JurispRadar
ECLI:NL:CRVB:2026:567Laag22/100

CRvB beoordeelt WIA-arbeidsongeschiktheidspercentage zorgmedewerker

ECLI:NL:CRVB:2026:567, Centrale Raad van Beroep, 13-05-2026, 25/1294 WIA

Centrale Raad van BeroepUitspraak: 13 mei 2026Publicatie: 13 mei 2026
Procedure:Hoger beroep
Zaaknummer:25/1294 WIA
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Zorg
Arbeidsrelaties
Wia
Arbeidsongeschiktheid
Functionele Mogelijkhedenlijst
Wga Uitkering
Psychische Klachten

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Vaststelling mate van arbeidsongeschiktheid op 70,10%. Juiste FML. Pas in hoger beroep voorzien van een toereikende motivering wat betreft de medische geschiktheid van de aan de schatting ten grondslag gelegde functies. Vergoeding proceskosten en griffierecht.

Kern van de zaak

Een voormalig verzorgende in de individuele gezondheidszorg meldde zich in 2019 ziek wegens psychische klachten. Het UWV kende hem aanvankelijk een WGA-uitkering toe op basis van 39,93% arbeidsongeschiktheid. Appellant maakte bezwaar omdat hij meende zwaarder beperkt te zijn.

Beslissing van de rechter

De uitspraak betreft een hoger beroepsprocedure bij de Centrale Raad van Beroep; de volledige beslissing is niet opgenomen in de aangeleverde tekst. Wel blijkt dat het UWV in bezwaar al gedeeltelijk aan appellant tegemoet is gekomen door de arbeidsongeschiktheid te herzien naar 70,10%, nadat een verzekeringsarts bezwaar en beroep een extra beperking (geen direct collegiaal contact) aan de FML toevoegde.

22van 100

Impactscore

Laag

Het betreft een individuele WIA-zaak zonder aanwijzingen voor richtinggevende rechtsontwikkeling; de uitkomst is casuïstisch en de beslissing van de CRvB is niet volledig beschikbaar in de aangeleverde tekst.

Belangrijkste punten

  • 1Appellant werkte als Verzorgende IG (gem. 21 uur/week) en meldde zich ziek met psychische klachten in 2019.
  • 2UWV stelde aanvankelijk arbeidsongeschiktheid vast op 39,93% en kende een loongerelateerde WGA-uitkering toe.
  • 3In bezwaar herzag het UWV de arbeidsongeschiktheid naar 70,10% na toevoeging van beperking op punt 2.12.4 (direct collegiaal contact) in de FML.
  • 4De volledige beslissing van de Centrale Raad van Beroep ontbreekt in de aangeleverde tekst, waardoor de uitkomst van het hoger beroep onzeker is.
  • 5De zaak illustreert het belang van een zorgvuldige medische beoordeling en de invloed van individuele FML-beperkingen op het arbeidsongeschiktheidspercentage.

Impactanalyse

Juridische impact

De zaak bevestigt dat het toevoegen van ook één beperking in de FML significant effect kan hebben op het arbeidsongeschiktheidspercentage en daarmee op de hoogte en duur van de WIA-uitkering. De exacte juridische impact van de CRvB-uitspraak kan niet volledig worden vastgesteld doordat de beslissingsgronden ontbreken.

Praktische impact

Voor appellant betekent de herziening van 39,93% naar 70,10% in bezwaar al een substantieel hogere uitkering; afhankelijk van de uitkomst in hoger beroep kan dit verder worden bijgesteld. Voor UWV onderstreept de zaak het belang van een volledige medische beoordeling in de primaire fase.

Onderwerp-impact

In de zorgsector, waar psychische klachten en arbeidsongeschiktheid relatief frequent voorkomen, benadrukt deze zaak dat psychische beperkingen zorgvuldig in kaart moeten worden gebracht bij WIA-keuringen, inclusief beperkingen in sociale arbeidssituaties.

Samenvatting

Deze zaak betreft een voormalig verzorgende in de individuele gezondheidszorg die zich in juni 2019 ziekmeldde wegens psychische klachten. Na afloop van de verlengde loondoorbetalingsperiode beoordeelde het UWV zijn arbeidsongeschiktheid op 39,93% en kende het een loongerelateerde WGA-uitkering toe per 4 juni 2022. Appellant maakte bezwaar, waarna de verzekeringsarts bezwaar en beroep de Functionele Mogelijkhedenlijst aanvulde met een beperking voor werkzaamheden waarbij doorgaans direct contact met collega's vereist is (punt 2.12.4). Als gevolg hiervan viel één van de geselecteerde functies af, en herzag de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep het arbeidsongeschiktheidspercentage naar 70,10%. Het UWV verklaarde het bezwaar gegrond bij besluit van 4 juli 2023. Appellant stelde vervolgens hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep. De juridische kern van de procedure draait om de vraag of de medische en arbeidskundige beoordeling van het UWV – ook na de bijstelling in bezwaar – voldoende zorgvuldig en volledig is geweest, en of de resterende geselecteerde functies passend zijn gegeven de vastgestelde beperkingen. De uitspraak dateert van 13 mei 2026, maar de volledige beslissing en motivering van de Centrale Raad van Beroep zijn niet opgenomen in de beschikbare tekst, waardoor de definitieve uitkomst van het hoger beroep niet met zekerheid kan worden vastgesteld. De zaak illustreert hoe gevoelig het WIA-arbeidsongeschiktheidspercentage is voor individuele wijzigingen in de FML: één extra beperking leidde hier tot een sprong van bijna 30 procentpunten, met vergaande gevolgen voor de hoogte en aard van de uitkering.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 18 mei 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Bestuursrecht

ECLI:NL:HR:2026:1275Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1275, Hoge Raad, 10-07-2026, 26/01234

Hoge Raad10 jul 2026OverheidArbeidsrelaties
28/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1245Richtinggevend
Bestuursrecht
Belastingrecht

ECLI:NL:HR:2026:1245, Hoge Raad, 10-07-2026, 25/00155

Hoge Raad10 jul 2026OverheidHandhaving
72/100Bekijk
ECLI:NL:GHSHE:2026:1447Laag
Bestuursrecht
Belastingrecht

ECLI:NL:GHSHE:2026:1447, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 03-06-2026, 24/867

Gerechtshof 's-Hertogenbosch3 jun 2026VastgoedOverheid
15/100Bekijk
ECLI:NL:CRVB:2026:588Laag
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht

ECLI:NL:CRVB:2026:588, Centrale Raad van Beroep, 13-05-2026, 25/519 WAJONG

Centrale Raad van Beroep13 mei 2026ZorgOverheid
28/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied