JurispRadar
ECLI:NL:RBDHA:2026:26812Laag8/100

ECLI:NL:RBDHA:2026:26812, Rechtbank Den Haag, 10-09-2026, NL26.3451

Rechtbank Den HaagUitspraak: 10 september 2026Publicatie: 15 september 2026
Procedure:Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer:NL26.3451

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag niet in stand kan blijven. De rechtbank voorziet zelf in de zaak en draagt de minister, hierna verweerder, op om aan eiser een verblijfsvergunning asiel te verlenen. De rechtbank oordeelt dat verweerder eisers problemen onterecht ongeloofwaardig heeft geacht. De rechtbank stelt daarom zelf de geloofwaardigheid van eisers problemen vast. De rechtbank oordeelt verder dat eiser niet veilig kan reizen naar zijn woonplaats bij terugkeer naar Somalië. Daarmee staat vast dat eiser een reëel risico loopt op ernstige schade. Verweerder heeft eisers asielaanvraag onterecht afgewezen en had geen terugkeerbesluit mogen uitvaardigen.

AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data
Originele uitspraak

Recente uitspraken

ECLI:NL:RVS:2026:5478

ECLI:NL:RVS:2026:5478, Raad van State, 16-09-2026, 202406270/1/R3

Raad van State16 sep 2026
~61geschat
Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5518

ECLI:NL:RVS:2026:5518, Raad van State, 16-09-2026, 202502688/1/R4

Raad van State16 sep 2026
~60geschat
Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5493

ECLI:NL:RVS:2026:5493, Raad van State, 16-09-2026, 202502129/1/A2

Raad van State16 sep 2026
~60geschat
Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5479

ECLI:NL:RVS:2026:5479, Raad van State, 16-09-2026, 202505719/1/A2

Raad van State16 sep 2026
~60geschat
Bekijk