JurispRadar
ECLI:NL:RVS:2026:5779Laag28/100

Handhaving geluidsnormen motorcrossterrein onder oud recht voortgezet

ECLI:NL:RVS:2026:5779, Raad van State, 30-09-2026, 202304495/1/R3

Raad van StateUitspraak: 30 september 2026Publicatie: 30 september 2026
Procedure:Hoger beroep
Zaaknummer:202304495/1/R3
Bestuursrecht
Omgevingsrecht
Handhaving
Vergunningen
Milieu
Omgevingswet Overgangsrecht
Wabo
Last Onder Dwangsom
Geluidshinder
Motorcross

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Bij besluit van 8 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Ooststellingwerf MSV de Prikkedam (MSV de Prikkedam) gelast om het in artikel 5.4.2 van de planregels van het bestemmingsplan "motorcrossterrein “De Prikkedam" toegestane maximale geluidsniveau tijdens trainingen niet te overschrijden. MSV de Prikkedam is de gebruiker van het motorcrossterrein “De Prikkedam aan de Prikkedam 1A. Op het terrein ligt een motorcrosscircuit dat wordt gebruikt voor wedstrijden en voor trainingen. [appellant A] woont aan de [locatie] ten zuidoosten van het motorcrossterrein. Hij heeft het college op 8 januari 2015 verzocht om handhavend op te treden in verband met onder meer geluidhinder. Het college heeft dat verzoek toegewezen en heeft MSV de Prikkedam op 8 november 2016 en op 7 mei 2019 lasten onder dwangsom opgelegd in verband met de overtreding van geluidsvoorschrift F3 in de aan MSV de Prikkedam in 2001 verleende milieuvergunning voor het oprichten en in werking hebben van het motorcrossterrein. Op 7 oktober 2019 heeft de raad van Ooststellingwerf het bestemmingsplan "motorcrossterrein “De Prikkedam" vastgesteld. In artikel 5.4.2 van de planregels zijn geluidsnormen opgenomen. Het college heeft tijdens een training op 8 maart 2020 een overschrijding van het maximale geluidsniveau geconstateerd. Daarom heeft het college op 17 maart 2020 aan MSV de Prikkedam een vervangende last onder dwangsom opgelegd.

Kern van de zaak

Omwonende [appellant A] verzocht handhaving wegens geluidshinder van motorcrossterrein De Prikkedam. Het college legde meerdere lasten onder dwangsom op aan MSV de Prikkedam wegens overtreding van geluidsvoorschriften uit de milieuvergunning van 2001. De zaak betreft de vraag welk recht van toepassing is na inwerkingtreding van de Omgevingswet.

Beslissing van de rechter

De Raad van State stelt vast dat het overgangsrecht van de Invoeringswet Omgevingswet (art. 4.23 lid 1) van toepassing is, waardoor de Wabo zoals die gold vóór 1 januari 2024 van kracht blijft op de in 2020 opgelegde last onder dwangsom. De doorslaggevende reden is dat de overtreding en de lastgeving plaatsvonden vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet.

28van 100

Impactscore

Laag

De uitspraak betreft een feitelijk specifieke handhavingszaak en de overgangsrechtelijke vaststelling is weinig verrassend; de tekst is bovendien onvolledig waardoor de uiteindelijke beslissing op de inhoud niet zichtbaar is.

