JurispRadar
ECLI:NL:CRVB:2026:1115Laag12/100

UWV veroordeeld in proceskosten na tegemoetkoming WAO-bezwaar

ECLI:NL:CRVB:2026:1115, Centrale Raad van Beroep, 26-08-2026, 24/1504 WAO

Centrale Raad van BeroepUitspraak: 26 augustus 2026Publicatie: 28 augustus 2026
Procedure:Proceskostenveroordeling
Zaaknummer:24/1504 WAO
Bestuursprocesrecht
Socialezekerheidsrecht
Arbeidsrelaties
Overheid
Uwv
Intrekking Hoger Beroep
Proceskosten
Wao
Tegemoetkoming

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep.

Kern van de zaak

Een appellant in een WAO-zaak trok zijn hoger beroep in nadat het UWV bij gewijzigde beslissing op bezwaar van 30 maart 2026 alsnog aan zijn bezwaren tegemoet was gekomen. Appellant verzocht de Centrale Raad van Beroep het UWV te veroordelen in de proceskosten van het hoger beroep, waaronder reiskosten en kosten van een expertiserapport.

Beslissing van de rechter

Het verzoek om proceskostenveroordeling in hoger beroep is toegewezen: het UWV wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep ten bedrage van € 2.335,- aan rechtsbijstand plus € 16,40 aan reiskosten. Doorslaggevend is dat het UWV geheel aan de bezwaren van appellant heeft tegemoetgekomen, hetgeen op grond van artikel 8:75a Awb jo. artikel 8:108 Awb een proceskostenveroordeling rechtvaardigt.

12van 100

Impactscore

Laag

Het betreft een standaard proceskostenbeslissing na intrekking van hoger beroep zonder nieuwe rechtsvragen of precedentwerking; de uitkomst is een routinematige toepassing van vaste regels uit de Awb en het Besluit proceskosten bestuursrecht.

Belangrijkste punten

  • 1Bij intrekking van hoger beroep wegens tegemoetkoming door het bestuursorgaan kan op grond van art. 8:75a jo. 8:108 Awb proceskostenveroordeling worden verzocht.
  • 2De kosten in beroep (eerste aanleg) vallen buiten de omvang van het geding in hoger beroep, nu de rechtbank daarover al had beslist en appellant daartegen niet was opgekomen.
  • 3Proceskosten in hoger beroep worden begroot op € 2.335,- (2,5 punt à € 934,-: indienen beroepschrift, bijwonen zitting, zienswijze op deskundigenrapport).
  • 4Reiskosten voor de zitting bij de Centrale Raad worden vergoed op basis van openbaar vervoer 2e klasse (€ 16,40).
  • 5Over de kosten van bezwaar had het UWV al beslist in de gewijzigde beslissing op bezwaar; de Raad oordeelt alleen over de hoger beroepskosten.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak bevestigt de toepasselijkheid van artikel 8:75a Awb in hoger beroep via de schakelbepaling van artikel 8:108 Awb en verduidelijkt de omvangsafbakening van het proceskostenverzoek bij een gedeeltelijk ingetrokken hoger beroep. Het is een routinematige toepassing van bestaande procesrechtelijke regels zonder nieuwe rechtsontwikkeling.

Praktische impact

Voor appellant leidt de uitspraak tot vergoeding van zijn proceskosten in hoger beroep door het UWV. Voor de praktijk geldt dat procespartijen die hun hoger beroep intrekken na een tegemoetkoming tijdig een proceskostenverzoek moeten indienen, en dat kosten uit eerdere instanties buiten de omvang vallen als daartegen niet apart is opgekomen.

Onderwerp-impact

In arbeidsongeschiktheidszaken (WAO) benadrukt deze uitspraak het belang van het tijdig aanvechten van proceskostenbeslissingen per instantie, zodat aanspraken niet verloren gaan bij een latere intrekkingsprocedure.

Samenvatting

In deze WAO-zaak had appellant hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van het UWV over zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering. Hangende het hoger beroep benoemde de Centrale Raad van Beroep een deskundige, die rapport uitbracht. Naar aanleiding daarvan nam het UWV op 30 maart 2026 een gewijzigde beslissing op bezwaar waarmee het alsnog volledig aan de bezwaren van appellant tegemoet kwam. Appellant trok hierop zijn hoger beroep in en verzocht de Raad het UWV te veroordelen in de proceskosten op grond van artikel 8:75a, eerste lid, Awb juncto artikel 8:108, eerste lid, Awb. De Raad stelde allereerst de omvang van het geding vast. De kosten in de beroepsfase waren al door de rechtbank toegewezen en appellant had daartegen geen hoger beroep ingesteld, zodat die kosten buiten het bestek van dit verzoek vallen. De kosten van bezwaar waren reeds geregeld in de gewijzigde beslissing op bezwaar van het UWV. De Raad beoordeelde daarmee uitsluitend de in hoger beroep gemaakte kosten. De Raad wees het verzoek toe en begrootte de proceskosten conform het Besluit proceskosten bestuursrecht op € 2.335,-. Dit bedrag is opgebouwd uit 2,5 procespunt (1 punt voor het indienen van het hoger beroepschrift, 1 punt voor het bijwonen van de zitting en 0,5 punt voor de ingediende zienswijze op het deskundigenrapport), vermenigvuldigd met de puntwaarde van € 934,-. Daarbovenop worden de reiskosten voor de zitting bij de Centrale Raad vergoed ten bedrage van € 16,40, berekend op basis van openbaar vervoer tweede klasse. De vergoeding van het door appellant in de beroepsprocedure ingediende expertiserapport bleef buiten beschouwing, nu dat betrekking had op de eerdere instantie. De uitspraak is een routinematige toepassing van de procesrechtelijke regels bij intrekking na tegemoetkoming en heeft geen bredere precedentwerking.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 31 augustus 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1467Laag
Belastingrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1467, Hoge Raad, 11-09-2026, 26/00945

Hoge Raad11 sep 2026OverheidVastgoed
5/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1440Laag
Belastingrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1440, Hoge Raad, 11-09-2026, 26/00139

Hoge Raad11 sep 2026OverheidHandhaving
8/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1466Laag
Belastingrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1466, Hoge Raad, 11-09-2026, 26/01038

Hoge Raad11 sep 2026ZorgFinanciele Dienstverlening
8/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1439Laag
Belastingrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1439, Hoge Raad, 11-09-2026, 25/03570

Hoge Raad11 sep 2026OverheidFinanciele Dienstverlening
18/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied