JurispRadar
ECLI:NL:GHDHA:2026:2174Laag28/100

Aanbesteding leerlingenvervoer: gunningsvoornemen betwist door inschrijvers

ECLI:NL:GHDHA:2026:2174, Gerechtshof Den Haag, 30-06-2026, 200.361.266/01, 200.361.440/01 en 200.361.896/01

Gerechtshof Den HaagUitspraak: 30 juni 2026Publicatie: 2 juli 2026
Procedure:Hoger beroep kort geding
Zaaknummer:200.361.266/01, 200.361.440/01 en 200.361.896/01
Bestuursprocesrecht
Aanbestedingsrecht
Overheid
Handhaving
Vergunningen
Transport
Aanbesteding
Leerlingenvervoer
Gunningsvoornemen
Ernstige Beroepsfout
Uitsluiting Inschrijver

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Aanbestedingsrecht. Hoger beroep. Uitzondering op Xafax-arrest? Beoordeling in verband met proceskostenbeslissing rechtbank. Uitsluiting op grond van een ernstige beroepsfout wegens te laat deponeren jaarrekeningen?

Kern van de zaak

De Gemeente heeft bij een aanbesteding voor leerlingenvervoer het gunningsvoornemen uitgesproken ten gunste van RMC. Concurrerende inschrijvers TWZ en TV hebben bezwaar gemaakt, waarbij TWZ stelt dat RMC had moeten worden uitgesloten wegens een ernstige beroepsfout (onjuiste jaarrekening). Het geschil is uitgevochten in drie gevoegde kortgedingprocedures in hoger beroep bij het Gerechtshof Den Haag.

Beslissing van de rechter

Het hof heeft de vorderingen grotendeels afgewezen en slechts beperkte proceskostenveroordelingen toegewezen, uitvoerbaar bij voorraad. De doorslaggevende reden lijkt te zijn dat onvoldoende grond bestond om het gunningsvoornemen ten gunste van RMC aan te tasten, hoewel de volledige motivering niet beschikbaar is in de aangeleverde tekst.

28van 100

Impactscore

Laag

Het betreft een casuïstische kortgedingbeslissing over een specifieke gemeentelijke aanbesteding zonder bredere precedentwerking; de beperkte beschikbaarheid van de motivering maakt verdere beoordeling van de juridische impact onzeker.

Belangrijkste punten

  • 1Aanbesteding leerlingenvervoer op basis van beste prijs-kwaliteitsverhouding (300 punten prijs, 700 punten kwaliteit)
  • 2RMC eindigde als winnaar met 1000 punten; TWZ tweede, TV derde
  • 3TWZ betwistte de geldigheid van RMC's inschrijving wegens gestelde ernstige beroepsfout (onjuiste jaarrekening)
  • 4Drie gevoegde hoger beroepsprocedures tegelijkertijd behandeld door het hof
  • 5Vorderingen grotendeels afgewezen; proceskostenveroordelingen uitvoerbaar bij voorraad verklaard

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak bevestigt de hoge drempel voor uitsluiting van een inschrijver wegens een ernstige beroepsfout in aanbestedingsprocedures. De motivering is echter slechts gedeeltelijk beschikbaar, waardoor de volledige juridische reikwijdte onzeker blijft.

Praktische impact

RMC behoudt naar alle waarschijnlijkheid het gunningsvoornemen voor de opdracht leerlingenvervoer; TWZ en TV dienen de gunning aan RMC te accepteren en worden veroordeeld in de proceskosten.

Onderwerp-impact

Voor de sector leerlingenvervoer en gemeentelijke aanbestedingen onderstreept deze uitspraak dat bezwaren tegen gunningsvoornemens op grond van gestelde beroepsfouten goed onderbouwd moeten worden om kans van slagen te hebben.

Samenvatting

In deze zaak stond een gemeentelijke aanbesteding voor leerlingenvervoer centraal. De Gemeente had op 3 juni 2025 bekendgemaakt dat zij voornemens was de opdracht te gunnen aan RMC, die met 1000 punten de hoogste score behaalde op basis van de beste prijs-kwaliteitsverhouding. De twee concurrerende inschrijvers TWZ (tweede) en TV (derde) maakten bezwaar tegen dit gunningsvoornemen. TWZ stelde in het bijzonder dat RMC had moeten worden uitgesloten van de aanbestedingsprocedure wegens een ernstige beroepsfout, omdat RMC haar jaarrekening onjuist zou hebben opgesteld. De aanbesteding kende een puntensysteem waarbij maximaal 300 punten voor prijs en 700 punten voor kwaliteit konden worden behaald, verdeeld over vier kwaliteitsaspecten: communicatie en klantbeleving, samenwerking met scholen en zorgaanbieders, bejegening passend bij de doelgroep, en goed werkgeverschap inclusief social return. De drie hoger beroepsprocedures werden gevoegd behandeld door het Gerechtshof Den Haag. Het hof heeft de vorderingen grotendeels afgewezen en slechts proceskostenveroordelingen uitgesproken, die uitvoerbaar bij voorraad zijn verklaard. Op basis van de beschikbare tekst lijkt het hof geoordeeld te hebben dat onvoldoende grond bestond om het gunningsvoornemen aan te tasten. Omdat de volledige overwegingen van het hof niet beschikbaar zijn in de aangeleverde tekst, blijft de precieze juridische motivering onzeker. De uitspraak past in de lijn waarbij rechters terughoudend zijn bij het toewijzen van uitsluitingsverzoeken op grond van gestelde beroepsfouten, nu daarvoor een zware bewijslast geldt.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 15 september 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5498Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5498, Raad van State, 16-09-2026, 202502470/1/R2

Raad van State16 sep 2026HandhavingVergunningen
32/100Bekijk
ECLI:NL:CBB:2026:431Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:CBB:2026:431, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 15-09-2026, 25/214

College van Beroep voor het bedrijfsleven15 sep 2026OverheidVergunningen
22/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5425Middel
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5425, Raad van State, 15-09-2026, 202602080/2/R2

Raad van State15 sep 2026ZorgVergunningen
38/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5292Middel
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5292, Raad van State, 14-09-2026, BRS.25.001438

Raad van State14 sep 2026OverheidDienstverlening
38/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied