JurispRadar
ECLI:NL:HR:2026:1502Laag8/100

Hoge Raad verklaart cassatieberoep belastingzaak niet-ontvankelijk

ECLI:NL:HR:2026:1502, Hoge Raad, 18-09-2026, 26/01463

Hoge RaadUitspraak: 18 september 2026Publicatie: 17 september 2026
Zaaknummer:26/01463
Belastingrecht
Bestuursprocesrecht
Overheid
Handhaving
Niet Ontvankelijk
Belastingrente
Artikel 80a Wet Ro
Belastingaanslagen
Boetebeschikking

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing van art. 80a RO.

Kern van de zaak

Een belastingplichtige stelde beroep in cassatie in bij de Hoge Raad tegen een uitspraak van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch over belastingaanslagen, een boetebeschikking en beschikkingen inzake belastingrente. De exacte aard van het geschil en de identiteit van partijen zijn niet volledig kenbaar uit de beschikbare uitspraaktekst.

Beslissing van de rechter

Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 80a Wet RO, omdat de klachten duidelijk niet kunnen slagen. Er is geen proceskostenveroordeling uitgesproken.

8van 100

Impactscore

Laag

De uitspraak is procedureel van aard en stelt geen nieuwe rechtsregels; zij heeft uitsluitend betekenis voor de betrokken partij en bevat geen inhoudelijke motivering die richtinggevend is voor andere zaken.

Belangrijkste punten

  • 1Toepassing van artikel 80a Wet RO: cassatieberoep afgedaan zonder verdere motivering wegens klaarblijkelijk ongegronde klachten
  • 2Het geschil betrof belastingaanslagen, een boetebeschikking en beschikkingen belastingrente
  • 3De uitspraak van het Hof (ECLI:NL:GHSHE:2026:597) blijft daarmee onherroepelijk in stand
  • 4De procureur-generaal heeft een advies uitgebracht voorafgaand aan de beslissing
  • 5Geen proceskostenveroordeling opgelegd aan eisende partij

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak bevestigt het gebruik van de 80a Wet RO-procedure als filtermechanisme bij klaarblijkelijk kansloze cassatieklachten in belastingzaken, zonder inhoudelijke precedentwerking. De hofuitspraak verkrijgt hiermee formele rechtskracht.

Praktische impact

Voor de belastingplichtige betekent dit dat de belastingaanslagen, de boetebeschikking en de belastingrentebeschikkingen definitief vaststaan; verdere rechtsmiddelen zijn uitgeput.

Onderwerp-impact

In belastinggeschillen met boetes en rentebeschikkingen benadrukt deze uitspraak dat een cassatieberoep zonder voldoende onderbouwde rechtsklachten kansloos is en snel via artikel 80a Wet RO wordt afgedaan.

Samenvatting

In deze belastingzaak heeft de Hoge Raad op 18 september 2026 het cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie. De zaak betrof een geschil over belastingaanslagen, een boetebeschikking en beschikkingen inzake belastingrente, waarbij de belastingplichtige eerder in het ongelijk was gesteld door het Gerechtshof 's-Hertogenbosch (ECLI:NL:GHSHE:2026:597). De belastingplichtige stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad en formuleerde klachten tegen de hofuitspraak. De procureur-generaal bij de Hoge Raad kreeg de gelegenheid een advies uit te brengen. Na beoordeling van de klachten oordeelde de Hoge Raad dat het cassatieberoep duidelijk niet kon slagen. Op grond hiervan maakte de Hoge Raad gebruik van de bevoegdheid neergelegd in artikel 80a Wet RO, die het mogelijk maakt een cassatieberoep zonder nadere motivering niet-ontvankelijk te verklaren wanneer de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden. Dit filtermechanisme dient om de werklast van de Hoge Raad te beheersen en zaken die geen kans van slagen hebben snel af te doen. Een proceskostenveroordeling bleef achterwege, nu de Hoge Raad daartoe geen aanleiding zag. De praktische consequentie is dat de uitspraak van het Hof onherroepelijk is geworden en de belastingaanslagen, de boetebeschikking en de rentebeschikkingen definitief vaststaan. Inhoudelijk stelt deze uitspraak geen nieuwe rechtsregels en heeft zij geen richtinggevende precedentwerking; de betekenis is beperkt tot de concrete zaak van de betrokken belastingplichtige.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 18 september 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Belastingrecht

Hoge Raad·18 sep 2026
Belastingrecht
Bestuursprocesrecht
Overheid
Dienstverlening
ECLI:NL:HR:2026:1511

Hoge Raad verklaart cassatie niet-ontvankelijk wegens ontbrekende gronden

28/100Bekijk
Hoge Raad·18 sep 2026
Belastingrecht
Bestuursprocesrecht
Overheid
Financiele Dienstverlening
ECLI:NL:HR:2026:1519

Cassatieberoep niet-ontvankelijk wegens onbetaald griffierecht

8/100Bekijk
Hoge Raad·18 sep 2026
Belastingrecht
Bestuursprocesrecht
Overheid
Financiele Dienstverlening
ECLI:NL:HR:2026:1485

Hoge Raad verklaart cassatie ongegrond, termijnoverschrijding geconstateerd

18/100Bekijk
Hoge Raad·18 sep 2026
Belastingrecht
Bestuursprocesrecht
Overheid
Financiele Dienstverlening
ECLI:NL:HR:2026:1525

Cassatieberoep niet-ontvankelijk wegens onbetaald griffierecht

8/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied