JurispRadar
ECLI:NL:RBDHA:2026:5203Laag5/100

ECLI:NL:RBDHA:2026:5203, Rechtbank Den Haag, 10-02-2026, SGR 24/6583

Rechtbank Den HaagUitspraak: 10 februari 2026Publicatie: 13 maart 2026
Procedure:Eerste aanleg - meervoudig
Zaaknummer:SGR 24/6583

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Inkomstenbelasting, stakingswinst bij inbreng onderneming in B.V., inbrengwaarde dierenartspraktijk. De rechtbank oordeelt dat voor de waardebepaling op het inbrengmoment moet worden aangehaakt bij het eerdere hogere bod van ruim € 3.000.000 van een private-equity-partij; daaruit blijkt dat de hoogstbiedende gegadigde bij verkoop onder de meest gunstige omstandigheden een prijs zou hebben betaald in de ordegrootte van dat bod. De door eiser aan de inbreng ten grondslag gelegde veel lagere ondernemingswaarde van zo’n € 500.000 - gebaseerd op de zogenoemde multiple methode - is veel te laag en niet verdedigbaar. Nu eiser bewust is uitgegaan van een veel te lage inbrengwaarde, is niet de vereiste aangifte gedaan en is sprake van omkering en verzwaring van de bewijslast. Eiser doet niet blijken dat de inbrengwaarde lager is. De rechtbank vermindert de aanslag wel, omdat deze berust op een te hoge (onredelijke) schatting door verweerder van de inbrengwaarde. (Beroep gegrond.)

AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data
Originele uitspraak

Recente uitspraken

ECLI:NL:RVS:2026:4597

ECLI:NL:RVS:2026:4597, Raad van State, 05-08-2026, 202503701/1/A3

Raad van State5 aug 2026
~60geschat
Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:4592

ECLI:NL:RVS:2026:4592, Raad van State, 05-08-2026, 202504110/1/A3

Raad van State5 aug 2026
~60geschat
Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:4580

ECLI:NL:RVS:2026:4580, Raad van State, 05-08-2026, 202601921/1/A2

Raad van State5 aug 2026
~55geschat
Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:4598

ECLI:NL:RVS:2026:4598, Raad van State, 05-08-2026, 202503697/1/A2

Raad van State5 aug 2026
~60geschat
Bekijk