Omgevingsvergunning seniorencomplex Groningen deels beoordeeld door RvS
ECLI:NL:RVS:2026:1750, Raad van State, 25-03-2026, 202303047/1/R3 en 202404821/1/R3
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Bij besluit van 1 oktober 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Groningen aan Stichting Querido Groningen een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een appartementencomplex voor minder mobiele senioren, voorzien van een parkeerkelder, een (wijk)restaurant en (zorg)voorzieningen op het perceel Van Ketwich Verschuurlaan 92 in Groningen. Er kunnen 145 woningen worden gebouwd. Omwonenden kwamen eerder tegen de vergunning in beroep bij de rechtbank. Die vernietigde de vergunning en droeg het college van B&W opnieuw te beslissingen op de vergunningaanvraag. Tegen deze uitspraak is het college in hoger beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak. Ter uitvoering van de uitspraak heeft het college in juli 2024 wederom de vergunning verleend voor het appartementencomplex. Omwonenden zijn het hier nog steeds niet mee eens. Ze vrezen parkeeroverlast. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft de zaak op 27 november 2025 op zitting behandeld.
Kern van de zaak
Stichting Querido Groningen vroeg in 2019 een omgevingsvergunning aan voor een appartementencomplex van 138 woningen voor minder mobiele senioren in Groningen. Het college verleende de vergunning in afwijking van het bestemmingsplan. Omwonenden en andere belanghebbenden gingen in beroep tegen dit besluit.
Beslissing van de rechter
De Raad van State beoordeelt het beroep tegen de verleende omgevingsvergunning op basis van het oude recht (Wabo/Crisis- en herstelwet), omdat de aanvraag dateert van vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024. De volledige beslissing op de inhoudelijke beroepsgronden is op basis van de beschikbare tekst niet volledig te reconstrueren.
Impactscore
LaagDe uitspraak heeft beperkte bredere impact: het overgangsrecht is inmiddels gevestigd en de zaak betreft een specifieke lokale vergunningverlening. De onvolledige tekst verhindert een volledige impactbeoordeling.
Belangrijkste punten
- 1Overgangsrecht Omgevingswet: aanvraag ingediend op 5 december 2019, dus oud recht (Wabo en Crisis- en herstelwet) blijft van toepassing tot onherroepelijkheid van het besluit
- 2Het project betreft 138 woningen voor minder mobiele senioren met parkeerkelder, restaurant en zorgvoorzieningen, afwijkend van bestemmingsplan 'De Wijert'
- 3Afwijkingen van het bestemmingsplan betreffen hoogte, bebouwingspercentage en toegestane functies (wonen, horeca, detailhandel)
- 4Het college heeft beleidsruimte bij het verlenen van een afwijkingsvergunning; de bestuursrechter toetst slechts op rechtmatigheid, niet op ruimtelijke ordening zelf
- 5De beschikbare uitspraaktekst is onvolledig; de inhoudelijke beoordeling van de beroepsgronden is niet volledig zichtbaar
Impactanalyse
Juridische impact
De uitspraak bevestigt de toepassing van het overgangsrecht van de Invoeringswet Omgevingswet, waarbij aanvragen van vóór 1 januari 2024 volledig onder het oude regime vallen. Dit is relevant voor de grote hoeveelheid lopende procedures onder de Wabo.
Praktische impact
Voor Stichting Querido Groningen en de bezwaarmakers is de uitkomst van de inhoudelijke beoordeling bepalend voor de doorgang van het seniorencomplex; op basis van de beschikbare tekst kan de praktische uitkomst niet volledig worden vastgesteld.
Onderwerp-impact
Voor de zorg- en woningbouwsector verduidelijkt deze zaak dat projecten voor kwetsbare groepen zoals minder mobiele senioren evenzeer de reguliere ruimtelijke ordeningsprocedures doorlopen, inclusief bestemmingsplanafwijkingen.
Samenvatting
Deze zaak betreft een beroep bij de Raad van State tegen de verlening van een omgevingsvergunning door het college van Groningen voor een appartementencomplex van 138 woningen voor minder mobiele senioren op een perceel in de wijk De Wijert. Stichting Querido Groningen diende de aanvraag in op 5 december 2019 en wijzigde deze in mei 2020. Het geplande complex, bestaande uit twee hoofdvolumes met verschillende bouwhoogten, wijkt op meerdere punten af van het geldende bestemmingsplan: de bouwhoogte, het bebouwingspercentage en de toegestane functies (wonen, horeca en detailhandel) overschrijden de planregels. Het college verleende desondanks de vergunning op grond van de afwijkingsbevoegdheid in de Wabo. Verschillende omwonenden en belanghebbenden tekenden beroep aan. Een eerste procedurele kwestie betreft het toepasselijke recht. Omdat de aanvraag dateert van vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024, bepaalt artikel 4.3 van de Invoeringswet Omgevingswet dat het oude recht – de Wabo en de Crisis- en herstelwet – van toepassing blijft totdat het besluit onherroepelijk is. De Raad van State past dit overgangsrecht toe. Voor de inhoudelijke toetsing geldt dat het college beleidsruimte heeft bij het verlenen van een afwijkingsvergunning. De bestuursrechter beoordeelt niet zelf of de ontwikkeling in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening, maar toetst of het besluit rechtmatig tot stand is gekomen en of de nadelige gevolgen niet onevenredig zijn. De volledige inhoudelijke beslissing is op basis van de beschikbare tekst van de uitspraak niet volledig te reconstrueren, waardoor over de uiteindelijke uitkomst van de beroepsgronden onzekerheid bestaat.