JurispRadar
ECLI:NL:GHSHE:2026:1453Laag22/100

Te laat bezwaar aansprakelijkheidstelling niet-ontvankelijk verklaard

ECLI:NL:GHSHE:2026:1453, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 03-06-2026, 24/1479

Gerechtshof 's-HertogenboschUitspraak: 3 juni 2026Publicatie: 4 juni 2026
Procedure:Hoger beroep
Zaaknummer:24/1479
Aansprakelijkheidsrecht
Belastingrecht
Bestuursprocesrecht
Aansprakelijkheid
Handhaving
Financiele Dienstverlening
Niet Ontvankelijk
Termijnoverschrijding
Aangetekende Post
Bezwaartermijn
Aansprakelijkheidsstelling

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Beschikking tot aansprakelijkstelling. Het hof is, net als de rechtbank, van oordeel dat de inspecteur het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard wegens te late indiening van het bezwaar. De beschikking is weliswaar op juiste wijze bekendgemaakt, maar de ontvangst ervan door belanghebbende kan redelijkerwijs worden betwijfeld. Belanghebbende heeft het bezwaar, nadat hij met de beschikking tot aansprakelijkstelling bekend was geworden, alsnog ingediend zo spoedig mogelijk als dit redelijkerwijs van hem kon worden verlangd. De termijnoverschrijding is dan ook verschoonbaar. Zowel het hoger beroep van belanghebbende als het incidenteel hoger beroep van de inspecteur is ongegrond: de rechtbank heeft het bezwaar terecht ontvankelijk geacht en heeft de beschikking aansprakelijkstelling terecht verminderd tot een bedrag van € 447.274.

Kern van de zaak

Een belastingplichtige ontving in 2017 een aangetekende beschikking tot aansprakelijkheidstelling van de ontvanger. Hij maakte pas in mei 2018 bezwaar, ruim na het verstrijken van de bezwaartermijn van zes weken. In geschil is of zijn bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard en of de termijnoverschrijding verschoonbaar is.

Beslissing van de rechter

Het hof oordeelt dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard. De beschikking is aangetekend verzonden naar het juiste adres en voor ontvangst is getekend door de zoon van belanghebbende, zodat bekendmaking heeft plaatsgevonden en de bezwaartermijn gewoon is aangevangen. Een verschoonbare termijnoverschrijding is niet aangetoond.

22van 100

Impactscore

Laag

Het betreft een toepassing van vaste regels over aanvang en overschrijding van bezwaartermijnen in een individuele belastingzaak; er worden geen nieuwe rechtsvragen beantwoord en de uitspraak heeft beperkte precedentwerking.

Belangrijkste punten

  • 1Beschikking tot aansprakelijkheidstelling is aangetekend verzonden naar het juiste adres; bekendmaking heeft daarmee plaatsgevonden.
  • 2De bezwaartermijn eindigde op 30 oktober 2017; bezwaar is pas op 16 mei 2018 ingediend, dus ruim te laat.
  • 3PostNL-procedure bij meerdere aangetekende brieven op hetzelfde adres: slechts één handtekening vereist; zoon heeft getekend namens belanghebbende.
  • 4De termijnoverschrijding wordt niet verschoonbaar geacht; niet aannemelijk is dat belanghebbende redelijkerwijs niet in verzuim was.
  • 5In hoger beroep is een eerder gevoerd punt over de grondslag van camerabeelden uitdrukkelijk en ondubbelzinnig prijsgegeven; de naheffingsaanslag en de redelijkheid van de schatting zijn nog in geschil.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak bevestigt dat aangetekende verzending naar het juiste adres de bekendmaking doet intreden en de bezwaartermijn doet lopen, ook als meerdere stukken tegelijk worden bezorgd en door een huisgenoot worden ontvangen. Niet-ontvankelijkheid wegens termijnoverschrijding blijft in stand bij afwezigheid van verschoonbaarheid.