Belangrijkste punten

  • 1Op grond van art. 4.23 lid 1 Invoeringswet Omgevingswet blijft de Wabo (oud) van toepassing op vóór 1 januari 2024 opgelegde lasten onder dwangsom.
  • 2Het college constateerde op 8 maart 2020 een overschrijding van het maximale geluidsniveau tijdens een training op het motorcrossterrein.
  • 3MSV de Prikkedam ontving eerder al lasten onder dwangsom op 8 november 2016 en 7 mei 2019 wegens overtreding van geluidsvoorschrift F3.
  • 4Het bestemmingsplan 'motorcrossterrein De Prikkedam' van 7 oktober 2019 bevat eigen geluidsnormen in artikel 5.4.2 van de planregels.
  • 5De uitspraak is gebaseerd op een onvolledige tekst; verdere inhoudelijke oordelen over de geldigheid van de dwangsom zijn niet zichtbaar.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak bevestigt de werking van het overgangsrecht bij de Omgevingswet: voor vóór 2024 opgelegde handhavingsbesluiten blijft de Wabo onverkort van toepassing tot volledige uitvoering, verbeurte of opheffing van de last. Dit biedt rechtszekerheid over het toepasselijk handhavingskader in lopende zaken.

Praktische impact

Voor MSV de Prikkedam betekent dit dat de handhaving voortgaat onder de bekende Wabo-regels en dat de geluidsnormen uit de milieuvergunning van 2001 maatgevend blijven. Voor omwonenden zoals appellant A verandert er vooralsnog niets aan de handhavingssituatie.

Onderwerp-impact

In de motorcross- en recreatiesector benadrukt deze zaak dat operatoren van geluidsgevoelige activiteiten ook na de stelselwijziging van 2024 gebonden blijven aan vóór die datum opgelegde milieuhandhavingsbesluiten, totdat die volledig zijn afgewikkeld.

Samenvatting

Deze zaak betreft een handhavingsgeschil rondom motorcrossterrein De Prikkedam in de gemeente Ooststellingwerf. Omwonende appellant A verzocht het college al in 2015 om handhavend op te treden vanwege geluidshinder. Na meerdere geconstateerde overtredingen van geluidsvoorschrift F3 uit de milieuvergunning van 2001 legde het college achtereenvolgens lasten onder dwangsom op aan MSV de Prikkedam (2016, 2019 en 2020). Op 8 maart 2020 werd opnieuw een overschrijding van het maximale geluidsniveau geconstateerd tijdens een training, wat leidde tot een nieuw handhavingsbesluit op 17 maart 2020. De centrale juridische vraag in deze procedure betreft het toepasselijke recht na de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024. De Raad van State stelt vast dat op grond van artikel 4.23, eerste lid, van de Invoeringswet Omgevingswet het oude recht – de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) – van toepassing blijft op de in december 2020 opgelegde last onder dwangsom. Dit overgangsrecht geldt zolang de last niet volledig is uitgevoerd, de dwangsom niet volledig is verbeurd en betaald, of de last niet is opgeheven. De reden hiervoor is dat zowel de overtreding als de oplegging van de last plaatsvonden vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De uitspraaktekst is onvolledig, waardoor de uiteindelijke inhoudelijke beslissing over de rechtmatigheid van de opgelegde dwangsom niet volledig zichtbaar is. Desondanks biedt de uitspraak duidelijkheid over het juridische kader: in lopende handhavingszaken die vóór 2024 zijn gestart, blijft de Wabo het toepasselijke regime, hetgeen rechtszekerheid verschaft aan zowel handhavende overheden als betrokken partijen.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 30 september 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Bestuursrecht

Raad van State·30 sep 2026
Bestuursrecht
Omgevingsrecht
Zorg
Vergunningen
ECLI:NL:RVS:2026:5799

Buurman verliest hoger beroep over uitbouw woonzorgcentrum Doorn

22/100Bekijk
Raad van State·30 sep 2026
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Vastgoed
Vergunningen
ECLI:NL:RVS:2026:5808

Bestemmingsplan Den Ham deels vernietigd wegens gebrekkige geluidbeoordeling

38/100Bekijk
Raad van State·30 sep 2026
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Overheid
Vergunningen
ECLI:NL:RVS:2026:5803

Raad van State beoordeelt herstelbesluit bestemmingsplan Schiermonnikoog

22/100Bekijk
Raad van State·30 sep 2026
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Vastgoed
Vergunningen
ECLI:NL:RVS:2026:5771

Beroep tegen recreatiewoningen op landtong ongegrond verklaard

18/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied