JurispRadar
ECLI:NL:RVS:2026:625Middel35/100

Scientist Rebellion ongegrond in klimaatbeleidsverzoek aan minister

ECLI:NL:RVS:2026:625, Raad van State, 04-02-2026, 202404385/1/A3

Raad van StateUitspraak: 4 februari 2026Publicatie: 4 februari 2026
Procedure:Hoger beroep
Zaaknummer:202404385/1/A3
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Omgevingsrecht
Internationaal publiekrecht
Overheid
Handhaving
Vergunningen
Milieu
Niet Tijdig Beslissen
Klimaatbeleid
Verdrag Van Aarhus
Fossiele Subsidies
Scientist Rebellion

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Bij brief van 26 oktober 2023 heeft Scientist Rebellion de minister van Klimaat en Groene Groei in gebreke gesteld ten aanzien van het nemen van een beslissing op haar verzoeken. Scientist Rebellion is een internationale groep van wetenschappers die zich zorgen maakt over het klimaat en als belang heeft het beperken van de opwarming van de aarde. Scientist Rebellion voert actie en spoort de overheid aan tot het opstellen van wet- en regelgeving en het treffen van maatregelen. Bij brief van 26 augustus 2023 heeft Scientist Rebellion de minister verzocht enkele beslissingen te nemen. De rechtbank heeft geoordeeld dat de brief van 26 augustus 2023 geen aanvraag is in de zin van artikel 1:3, derde lid, van de Awb. De minister hoefde daarom geen besluit te nemen.

Kern van de zaak

Scientist Rebellion, een internationale wetenschappersgroep, verzocht de minister in augustus 2023 om concrete klimaatmaatregelen te nemen op basis van het Verdrag van Aarhus, de Overeenkomst van Parijs en artikel 21 Grondwet, waaronder het stoppen van fossiele subsidies en het instellen van burgerberaden. Toen de minister niet tijdig reageerde, stelde Scientist Rebellion beroep in bij de rechtbank wegens niet tijdig beslissen.

Beslissing van de rechter

De uitspraak is onvolledig aangeleverd, waardoor de uiteindelijke beslissing van de Raad van State niet volledig kan worden vastgesteld. Op basis van de beschikbare tekst lijkt de minister het verzoek te hebben behandeld als een 'burgerbrief' zonder formeel besluit te nemen, waardoor de vraag centraal staat of de brief van 26 augustus 2023 een aanvraag in de zin van de Awb constitueerde.

35van 100

Impactscore

Middel

De zaak betreft een Raad van State-uitspraak over een principiële vraag omtrent de toegang tot bestuursrechtelijke procedures voor klimaatverzoeken, maar de onvolledige aanlevering van de uitspraaktekst beperkt de mogelijkheid tot volledige beoordeling van de richtinggevende waarde.

Belangrijkste punten

  • 1Scientist Rebellion verzocht de minister om uitwerking van artikel 7 van het Verdrag van Aarhus voor publieke indiening van klimaatmaatregelen
  • 2De minister reageerde inhoudelijk bij brief van 7 december 2023, maar zonder een formeel besluit te nemen
  • 3De minister kwalificeerde de brief van Scientist Rebellion als een 'burgerbrief', niet als een aanvraag in de zin van de Awb
  • 4Scientist Rebellion stelde beroep in wegens niet tijdig beslissen na een ingebrekestelling op 26 oktober 2023
  • 5De uitspraak is onvolledig; de definitieve conclusie van de Raad van State kan niet volledig worden bepaald

Impactanalyse

Juridische impact

De zaak raakt aan de vraag wanneer een brief aan een bestuursorgaan als een formele aanvraag kwalificeert en of verzoeken tot klimaatbeleid op basis van het Verdrag van Aarhus en de Grondwet een besluitverplichting voor de overheid scheppen. De uitkomst is juridisch relevant voor de reikwijdte van artikel 7 Verdrag van Aarhus in het Nederlandse bestuursrecht.

Praktische impact

Voor klimaatactivisten en maatschappelijke organisaties verduidelijkt deze zaak in hoeverre zij via bestuursrechtelijke weg specifieke klimaatmaatregelen kunnen afdwingen bij de minister. De kwalificatie van hun verzoeken als 'burgerbrief' versus formele aanvraag bepaalt de toegang tot rechtsbescherming.

Onderwerp-impact

De zaak is relevant voor de verhouding tussen klimaatbeleid, publieke participatie en overheidsverplichtingen onder internationale verdragen, en kan bijdragen aan de discussie over de juridische afdwingbaarheid van klimaatmaatregelen via het bestuursrecht.

Samenvatting

Scientist Rebellion, een internationale groep wetenschappers die zich inzet voor klimaatbeleid, richtte zich in augustus 2023 tot de minister met een reeks verzoeken. Zij vroegen onder meer om een uitwerking van artikel 7 van het Verdrag van Aarhus waarmee het publiek klimaatmaatregelen kan aandragen, om erkenning van de verplichtingen uit de Overeenkomst van Parijs en artikel 21 van de Grondwet, en om concrete maatregelen zoals het stoppen van fossiele subsidies en het instellen van burgerberaden over klimaat en milieu. Tevens vroegen zij om verantwoording over de jaarlijkse belastingsubsidie van circa € 1.700 per burger ten behoeve van fossiele brandstoffen. De minister liet een reactie uitblijven, waarna Scientist Rebellion hem op 26 oktober 2023 in gebreke stelde en vervolgens op 12 november 2023 beroep wegens niet tijdig beslissen instelde bij de rechtbank. Op 7 december 2023 reageerde de minister inhoudelijk per brief, maar zonder een formeel besluit te nemen. De minister stelde zich op het standpunt dat de brief van Scientist Rebellion moest worden aangemerkt als een 'burgerbrief' en niet als een aanvraag in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. De centrale juridische vraag is of de verzoeken van Scientist Rebellion een besluitverplichting voor de minister schiepen en of artikel 7 van het Verdrag van Aarhus, in samenhang met de Overeenkomst van Parijs en de Grondwet, een afdwingbaar recht op participatie in klimaatbesluitvorming verankert. De uitspraak van de Raad van State is helaas onvolledig aangeleverd, waardoor de definitieve beslissing en motivering niet volledig kunnen worden weergegeven. Op basis van de beschikbare tekst lijkt de kern van het geschil te draaien om de vraag of de verzoeken als formele aanvragen kwalificeerden, en of de minister gehouden was een appellabel besluit te nemen.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 20 juli 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak
35van 100
MiddelLees toelichting ↓

Meer Bestuursrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5339Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5339, Raad van State, 09-09-2026, 202500974/1/R3

Raad van State9 sep 2026VastgoedVergunningen
18/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5326Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5326, Raad van State, 09-09-2026, 202505339/1/R3

Raad van State9 sep 2026VastgoedVergunningen
18/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5361Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5361, Raad van State, 09-09-2026, 202503177/1/R1

Raad van State9 sep 2026VastgoedVergunningen
18/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5354Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5354, Raad van State, 09-09-2026, 202406781/1/A3

Raad van State9 sep 2026OverheidVergunningen
18/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied