ECLI:NL:RBDHA:2026:26812, Rechtbank Den Haag, 10-09-2026, NL26.3451
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag niet in stand kan blijven. De rechtbank voorziet zelf in de zaak en draagt de minister, hierna verweerder, op om aan eiser een verblijfsvergunning asiel te verlenen. De rechtbank oordeelt dat verweerder eisers problemen onterecht ongeloofwaardig heeft geacht. De rechtbank stelt daarom zelf de geloofwaardigheid van eisers problemen vast. De rechtbank oordeelt verder dat eiser niet veilig kan reizen naar zijn woonplaats bij terugkeer naar Somalië. Daarmee staat vast dat eiser een reëel risico loopt op ernstige schade. Verweerder heeft eisers asielaanvraag onterecht afgewezen en had geen terugkeerbesluit mogen uitvaardigen.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.