Praktische impact

Voor de aansprakelijkgestelde belastingplichtige betekent dit dat het inhoudelijke bezwaar niet wordt beoordeeld en de aansprakelijkheidstelling formele rechtskracht heeft gekregen. Aangetekende poststukken dienen direct na ontvangst te worden doorgestuurd aan de betrokkene of diens adviseur.

Onderwerp-impact

In de financiële dienstverlening en bij belastingprocedures onderstreept deze uitspraak het belang van bewaking van bezwaartermijnen bij aansprakelijkheidsstellingen, met name wanneer meerdere beschikkingen tegelijk worden bezorgd op een gedeeld adres.

Samenvatting

In deze procedure bij het Gerechtshof 's-Hertogenbosch staat centraal of de belastingontvanger de beschikking tot aansprakelijkheidstelling rechtsgeldig heeft bekendgemaakt en of het te laat ingediende bezwaar van belanghebbende terecht niet-ontvankelijk is verklaard. De ontvanger heeft de beschikking, gedagtekend 18 september 2017, aangetekend verzonden naar het juiste adres van belanghebbende. Tegelijkertijd ontving ook medebelanghebbende [naam 1] een aansprakelijkheidsstelling op datzelfde adres. Conform de PostNL-procedure bij meerdere aangetekende zendingen op één adres volstond één handtekening; de zoon van belanghebbende heeft getekend voor ontvangst. Daarmee is de bekendmaking van de beschikking voltrokken en is de bezwaartermijn van zes weken gaan lopen. Die termijn eindigde op 30 oktober 2017. Belanghebbende heeft evenwel pas op 16 mei 2018 bezwaar gemaakt, bijna zeven maanden na het verstrijken van de termijn. Het hof stelt vast dat deze termijnoverschrijding niet verschoonbaar is. Niet-ontvankelijkverklaring blijft slechts achterwege indien redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de belastingplichtige in verzuim is geweest. Aan die maatstaf is hier niet voldaan: de beschikking is aantoonbaar op het juiste adres bezorgd en door een huisgenoot in ontvangst genomen. E-mailcorrespondentie tussen [naam 1] en de voormalig gemachtigde wijst er bovendien op dat het doorzenden van stukken een bekende gang van zaken was. Het hof bevestigt daarmee de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar. Bijkomend speelt dat belanghebbende in hoger beroep een eerder ingenomen stelling over de grondslag van camerabeelden door de inspectie uitdrukkelijk en ondubbelzinnig heeft prijsgegeven. Een geschilpunt over de redelijkheid van de naheffingsaanslag — die naar zijn stelling berust op onzorgvuldige en willekeurige kladbriefjes zonder datum en op niet-representatieve gemiddelde loonkosten voor de fastservice-horeca — is nog in behandeling. De uitspraak illustreert het strenge formele regime rondom bezwaartermijnen in het belastingrecht en het belang van tijdige doorzending van aangetekende poststukken.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 23 juli 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Aansprakelijkheidsrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4307Middel
Bestuursrecht
Aansprakelijkheidsrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4307, Raad van State, 22-07-2026, 202504663/1/A2

Raad van State22 jul 2026SchadevergoedingAansprakelijkheid
38/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:4273Laag
Bestuursrecht
Aansprakelijkheidsrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4273, Raad van State, 22-07-2026, 202504264/1/A2

Raad van State22 jul 2026SchadevergoedingOverheid
28/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1303Hoog
Aansprakelijkheidsrecht
Omgevingsrecht

ECLI:NL:HR:2026:1303, Hoge Raad, 17-07-2026, 25/02091

Hoge Raad17 jul 2026SchadevergoedingVastgoed
55/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1298Middel
Aansprakelijkheidsrecht
Burgerlijk procesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1298, Hoge Raad, 17-07-2026, 25/02605

Hoge Raad17 jul 2026AansprakelijkheidDienstverlening
52/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied