JurispRadar
ECLI:NL:RVS:2026:5666Laag22/100

Omgevingsvergunning melkfabriek verbouwing in hoger beroep bevestigd

ECLI:NL:RVS:2026:5666, Raad van State, 23-09-2026, 202501227/1/R3

Raad van StateUitspraak: 23 september 2026Publicatie: 23 september 2026
Procedure:Hoger beroep
Zaaknummer:202501227/1/R3
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Omgevingsrecht
Vergunningen
Ruimtelijke Ordening
Bouw
Omgevingsvergunning
Overgangsrecht Omgevingswet
Bestemmingsplan
Wabo
Kruimelafwijking

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Bij besluit van 16 maart 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Tynaarlo aan De Melkfabriek B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het verbouwen van een oude melkfabriek tot 18 wooneenheden en een bedrijfs- en kantoorfunctie. Op 24 november 2022 heeft De Melkfabriek een omgevingsvergunning aangevraagd om de oude melkfabriek aan de [locatie 1] te verbouwen. [appellant] woont aan de [locatie 2] nabij de oude melkfabriek Het college heeft een omgevingsvergunning verleend voor de activiteiten bouwen en handelen in strijd met het bestemmingsplan, zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a en c, van de Wabo. Daarvoor heeft het college gebruik gemaakt van de bevoegdheid uit artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a, onder 2°, van de Wabo, in samenhang met artikel 4, aanhef en onderdeel 9, van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht (Bor).

Kern van de zaak

De Melkfabriek vroeg in november 2022 een omgevingsvergunning aan voor verbouwing van een oude melkfabriek. Een omwonende (appellant) ging in beroep en vervolgens in hoger beroep bij de Raad van State tegen de verleende vergunning voor bouwen en afwijking van het bestemmingsplan.

Beslissing van de rechter

Het hoger beroep van de omwonende is ongegrond verklaard. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat appellant in hoger beroep slechts zijn eerdere beroepsgronden herhaalt zonder nieuwe argumenten aan te dragen waarom het oordeel van de rechtbank onjuist of onvolledig zou zijn, en sluit zich aan bij het oordeel van de rechtbank.

22van 100

Impactscore

Laag

De uitspraak betreft een casuïstische toepassing van bekende rechtsregels (overgangsrecht Omgevingswet, kruimelafwijking Bor) en bevat geen nieuwe rechtsontwikkeling; de impact is beperkt tot de directe partijen. De onvolledigheid van de beschikbare tekst beperkt de beoordeling verder.

Belangrijkste punten

  • 1Overgangsrecht Omgevingswet: omdat de aanvraag dateert van 24 november 2022 (vóór inwerkingtreding Omgevingswet op 1 januari 2024), blijft de Wabo van toepassing.
  • 2De vergunning is verleend op grond van artikel 2.1 lid 1 onder a en c Wabo, met toepassing van artikel 2.12 lid 1 Wabo juncto artikel 4 onderdeel 9 bijlage II Bor (planologische kruimelafwijking).
  • 3De Afdeling verwerpt een hoger beroepsgrond die louter een herhaling is van hetgeen in eerste aanleg is aangevoerd, zonder onderbouwing waarom de rechtbank onjuist heeft geoordeeld.
  • 4De uitspraak illustreert de toepassing van het overgangsrecht van de Invoeringswet Omgevingswet voor aanvragen ingediend vóór 1 januari 2024.
  • 5De tekst van de uitspraak is onvolledig; de volledige motivering en het dictum zijn niet beschikbaar, waardoor de analyse gedeeltelijk op de beschikbare overwegingen is gebaseerd.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak bevestigt de vaste lijn dat hoger beroepsgronden die louter eerder aangevoerde gronden herhalen zonder nadere onderbouwing niet slagen, en verduidelijkt de toepassing van het overgangsrecht van de Invoeringswet Omgevingswet bij vóór 2024 ingediende vergunningaanvragen.

Praktische impact

De omwonende slaagt er niet in de omgevingsvergunning voor de verbouwing van de melkfabriek te blokkeren; De Melkfabriek kan de vergunde verbouwing uitvoeren.

Onderwerp-impact

Voor projecten waarbij vergunningaanvragen zijn ingediend vóór 1 januari 2024 blijft de Wabo-systematiek inclusief de kruimelafwijkingsprocedure onverkort van toepassing, ook in lopende hoger beroepsprocedures.

Samenvatting

In deze zaak staat de verbouwing van een oude melkfabriek centraal. De Melkfabriek diende op 24 november 2022 een aanvraag in voor een omgevingsvergunning voor de activiteiten bouwen en afwijken van het bestemmingsplan. Het college van burgemeester en wethouders verleende de vergunning met toepassing van de zogenoemde kruimelafwijkingsbevoegdheid (artikel 4 onderdeel 9 bijlage II Bor), waardoor kleinschalige planologische afwijkingen zonder uitgebreide procedure mogelijk zijn. Een omwonende aan de nabijgelegen locatie maakte bezwaar en stelde vervolgens beroep in bij de rechtbank, die de vergunning in stand liet. In hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State herhaalt appellant zijn eerdere bezwaar dat de kruimelafwijkingsbevoegdheid niet kon worden toegepast. De Afdeling verwerpt dit betoog omdat appellant geen nieuwe argumenten heeft aangedragen die aantonen waarom het oordeel van de rechtbank onjuist of onvolledig zou zijn; een loutere herhaling van beroepsgronden volstaat niet in hoger beroep. Een relevante procedurele kwestie betreft het overgangsrecht: omdat de aanvraag vóór 1 januari 2024 is ingediend, is op grond van artikel 4.3 Invoeringswet Omgevingswet de oude Wabo van toepassing en niet de nieuwe Omgevingswet. Dit overgangsrecht heeft in de praktijk grote betekenis voor alle vergunningprocedures die rondom de inwerkingtreding liepen. De uitspraak bevat geen fundamentele nieuwe rechtsontwikkeling maar bevestigt vaste rechtspraak over de eisen die aan hoger beroepsgronden worden gesteld en over de toepasselijkheid van het Wabo-regime voor aanvragen ingediend vóór 2024. Vanwege de onvolledigheid van de beschikbare uitspraaktekst is de analyse gebaseerd op de beschikbare overwegingen.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 23 september 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Bestuursrecht

Raad van State·23 sep 2026
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Vergunningen
Milieu
ECLI:NL:RVS:2026:5680

Omgevingsvergunning paardenhouderij Veluwe alsnog in stand gelaten

28/100Bekijk
Raad van State·23 sep 2026
Bestuursrecht
Europees bestuursrecht
Vergunningen
Milieu
ECLI:NL:RVS:2026:5632

Zonnepark vrijgesteld van ontheffingsplicht grondwaterbeschermingsgebied

38/100Bekijk
Raad van State·23 sep 2026
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Vastgoed
Vergunningen
ECLI:NL:RVS:2026:5657

Bestemmingsplan Kasteel Limbricht vernietigd door Raad van State

38/100Bekijk
Raad van State·23 sep 2026
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Overheid
Handhaving
ECLI:NL:RVS:2026:5638

Raad van State buigt zich over militair radarstation Herwijnen

38/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied