank op 19 september 2023 bevatte geen meetgegevens en bevestigde slechts de globale waterdieptestructuur. Het hof ziet geen aanleiding te twijfelen aan de juistheid van de bevindingen van de gemeentelijke deskundige. Op grond hiervan vernietigt het hof het vonnis van de rechtbank volledig en wijst het alle vorderingen van de geïntimeerde af. De geïntimeerde wordt veroordeeld in de proceskosten van beide instanties: € 6.531,00 voor de eerste aanleg en € 5.614,99 voor het hoger beroep, te vermeerderen met wettelijke rente bij niet-tijdige betaling, alsmede nasalaris van € 189,00 (en eventueel € 98,00 extra bij betekening). De uitspraak illustreert het gewicht van technisch deskundigenonderzoek in overheidsaansprakelijkheidszaken.