Ondernemingskamer verhoogt onderzoeksbudget MVD Europe
ECLI:NL:GHAMS:2026:2170, Gerechtshof Amsterdam, 14-07-2026, 200.334.340/01 OK
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Ondernemingskamer; enquêteprocedure; verhoging onderzoeksbudget
Kern van de zaak
Aandeelhouder A en MVD Europe B.V. verzochten een (derde) verhoging van het onderzoeksbudget voor een lopend enquêteonderzoek naar het beleid en de gang van zaken bij MVD Europe B.V. Medeaandeelhouder B maakte bezwaar tegen de verzochte verhoging. Het onderzoek werd oorspronkelijk bevolen bij beschikking van 17 juni 2024.
Beslissing van de rechter
De Ondernemingskamer heeft het verzoek tot verhoging van het onderzoeksbudget beoordeeld in het kader van de voltooiing van het enquêteonderzoek en de deponering van het definitieve onderzoeksverslag. De doorslaggevende reden voor de (derde) verhoging is dat het BDO-rapport, dat aanvankelijk als basis voor het onderzoek zou dienen, in de loop van het onderzoek onvoldoende bruikbaar bleek, waardoor het budget inmiddels is uitgeput ondanks eerdere verhogingen.
Impactscore
LaagHet betreft een procedurele tussenbeschikking over budgetbeheer in een lopende enquêteprocedure zonder nieuwe rechtsvragen; de uitspraak heeft beperkte precedentwerking buiten de concrete zaak.
Belangrijkste punten
- 1De Ondernemingskamer heeft bij beschikking van 17 juni 2024 een enquêteonderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van MVD Europe B.V. vanaf 1 januari 2019.
- 2Dit betreft het derde verzoek tot tussentijdse verhoging van het onderzoeksbudget in hetzelfde enquêtetraject.
- 3Het BDO-rapport bleek gedurende het onderzoek niet als toereikende basis te kunnen dienen, hetgeen extra onderzoekswerk vereiste.
- 4Aandeelhouder B (belanghebbende) heeft bezwaar gemaakt tegen de verzochte budgetverhoging.
- 5De budgetverhoging ziet specifiek op de nog te verrichten werkzaamheden ter voltooiing van het onderzoek en deponering van het definitieve verslag.
Impactanalyse
Juridische impact
De beschikking illustreert dat de Ondernemingskamer in enquêteprocedures de bevoegdheid heeft om het onderzoeksbudget meermaals tussentijds te verhogen wanneer de feitelijke complexiteit van het onderzoek dit vereist. Bezwaar van een belanghebbende aandeelhouder staat niet in de weg aan toewijzing indien de onderzoeker de meerkosten voldoende onderbouwt.
Praktische impact
Voor de bij MVDE betrokken aandeelhouders betekent deze beslissing dat de kosten van het enquêteonderzoek verder oplopen, met mogelijke gevolgen voor de verhaalsmogelijkheden en de tijdlijn van het onderzoek. De voltooiing van het definitieve onderzoeksverslag komt hiermee een stap dichterbij.
Onderwerp-impact
Binnen het enquêterecht onderstreept deze uitspraak dat budgetoverschrijdingen in complexe onderzoeken — mede veroorzaakt door het wegvallen van extern beschikbare rapportages als basis — een reële en erkende grond vormen voor tussentijdse budgetverhoging door de Ondernemingskamer.
Samenvatting
In deze enquêteprocedure bij de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam staat MVD Europe B.V., een in Badhoevedorp gevestigde besloten vennootschap, centraal. Bij beschikking van 17 juni 2024 beval de Ondernemingskamer een onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van MVD Europe over de periode vanaf 1 januari 2019, en benoemde zij een onderzoeker alsmede een OK-bestuurder en OK-beheerder van aandelen. Verzoekers zijn aandeelhouder A (woonachtig in de Verenigde Staten) en MVD Europe B.V. zelf; aandeelhouder B fungeert als belanghebbende en heeft bezwaar gemaakt tegen het derde verzoek tot verhoging van het onderzoeksbudget. De juridische vraag in deze beschikking is of de Ondernemingskamer het onderzoeksbudget opnieuw dient te verhogen om de voltooiing van het onderzoek en de deponering van het definitieve onderzoeksverslag mogelijk te maken. De onderzoeker heeft ter verantwoording aangevoerd dat het BDO-rapport — dat aanvankelijk als basis voor het onderzoek leek te kunnen dienen — gedurende het traject onvoldoende bruikbaar is gebleken, waardoor aanzienlijk meer eigen onderzoekswerk noodzakelijk was. Dit heeft ertoe geleid dat het beschikbare budget, ondanks twee eerdere verhogingen, inmiddels volledig is uitgeput. De Ondernemingskamer heeft het verzoek beoordeeld tegen deze achtergrond. Het bezwaar van aandeelhouder B heeft de Ondernemingskamer niet ervan weerhouden de verhoging toe te staan, nu de onderzoeker de meerkosten voldoende heeft onderbouwd en de verhoging noodzakelijk is voor afronding van het onderzoek. De beschikking heeft een puur procedureel karakter en stelt geen nieuwe rechtsregels, maar bevestigt de praktijk dat de Ondernemingskamer in complexe enquêtetrajecten de bevoegdheid heeft om het budget meermaals aan te passen aan de werkelijke onderzoeksomvang.