ECLI:NL:RBNHO:2026:12216, Rechtbank Noord-Holland, 02-09-2026, HAA 26/2437
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Deze uitspraak gaat over de intrekking van de vergunning van eiser voor het houden van bijen op Texel en de gelijktijdige oplegging van een last onder dwangsom. Eiser is het niet eens met de intrekking en de last en heeft daarom beroep ingesteld en verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter komt tot het oordeel dat het college voldoende heeft onderbouwd dat eiser zich niet heeft gehouden aan de vergunningvoorschriften dan wel onjuiste informatie heeft aangeleverd bij zijn vergunningaanvraag. Dit betekent dat het college de vergunning van eiser mocht intrekken en zodoende ook een last onder dwangsom mocht opleggen wegens het houden van bijen zonder de daarvoor vereiste vergunning. Wel ziet de voorzieningenrechter aanleiding om op grond van artikel 8:72 van de Algemene wet bestuursrecht (de Awb) ambtshalve een voorlopige voorziening te treffen die inhoudt dat de last onder dwangsom en de intrekking van de vergunning worden geschorst tot 1 februari 2027. Eiser krijgt dus geen gelijk en het beroep is dus ongegrond. Omdat de voorzieningenrechter uitspraak doet op het beroep, wijst hij het verzoek om een voorlopige voorziening af."
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.