ECLI:NL:RBNHO:2026:4680, Rechtbank Noord-Holland, 23-04-2026, AWB - 25 _ 5310
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Belanghebbende doet giften aan christelijke instellingen en meent dat zij recht heeft op de multiplier die geldt voor giften aan culturele instellingen. De rechtbank oordeelt de desbetreffende wettelijke bepalingen geen onderscheid maken op grond van geloof of godsdienst, dat een belastingplichtige die giften doet aan culturele instellingen enerzijds en een belastingplichtige die giften doet aan andere instellingen geen gelijke gevallen zijn en de keuze van de wetgever om uitsluitend giften aan culturele instellingen in aanmerking te laten komen voor de multiplier binnen de ruime beoordelingsvrijheid valt die de wetgever toekomt bij het vormgeven van fiscale faciliteiten. Het gemaakte onderscheid tussen giften aan culturele instellingen en andere instellingen is niet van iedere redelijke grond ontbloot. De omstandigheid dat de faciliteit die niet direct samenhangt met de draagkracht van de belastingplichtige die de gift doet maakt dit niet anders. Beroep ongegrond.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.