ECLI:NL:RBZWB:2026:6507, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 21-07-2026, BRE 25/3543
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)8:55 Verzet ongegrond: iemand die namens een ander rechtspersoon beroep instelt, moet op verzoek van de rechtbank een machtiging en een uittreksel van het handelsregister overleggen. Hiermee kan worden vastgesteld of degene die de volmacht heeft afgegeven bevoegd is de rechtspersoon in rechte te vertegenwoordigen. In beroep is geen uittreksel van het handelsregister overlegd. Om die reden is het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Gesteld gemachtigde heeft in verzet aangevoerd geen signalering in zijn mailbox te hebben aangetroffen. Daarnaast stelt hij dat hij vorig jaar ernstige gezondheidsklachten heeft gehad. Tevens zou gesteld gemachtigde contact opnemen met de administratie van de rechtbank om na te gaan of er per e-mail wel een notificatie is verzonden en zo ja, wanneer en aan welk e-mailadres. Daarnaast zou gesteld gemachtigde contact opnemen met de provider om na te gaan wat er fout is gegaan. De rechtbank heeft niets meer vernomen van gesteld gemachtigde. Het is daarom niet aannemelijk gemaakt dat de notificatie niet is ontvangen. Daarnaat is gesteld gemachtige een professionele rechtshulpverlener. Diens handelen komt in beginsel voor risico van de indiener. Van een professionele gemachtigde mag immers als uitgangspunt worden verwacht dat hij, ook in geval van ziekte of uitval, passende voorzieningen treft om termijnen te bewaken en zo nodig voor vervanging te zorgen. Om die reden is er geen verschoonbare reden voor dit verzuim gebleken.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.