JurispRadar
ECLI:NL:RVS:2026:4486Middel54/100

Schelpenwinningsvergunning Waddenzee vernietigd door Raad van State

ECLI:NL:RVS:2026:4486, Raad van State, 05-08-2026, 202400951/1/R3

Raad van StateUitspraak: 5 augustus 2026Publicatie: 30 juli 2026
Procedure:Eerste aanleg - meervoudig
Zaaknummer:202400951/1/R3
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Omgevingsrecht
Vergunningen
Milieu
Energie
Omgevingswet Overgangsrecht
Waddenzee
Schelpenwinning
Ontgrondingsvergunning
Natuurbescherming

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Bij besluit van 22 december 2023 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat aan Visserijbedrijf Rousant B.V. een ontgrondingsvergunning verleend voor het winnen van 32.000 m3 schelpen per kalenderjaar uit de Waddenzee en Noordzeekustzone voor de periode tot en met 31 december 2025. De Waddenvereniging en de Vereniging Natuurmonumenten betogen dat er gelet op onderdeel C16.2 uit de bijlage behorende bij het Besluit mer ten onrechte geen milieueffectrapport is opgesteld. Volgens hen is de in totaal vergunde winningshoeveelheid van 160.000 m3 schelpen, waarvan de aan Visserijbedrijf Rousant B.V. vergunde winningshoeveelheid van 32.000 m3 onderdeel uitmaakt, te hoog, zodat de ontgrondingsvergunning is verleend in strijd met artikel 3 van de Beleidsregels ontgrondingen in rijkswateren 2022 (beleidsregels) en met het uitgangspunt uit paragraaf 3.2, onder m, van de PKB Derde Nota Waddenzee van januari 2007 (Derde Nota Waddenzee) dat niet meer mag worden gewonnen dan het langjarig gemiddelde van de natuurlijke netto schelpkalkproductie.

Kern van de zaak

De minister van Infrastructuur en Waterstaat verleende in december 2023 ontgrondingsvergunningen aan vier schelpenwinningsbedrijven voor het winnen van 160.000 m3 schelpen per jaar in de Waddenzee en Noordzeekustzone. De Waddenvereniging en de Vereniging Natuurmonumenten kwamen hiertegen in beroep. Het beroep richt zich specifiek op de vergunning van Visserijbedrijf Rousant B.V. voor 32.000 m3 schelpen.

Beslissing van de rechter

Het beroep van de Waddenvereniging en de Vereniging Natuurmonumenten is gegrond verklaard en de ontgrondingsvergunning van 22 december 2023 is vernietigd. De Afdeling bepaalt dat de minister geen nieuw besluit hoeft te nemen, omdat de vergunning inmiddels per 1 januari 2026 al was verlopen.

54van 100

Impactscore

Middel

De uitspraak is relevant voor het omgevings- en natuurbeschermingsrecht rondom de Waddenzee en verduidelijkt procesbelang na verlopen vergunningen, maar heeft beperkte directe gevolgen doordat geen nieuw besluit hoeft te worden genomen.

Belangrijkste punten

  • 1Oud recht (Ontgrondingenwet vóór 1 januari 2024) blijft van toepassing omdat de aanvraag vóór inwerkingtreding Omgevingswet was ingediend (6 november 2022).
  • 2Ondanks het verstrijken van de vergunningsduur op 1 januari 2026 hadden de natuurorganisaties nog procesbelang bij een inhoudelijke beoordeling.
  • 3Het beroep van de Waddenvereniging en de Vereniging Natuurmonumenten werd inhoudelijk gegrond bevonden.
  • 4De vernietiging heeft geen praktisch gevolg voor toekomstige winning omdat de minister geen nieuw besluit hoeft te nemen.
  • 5De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van € 1.087,32 aan de natuurorganisaties.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak verduidelijkt dat procesbelang kan blijven bestaan ook na het verstrijken van de vergunningsduur, en bevestigt de toepassing van het overgangsrecht bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet voor ontgrondingsaanvragen. De vernietiging van de vergunning schept een precedent voor de toetsing van schelpenwinning in de Waddenzee onder de Ontgrondingenwet.

Praktische impact

Visserijbedrijf Rousant B.V. ondervindt geen directe praktische gevolgen omdat de vergunning al verlopen was; voor toekomstige vergunningverlening voor schelpenwinning in de Waddenzee gelden de uitkomsten van deze procedure als toetssteen.

Onderwerp-impact

De uitspraak versterkt de rechtsbescherming van het Waddengebied als beschermd natuurgebied en legt beperkingen op aan commerciële schelpenwinning, met mogelijke gevolgen voor toekomstige vergunningaanvragen in dit gebied.

Samenvatting

Op 22 december 2023 verleende de minister van Infrastructuur en Waterstaat aan vier schelpenwinningsbedrijven, waaronder Visserijbedrijf Rousant B.V., ontgrondingsvergunningen voor het winnen van in totaal 160.000 m3 schelpen per jaar in de Waddenzee en Noordzeekustzone. Rousant verkreeg een vergunning voor 32.000 m3 per jaar, geldig tot en met 31 december 2025. De Waddenvereniging en de Vereniging Natuurmonumenten kwamen hiertegen in beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Een eerste juridische vraag betrof het toepasselijke recht: omdat de aanvraag was ingediend op 6 november 2022, dus vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024, bleef op grond van het overgangsrecht de Ontgrondingenwet zoals die gold vóór 2024 van toepassing. Een tweede preliminaire vraag betrof het procesbelang: nu de vergunning op 1 januari 2026 was verlopen, moest de Afdeling beoordelen of de appellanten nog belang hadden bij een inhoudelijke uitspraak. De Afdeling beantwoordde dit bevestigend, omdat procesbelang ook kan bestaan als de uitkomst van feitelijke betekenis is voor de appellant, ook al is de vergunning niet meer geldig. Inhoudelijk verklaarde de Afdeling het beroep gegrond en vernietigde zij de vergunning van 22 december 2023. Omdat de vergunning inmiddels was verlopen, werd bepaald dat de minister geen nieuw besluit hoeft te nemen. De minister werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van € 1.087,32 aan de natuurorganisaties. De uitspraak bevestigt het belang van rechterlijke toetsing van vergunningen voor activiteiten in gevoelige natuurgebieden zoals de Waddenzee, ook wanneer de praktische uitwerking ervan beperkt is door het verstrijken van de vergunde periode.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 8 augustus 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak
54van 100
MiddelLees toelichting ↓

Meer Bestuursrecht

Hoge Raad·18 sep 2026
Bestuursrecht
Belastingrecht
Overheid
Financiele Dienstverlening
ECLI:NL:HR:2026:1486

Hoge Raad verduidelijkt proceskostenvergoeding WOZ buiten no-cure-no-pay

62/100Bekijk
Hoge Raad·18 sep 2026
Bestuursrecht
Belastingrecht
Schadevergoeding
Overheid
ECLI:NL:HR:2026:1494

Hoge Raad: Nederlandse proceskostenregeling niet in strijd met Unierecht

55/100Bekijk
Rechtbank Den Haag·18 sep 2026
Bestuursrecht
Vreemdelingenrecht
Overheid
Handhaving
ECLI:NL:RBDHA:2026:27307

Asielaanvraag Syriër afgewezen wegens ongeloofwaardige Al Nusra-verklaringen

18/100Bekijk
Rechtbank Den Haag·16 sep 2026
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Overheid
Vergunningen
ECLI:NL:RBDHA:2026:27080

Vreemdelingenbewaring asielzoeker rechtmatig bevonden, beroep ongegrond

18/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied