JurispRadar
ECLI:NL:RVS:2026:4867Middel38/100

RvS: omgevingsvergunning hippische wedstrijden Breda terecht verleend

ECLI:NL:RVS:2026:4867, Raad van State, 19-08-2026, 202306911/1/R2

Raad van StateUitspraak: 19 augustus 2026Publicatie: 19 augustus 2026
Procedure:Hoger beroep
Zaaknummer:202306911/1/R2
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Omgevingsrecht
Vergunningen
Milieu
Ruimtelijke Ordening
Omgevingsvergunning
Wabo Overgangsrecht
Bestemmingsplan
Hippische Wedstrijden
Gemeentelijke Bevoegdheid

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Bij besluit van 16 januari 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Breda aan Sintels B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het gebruiken van een terrein voor het organiseren van dressuur- en/of springwedstrijden in de periode van 31 maart tot 1 oktober op de locatie Rijsbergseweg 590 in Breda. Sintels exploiteert een manage met een paarden- en ponyfokkerij en wil hippische wedstrijden gaan organiseren. Het houden van evenementen en het daarbij behorend parkeren passen volgens het college van Breda niet binnen de geldende bestemmingsplannen. Het college heeft vervolgens een omgevingsvergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan verleend. De Groene Koepel en anderen zijn het niet eens met dit besluit omdat zij vrezen dat de natuur wordt aangetast door de wedstrijden. De Groene Koepel en anderen betogen dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat het college van Breda bevoegd is om de omgevingsvergunning te verlenen, omdat het zwaartepunt van de afwijking van het bestemmingsplan niet in Breda ligt.

Kern van de zaak

Sintels exploiteert een manege met paardenfokkerij en wil hippische wedstrijden organiseren nabij Breda en Zundert. Het college van Breda verleende een omgevingsvergunning voor afwijking van het bestemmingsplan. Milieuorganisatie De Groene Koepel en anderen vochten dit besluit aan wegens vrees voor aantasting van de natuur.

Beslissing van de rechter

Het hoger beroep van De Groene Koepel en anderen is gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd, maar het beroep tegen de omgevingsvergunning zelf is ongegrond verklaard. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college van Breda bevoegd was de vergunning te verlenen en dat de vergunningverlening in stand blijft.

38van 100

Impactscore

Middel

De uitspraak bevat een praktisch relevante bevoegdheidsafbakening bij gemeentegrensoverschrijdende omgevingsvergunningen, maar betreft een casuïstische toepassing zonder fundamenteel nieuwe rechtsregel op Hoge Raad- of RvS-niveau.

Belangrijkste punten

  • 1Overgangsrecht Omgevingswet: omdat de aanvraag dateerde van 23 februari 2022 (vóór 1 januari 2024), bleef de Wabo van toepassing.
  • 2Bevoegdheidsvraag: De Groene Koepel betoogde dat het zwaartepunt van de bestemmingsplanafwijking in Zundert lag (44.215 m²) en niet in Breda (31.789 m²), maar dit argument werd verworpen.
  • 3De Afdeling beoordeelde de frequentie en aard van de wedstrijdtypen mede als factor bij het bepalen van het bevoegde college.
  • 4De rechtbank Zeeland-West-Brabant werd gecorrigeerd, maar het uiteindelijke resultaat (ongegrondverklaring beroep) bleef hetzelfde.
  • 5Het college van Breda werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van € 3.628,00 voor rechtsbijstand in beroep en hoger beroep.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak verduidelijkt hoe bevoegdheid wordt vastgesteld bij omgevingsvergunningen die betrekking hebben op grondgebied van meerdere gemeenten, waarbij niet louter oppervlakte maar ook gebruiksintensiteit een rol speelt. De toepassing van het overgangsrecht Omgevingswet wordt bevestigd.

Praktische impact

Sintels kan de hippische wedstrijden doorgang laten vinden op basis van de onherroepelijk geworden omgevingsvergunning. De Groene Koepel en anderen ontvangen wel een proceskostenvergoeding, maar slagen er niet in de vergunning ongedaan te maken.

Onderwerp-impact

Voor organisatoren van evenementen op grensgebied van gemeenten biedt deze uitspraak richting over welke gemeente bevoegd is bij bestemmingsplanafwijkingen die meerdere gemeenten raken, met aandacht voor gebruiksfrequentie naast oppervlakte.

Samenvatting

Deze zaak draait om een omgevingsvergunning die het college van burgemeester en wethouders van Breda verleende aan Sintels, exploitant van een manege met paarden- en ponyfokkerij, voor het organiseren van hippische wedstrijden op gronden die deels in Breda en deels in de gemeente Zundert liggen. De vergunning betrof een afwijking van de geldende bestemmingsplannen, omdat evenementen en bijbehorend parkeren daar niet in pasten. Milieuorganisatie De Groene Koepel en anderen kwamen op tegen de vergunning uit vrees voor natuuraantasting. Een eerste formele vraag betrof het toepasselijke recht: omdat de aanvraag was ingediend op 23 februari 2022, dus vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024, bleef op grond van het overgangsrecht de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) van toepassing. De kern van het geschil betrof de bevoegdheidsvraag: welke gemeente is bevoegd de vergunning te verlenen wanneer de activiteiten op grondgebied van twee gemeenten plaatsvinden? De Groene Koepel voerde aan dat het zwaartepunt in Zundert lag, gelet op de grotere oppervlakte daar (44.215 m² versus 31.789 m² in Breda). De Afdeling bestuursrechtspraak verwierp dit betoog en oordeelde dat Breda bevoegd was, waarbij ook de frequentie en aard van de verschillende wedstrijdtypen een rol spelen bij de beoordeling van het zwaartepunt. De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 28 september 2023, maar verklaarde het onderliggende beroep van De Groene Koepel en anderen alsnog ongegrond. De omgevingsvergunning blijft daarmee in stand. Het college van Breda werd wel veroordeeld tot betaling van € 3.628,00 aan proceskosten wegens de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand in beide instanties.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 27 augustus 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak
38van 100
MiddelLees toelichting ↓

Meer Bestuursrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5339Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5339, Raad van State, 09-09-2026, 202500974/1/R3

Raad van State9 sep 2026VastgoedVergunningen
18/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5326Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5326, Raad van State, 09-09-2026, 202505339/1/R3

Raad van State9 sep 2026VastgoedVergunningen
18/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5361Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5361, Raad van State, 09-09-2026, 202503177/1/R1

Raad van State9 sep 2026VastgoedVergunningen
18/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5354Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5354, Raad van State, 09-09-2026, 202406781/1/A3

Raad van State9 sep 2026OverheidVergunningen
18/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied