JurispRadar
ECLI:NL:RVS:2026:3502Laag28/100

Bestemmingsplan Eindhoven gedeeltelijk vernietigd wegens cultuurhistorische aantasting

ECLI:NL:RVS:2026:3502, Raad van State, 17-06-2026, 202304574/2/R2

Raad van StateUitspraak: 17 juni 2026Publicatie: 17 juni 2026
Procedure:Eerste aanleg - meervoudig
Zaaknummer:202304574/2/R2
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Omgevingsrecht
Overheid
Vergunningen
Ruimtelijke Ordening
Bestemmingsplan
Ruimtelijke Ordening
Tussenuitspraak
Herstelbesluit
Cultuurhistorie

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Bij tussenuitspraak van 24 december 2025, (ECLI:NL:RVS:2025:6326), heeft de Afdeling de raad van de gemeente Eindhoven opgedragen om binnen 16 weken na verzending van de tussenuitspraak de daarin omschreven gebreken in het besluit van 30 mei 2023, waarbij het bestemmingsplan "Land Forum (politielocatie)" is vastgesteld, te herstellen. Het bestemmingsplan voorziet in de ontwikkeling van de locatie "Land Forum" in Eindhoven tot een multifunctionele politielocatie met een maximum bruto vloeroppervlakte van 5.000 m2 waar diverse centrale functies van - met name - de regionale eenheid Oost-Brabant van de politie zullen worden gehuisvest. De Afdeling heeft onder 17 van de tussenuitspraak, naar aanleiding van een beroepsgrond van Bewonersvereniging Meerhoven en anderen, overwogen dat het besluit van 30 mei 2023 in strijd met artikel 3:2 en 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht is vastgesteld. Beoogd is de Siffertestraat te verleggen en daarbij wordt een historisch pad doorkruist.

Kern van de zaak

Bewonersvereniging Meerhoven en een individuele appellant bestreden het bestemmingsplan 'Land Forum (politielocatie)' van de gemeente Eindhoven. Het plan voorzag in een reservering voor de verlegging van de Sliffertsestraat, waarbij een historisch pad met cultuurhistorische waarde mogelijk voor circa 25 meter zou worden doorkruist in plaats van de bij de ruimtelijke afweging gehanteerde 2,5 meter.

Beslissing van de rechter

De Raad van State verklaart het beroep van Bewonersvereniging Meerhoven en anderen gegrond en vernietigt het oorspronkelijke besluit gedeeltelijk; het beroep van de individuele appellant wordt ongegrond verklaard. Doorslaggevend is dat de raad zijn ruimtelijke afweging baseerde op een doorkruising van 2,5 meter, terwijl de maximale planologische mogelijkheden een doorkruising van circa 25 meter toelieten, wat onvoldoende was gemotiveerd. Na een herstelbesluit waarbij de aanduiding is verkleind tot 2,5 meter, verenigt de bewonersvereniging zich met het herstelbesluit.

28van 100

Impactscore

Laag

Het betreft een gebiedsspecifieke toepassing van bekende beginselen uit het omgevingsrecht (motiveringsplicht, aansluiting bij maximale planologische mogelijkheden) zonder nieuwe rechtsnormen te stellen. De zaak heeft beperkte precedentwerking buiten de directe plancontext.

Belangrijkste punten

  • 1De raad had bij de ruimtelijke afweging ten onrechte gerekend met een doorkruising van 2,5 m, terwijl het plan maximaal circa 25 m doorkruising toeliet van de cultuurhistorisch beschermde gronden.
  • 2De Afdeling had in een tussenuitspraak de raad opgedragen het gebrek te herstellen door betere motivering of aanpassing van het plan.
  • 3De raad heeft ter uitvoering van de tussenuitspraak een herstelbesluit genomen waarbij de aanduiding is verkleind zodat slechts 2,5 m doorkruising mogelijk is.
  • 4De bewonersvereniging heeft ingestemd met het herstelbesluit, waardoor geen beroep van rechtswege meer hoefde te worden beslist (artikel 6:19 Awb).
  • 5Het beroep van de individuele appellant (appellant sub 2) is ongegrond verklaard op grond van overwegingen uit de tussenuitspraak.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak bevestigt dat bij de vaststelling van bestemmingsplannen de ruimtelijke afweging moet aansluiten bij de maximale planologische mogelijkheden die het plan biedt, niet slechts bij de beoogde feitelijke situatie. De bescherming van cultuurhistorische waarden via bestemmingsaanduidingen dient consistent en volledig gemotiveerd te worden bij planvaststelling.

Praktische impact

De gemeente Eindhoven moet bij de verdere uitvoering van de Sliffertsestraat-verlegging de verkleinde aanduiding respecteren, zodat het historisch pad maximaal 2,5 meter wordt doorkruist. De bewonersvereniging heeft haar doel bereikt: het herstelbesluit sluit aan bij de feitelijk beoogde situatie.

Onderwerp-impact

Voor ruimtelijke ordeningsprojecten waarbij cultuurhistorisch waardevolle elementen in het geding zijn, onderstreept deze uitspraak het belang van een nauwkeurige afstemming tussen de verbeelding en de planologische onderbouwing bij bestemmingsplannen.

Samenvatting

In deze einduitspraak na een tussenuitspraak beoordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State het bestemmingsplan 'Land Forum (politielocatie)' van de gemeente Eindhoven, dat voorziet in onder meer een reservering voor de verlegging van de Sliffertsestraat. Zowel Bewonersvereniging Meerhoven als een individuele appellant hadden beroep ingesteld tegen het vaststellingsbesluit van 30 mei 2023. In de tussenuitspraak had de Afdeling al geconstateerd dat de raad zijn ruimtelijke afweging had gebaseerd op een doorkruising van slechts 2,5 meter van de gronden met de bestemming 'Waarde - Cultuurhistorie - 2', die het historisch pad beschermen. De maximale planologische mogelijkheden die het plan bood, lieten echter een doorkruising van circa 25 meter toe. Dit verschil was onvoldoende gemotiveerd en leverde een gebrek op in het besluit. De Afdeling droeg de raad op dit gebrek te herstellen, hetzij door toereikende motivering, hetzij door aanpassing van het plan. De raad koos voor de laatste optie en nam een herstelbesluit waarbij de aanduiding 'overige zone - reservering verlegging Sliffertsestraat' op de verbeelding werd verkleind, zodat de cultuurhistorisch beschermde gronden nog slechts voor 2,5 meter worden doorkruist. De bewonersvereniging gaf in haar zienswijze aan zich met dit herstelbesluit te kunnen verenigen, waardoor er geen beroep van rechtswege meer open stond op grond van artikel 6:19 Awb. Het beroep van de individuele appellant werd ongegrond verklaard op basis van de reeds in de tussenuitspraak beoordeelde gronden. De Afdeling verklaart het beroep van de bewonersvereniging gegrond, vernietigt het oorspronkelijke besluit gedeeltelijk voor zover de aanduiding te ruim was vastgesteld, en laat de rechtsgevolgen van het vernietigde deel in stand dan wel verwijst naar het herstelbesluit. De gemeente wordt veroordeeld in de proceskosten.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 3 augustus 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Bestuursrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4404Middel
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4404, Raad van State, 29-07-2026, 202407843/1/R3 en 202407846/1/R3

Raad van State29 jul 2026VergunningenMilieu
38/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:4396Laag
Bestuursrecht
Omgevingsrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4396, Raad van State, 29-07-2026, 202503364/1/R4

Raad van State29 jul 2026OverheidHandhaving
18/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:4419Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4419, Raad van State, 29-07-2026, 202402095/1/R3

Raad van State29 jul 2026VergunningenRuimtelijke Ordening
18/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:4439Laag
Bestuursrecht
Omgevingsrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4439, Raad van State, 29-07-2026, 202403626/1/R3

Raad van State29 jul 2026VastgoedVergunningen
18/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied