JurispRadar
ECLI:NL:RVS:2026:4449Laag28/100

Woningbouwplan Eindhoven grotendeels in stand ondanks buurtbezwaren

ECLI:NL:RVS:2026:4449, Raad van State, 29-07-2026, 202400874/1/R2

Raad van StateUitspraak: 29 juli 2026Publicatie: 29 juli 2026
Procedure:Eerste aanleg - meervoudig
Zaaknummer:202400874/1/R2
Bestuursprocesrecht
Omgevingsrecht
Vastgoed
Vergunningen
Ruimtelijke Ordening
Omgevingswet Overgangsrecht
Bestemmingsplan
Gebiedsontwikkeling
Woningbouw
Herstelbesluit

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Bij besluit van 19 december 2023 heeft de raad van de gemeente Eindhoven het bestemmingsplan "XI Strijp binnen de Ring 2007 (Cederlaan 2)" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in de herontwikkeling van het voormalige terrein van Philips Packaging aan de Cederlaan 2 in Eindhoven naar woningen. Het plan maakt de bouw van maximaal 242 woningen mogelijk ("het Drukkerijkwartier"), in verschillende woningtypen. Het plangebied ligt ten westen en binnen de schil van het centrum van Eindhoven in de wijk "Schoot" en grenst in het zuiden aan de Cederlaan. [appellanten] wonen naast het plangebied. Zij kunnen zich niet met het bestemmingsplan verenigen, omdat zij vrezen voor een onaanvaardbare aantasting van hun woon- en leefklimaat. Hun bezwaren gaan vooral over de hoogte en positionering van de bebouwing.

Kern van de zaak

Omwonenden van het voormalige Philips Packaging-terrein aan de Cederlaan in Eindhoven hebben beroep ingesteld tegen een bestemmingsplan dat de bouw van maximaal 242 woningen mogelijk maakt. Zij vrezen onaanvaardbare aantasting van hun woon- en leefklimaat door de hoogte en positionering van de bebouwing. De gemeente Eindhoven nam hangende het beroep een herstelbesluit met aanvullende planregels en geactualiseerde onderzoeken.

Beslissing van de rechter

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State laat het herstelbesluit van 16 december 2025 grotendeels in stand. Voor een beperkt vernietigd onderdeel voorziet de Afdeling zelf in de zaak, waarbij de uitspraak in de plaats treedt van het besluit; appellanten hebben onder deze omstandigheden geen verdere belang bij beoordeling van hun overige beroepsgronden.

28van 100

Impactscore

Laag

De uitspraak past bestaande jurisprudentie toe over overgangsrecht Omgevingswet en zelfvoorziening en heeft geen precedentwerking buiten de specifieke casus; de inhoudelijke beslechting is casuïstisch van aard.

Belangrijkste punten

  • 1Op deze procedure is het recht vóór 1 januari 2024 van toepassing (Wro, Crisis- en herstelwet), omdat het ontwerpplan op 22 juni 2023 ter inzage is gelegd vóór inwerkingtreding van de Omgevingswet.
  • 2Het bestemmingsplan voorziet in herontwikkeling van het voormalige Philips Packaging-terrein naar maximaal 242 woningen ('het Drukkerijkwartier') in de Eindhovense wijk Schoot.
  • 3De gemeente nam een herstelbesluit (16 december 2025) waarin onder meer is gewaarborgd dat de ontsluiting op de Kreugelstraat uitsluitend voor langzaam verkeer mag worden gebruikt.
  • 4De Afdeling vernietigt een beperkt gedeelte van het herstelbesluit en voorziet daarin zelf; de uitspraak treedt voor dat onderdeel in de plaats van het besluit.
  • 5De raad is opgedragen de aanpassingen binnen vier weken te verwerken in het elektronisch vastgestelde plan op de landelijke voorziening.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak bevestigt de toepassing van het overgangsrecht van de Invoeringswet Omgevingswet (art. 4.6 lid 3): procedures over bestemmingsplannen waarvan het ontwerp vóór 1 januari 2024 ter inzage lag, worden volledig afgehandeld onder het oude recht. De zelfvoorzieningsbevoegdheid van de Afdeling wordt ingezet om de procedure definitief te beslechten zonder terugverwijzing.

Praktische impact

De omwonenden slagen er niet in het woningbouwproject te stoppen; de bouw van 242 woningen op het voormalige industrieterrein kan doorgaan. De beperking van de ontsluiting op de Kreugelstraat tot langzaam verkeer biedt enige bescherming voor de directe buurt.

Onderwerp-impact

Voor gebiedsontwikkeling op voormalige industrieterreinen in stedelijk gebied bevestigt deze uitspraak dat gemeenten met een herstelbesluit hangende beroep gebreken kunnen repareren en dat de rechter bij een beperkte vernietiging zelf kan voorzien, waardoor vertragingsrisico's voor woningbouwprojecten worden beperkt.

Samenvatting

In deze zaak stond het bestemmingsplan 'Drukkerijkwartier' centraal, dat de herontwikkeling van het voormalige Philips Packaging-terrein aan de Cederlaan 2 in Eindhoven mogelijk maakt. Het plan voorziet in de bouw van maximaal 242 woningen in diverse woningtypen, gelegen in de wijk Schoot ten westen van het stadscentrum. Omwonenden hadden beroep ingesteld omdat zij een onaanvaardbare aantasting van hun woon- en leefklimaat vreesden, met name door de hoogte en positionering van de geplande bebouwing. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State stelde eerst vast dat op deze procedure het recht van vóór 1 januari 2024 van toepassing blijft, waaronder de Wet ruimtelijke ordening en de Crisis- en herstelwet. De reden hiervoor is dat het ontwerpplan op 22 juni 2023 ter inzage werd gelegd, dus vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Op grond van artikel 4.6 lid 3 van de Invoeringswet Omgevingswet geldt het oude recht totdat het bestemmingsplan onherroepelijk is. Hangende het beroep nam de gemeenteraad van Eindhoven op 16 december 2025 een herstelbesluit. Daarmee werd het plan opnieuw en gewijzigd vastgesteld. Onder meer werd een planregel toegevoegd die de ontsluiting op de Kreugelstraat beperkt tot uitsluitend langzaam verkeer, en werden diverse onderzoeken geactualiseerd. De Afdeling oordeelt dat het herstelbesluit grotendeels in stand kan blijven. Voor een beperkt vernietigd onderdeel voorziet de Afdeling zelf in de zaak, zodat de uitspraak voor dat deel in de plaats treedt van het besluit. De raad is opgedragen de aanpassingen binnen vier weken te verwerken in het elektronisch vastgestelde plan op de landelijke voorziening. Onder deze omstandigheden hebben appellanten geen belang meer bij verdere beoordeling van hun beroepen, waarmee het woningbouwproject definitief doorgang kan vinden.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 30 juli 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1439Laag
Belastingrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1439, Hoge Raad, 11-09-2026, 25/03570

Hoge Raad11 sep 2026OverheidFinanciele Dienstverlening
18/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1467Laag
Belastingrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1467, Hoge Raad, 11-09-2026, 26/00945

Hoge Raad11 sep 2026OverheidVastgoed
5/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1448Laag
Belastingrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1448, Hoge Raad, 11-09-2026, 25/02255

Hoge Raad11 sep 2026OverheidFinanciele Dienstverlening
8/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1466Laag
Belastingrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1466, Hoge Raad, 11-09-2026, 26/01038

Hoge Raad11 sep 2026ZorgFinanciele Dienstverlening
8/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied