Ondernemingskamer behandelt enquêteprocedure Centric Holding
ECLI:NL:GHAMS:2025:3290, Gerechtshof Amsterdam, 11-12-2025, 200.343.843/01 OK
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)OK ; enquêterecht ; tweede fasebeslissing ; de Ondernemingskamer verstaat dat uit het onderzoeksverslag blijkt van wanbeleid bij Eukairos Holding B.V. (voorheen Centric Holding B.V.) en stelt vast wie daarvoor verantwoordelijk is ; de Ondernemingskamer treft eindvoorzieningen.
Kern van de zaak
Centric Holding B.V. (voorheen Eukairos Holding B.V.) is betrokken in een enquêteprocedure bij de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam. De zaak betreft een complexe vennootschappelijke kwestie waarbij naast de vennootschap zelf ook de advocaat-generaal, de ondernemingsraad van Centric Netherlands B.V., een aandeelhoudersbeheerder en diverse (voormalige) bestuurders en aandeelhouders als belanghebbenden zijn betrokken.
Beslissing van de rechter
De uitspraak betreft een beschikking van de Ondernemingskamer d.d. 11 december 2025; de volledige beslissing en motivering zijn op basis van de beschikbare tekst niet volledig kenbaar, aangezien de tekst afgebroken is. Op grond van de procesinleiding kan worden vastgesteld dat het een enquêteprocedure betreft met meerdere belanghebbenden, waaronder de advocaat-generaal en een aandeelhoudersbeheerder (mr. Evers).
Impactscore
MiddelHet betreft een significante enquêteprocedure bij een grote IT-vennootschap met meerdere procespartijen en betrokkenheid van de advocaat-generaal, maar de onvolledige tekst laat geen beoordeling toe van de feitelijke beslissing en de rechtsvormende betekenis ervan.
Belangrijkste punten
- 1Enquêteprocedure bij de Ondernemingskamer betreffende Centric Holding B.V. (voorheen Eukairos Holding B.V.), een IT-dienstverlener gevestigd te Gouda.
- 2Bijzonder is de betrokkenheid van de advocaat-generaal bij het Ressortsparket Amsterdam als formele belanghebbende.
- 3Een beheerder van aandelen (mr. M.W.E. Evers) is als zelfstandige belanghebbende in de procedure betrokken, wat duidt op eerder gelaste overdracht of beheer van aandelen.
- 4Meerdere (voormalige) bestuurders, directeuren en aandeelhouders zijn als belanghebbenden opgevoerd, hetgeen wijst op een omvangrijk en complex intern conflict.
- 5De tekst van de beschikking is incompleet; de daadwerkelijke beslissing en motivering zijn niet uit de aangeleverde tekst af te leiden.
Impactanalyse
Juridische impact
De zaak illustreert de toepassing van het enquêterecht (Boek 2 BW) bij grote IT-vennootschappen en de mogelijke rol van de advocaat-generaal als procespartij in enquêteprocedures. Vanwege de onvolledige tekst is de concrete rechtsvormende waarde van deze beschikking niet vast te stellen.
Praktische impact
Voor (voormalige) bestuurders, aandeelhouders en medewerkers van Centric Holding heeft de enquêteprocedure directe gevolgen voor de zeggenschap over en het beheer van de vennootschap; de uitkomst kan leiden tot maatregelen zoals vervanging van bestuurders of overdracht van aandelen.
Onderwerp-impact
In de IT- en technologiesector benadrukt deze zaak het risico van vennootschappelijke conflicten bij grote softwarebedrijven en de inzet van het enquêterecht als instrument bij corporate governance-problemen.
Samenvatting
De Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam heeft op 11 december 2025 een beschikking gegeven in een enquêteprocedure betreffende Centric Holding B.V., voorheen genaamd Eukairos Holding B.V., een IT-dienstverlener gevestigd te Gouda. De procedure is opmerkelijk complex: naast de vennootschap zelf zijn als belanghebbenden betrokken de advocaat-generaal bij het Ressortsparket Amsterdam, de ondernemingsraad van Centric Netherlands B.V., een door de rechter aangestelde beheerder van aandelen (mr. M.W.E. Evers), diverse voormalige en huidige aandeelhouders — waaronder een DGA en diens echtgenote — alsmede voormalige bestuurders en financieel directeuren van de vennootschap. De aanwezigheid van de advocaat-generaal als formele procespartij en van een aangestelde aandeelhoudersbeheerder duidt erop dat in eerdere fasen van de enquêteprocedure reeds ingrijpende voorzieningen zijn getroffen, zoals het tijdelijk overdragen van stemrecht of beheer van aandelen aan een neutrale derde. Het enquêterecht biedt de Ondernemingskamer ruime bevoegdheden om bij gebleken wanbeleid of gegronde twijfel aan juist beleid van een vennootschap vergaande maatregelen op te leggen. Gelet op de omvang van de lijst met belanghebbenden en de betrokkenheid van zowel interne als externe partijen, gaat het vermoedelijk om een langlopend en fundamenteel conflict over de besturing en eigendom van de Centric-groep. De volledige inhoud van de beschikking — inclusief de feitelijke beslissing en de motivering — is op basis van de beschikbare tekst niet kenbaar, nu de tekst van de uitspraak afgebroken is. Een definitieve juridische kwalificatie van de uitkomst is daarom onder voorbehoud.