RvS beoordeelt natuurvergunning militaire oefenrange Vliehors
ECLI:NL:RVS:2026:615, Raad van State, 04-02-2026, 202407825/1/R2
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Bij besluit van 28 februari 2022 heeft de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit aan de Staat der Nederlanden, vertegenwoordigd door de staatssecretaris van Defensie, een vergunning op grond van artikel 2.7 van de Wet natuurbescherming (hierna: Wnb) verleend voor militaire trainingsactiviteiten op de Vliehors Range op Vlieland. De Vliehors Range is een militair terrein op het westelijke deel van Vlieland, dat sinds 1948 door het ministerie van Defensie wordt geëxploiteerd. Op de Vliehors Range vinden het gehele jaar door militaire vliegoefeningen plaats. De range wordt door Nederland en haar NAVO-bondgenoten gebruikt om te oefenen met boordkanonnen, raketten en bommen. Tijdens die oefeningen wordt door jachtvliegtuigen en helikopters langs bepaalde routes gevlogen, waarbij doelen vanuit verschillende posities kunnen worden aangevallen. De Vliehors Range is het enige militaire terrein in Nederland waar dit soort oefeningen kunnen plaatsvinden.
Kern van de zaak
Het ministerie van Defensie exploiteert de Vliehors Range op Vlieland, het enige militaire terrein in Nederland voor vliegoefeningen met wapensystemen. De activiteiten liggen in en nabij meerdere Natura 2000-gebieden. In een geschil over de verleende natuurvergunning procederen zowel de staatssecretarissen van Defensie en LVVN als de Waddenvereniging en Natuurmonumenten in hoger beroep over de motivering van de referentiesituatie op de referentiedatum.
Beslissing van de rechter
De uitspraak betreft een hoger beroepsprocedure bij de Raad van State; op basis van de beschikbare tekst is de eindbeslissing niet volledig weergegeven. De staatssecretarissen bestrijden het oordeel van de rechtbank dat de referentiesituatie onvoldoende is gemotiveerd, terwijl de Waddenvereniging en Natuurmonumenten incidenteel hoger beroep instellen tegen het door de rechtbank toegepaste beoordelingskader.
Impactscore
HoogDe Raad van State beoordeelt een principiële vraag over de referentiesituatiedoctrine bij militair gebruik in Natura 2000-gebieden, met nationale veiligheidsbelangen en omvangrijke ecologische beschermingsplichten als tegenpolen. De uitkomst heeft precedentwerking voor defensiegerelateerde omgevingsvergunningen.
Belangrijkste punten
- 1De aanvraag is ingediend vóór 1 januari 2024, zodat de Wet natuurbescherming (Wnb) van toepassing blijft op grond van het overgangsrecht van de Aanvullingswet natuur Omgevingswet.
- 2De Vliehors Range is het enige militaire oefenterrein in Nederland voor vliegoefeningen met boordkanonnen, raketten en bommen door Nederland en NAVO-bondgenoten.
- 3De range ligt in en nabij vijf Natura 2000-gebieden; de referentiedatum is 10 juni 1994 (vroegste beschermingsmoment onder de Habitatrichtlijn).
- 4De rechtbank oordeelde dat de referentiesituatie op de referentiedatum niet toereikend is gemotiveerd en onzorgvuldig is vastgesteld; dit oordeel wordt in hoger beroep bestreden.
- 5Zowel overheid (Defensie/LVVN) als natuurorganisaties (Waddenvereniging, Natuurmonumenten) procederen in hoger beroep, met tegengestelde bezwaren over het juridisch beoordelingskader.
Impactanalyse
Juridische impact
De zaak is juridisch relevant voor de toepassing van de referentiesituatiedoctrine onder de Wnb/Habitatrichtlijn bij langdurig bestaand militair gebruik in Natura 2000-gebieden. De uitkomst kan verduidelijken welke motiveringsstandaard geldt bij de vaststelling van de referentiesituatie op de referentiedatum.
Praktische impact
Voor Defensie is de continuïteit van de enige Nederlandse militaire luchtwapenrange in het geding; een ontoereikende vergunning zou de NAVO-oefencapaciteit ernstig beperken. Voor de betrokken Natura 2000-gebieden en de waddennatuur is de uitkomst bepalend voor de mate van bescherming tegen militair geluid en emissies.
Onderwerp-impact
De zaak raakt direct aan de spanning tussen militaire operationele belangen en de bescherming van kwetsbare wadden- en duinennatuur. Een streng motiveringscriterium voor de referentiesituatie kan richtinggevend zijn voor vergelijkbare defensie- en infrastructuurvergunningen nabij Natura 2000-gebieden.
Samenvatting
De Vliehors Range op Vlieland is sinds 1948 het enige militaire terrein in Nederland waar vliegoefeningen met boordkanonnen, raketten en bommen kunnen worden uitgevoerd door Nederland en haar NAVO-bondgenoten. Het terrein ligt in en nabij vijf Natura 2000-gebieden, waaronder de Waddenzee en de Noordzeekustzone. Voor de exploitatie van de range is een natuurvergunning verleend op grond van de Wet natuurbescherming (Wnb). Omdat de aanvraag dateert van 30 september 2020 — vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 — blijft de Wnb van toepassing op grond van het overgangsrecht in de Aanvullingswet natuur Omgevingswet. In eerste aanleg oordeelde de rechtbank dat de minister de referentiesituatie op de referentiedatum (10 juni 1994, het vroegste moment waarop de Habitatrichtlijn van toepassing werd op een van de betrokken gebieden) niet toereikend had gemotiveerd en onzorgvuldig had vastgesteld. De staatssecretarissen van Defensie en LVVN bestrijden dit oordeel in hoger beroep en stellen dat de referentiesituatie wél zorgvuldig en deugdelijk is onderbouwd. De Waddenvereniging en Natuurmonumenten hebben incidenteel hoger beroep ingesteld en richten zich op het beoordelingskader dat de rechtbank heeft gehanteerd, alsmede op de ruimte die de uitspraak biedt om de aard en omvang van de vergunde activiteiten alsnog vast te stellen. De Raad van State beoordeelt daarmee een principiële vraag: welke motiveringsstandaard geldt bij de vaststelling van de referentiesituatie voor langdurig bestaand militair gebruik in Natura 2000-gebieden, en welk beoordelingskader is daarvoor aangewezen? De eindbeslissing is op basis van de beschikbare tekst niet volledig kenbaar, maar de zaak heeft aanzienlijke precedentwaarde voor de vergunningverlening aan defensie-activiteiten in ecologisch gevoelige gebieden.