JurispRadar
ECLI:NL:RVS:2026:4852Laag28/100

Ontheffing verbrandingsmotor rondvaartboot terecht afgewezen wegens te late aanvraag

ECLI:NL:RVS:2026:4852, Raad van State, 19-08-2026, 202502853/1/A3

Raad van StateUitspraak: 19 augustus 2026Publicatie: 19 augustus 2026
Procedure:Hoger beroep
Zaaknummer:202502853/1/A3
Bestuursrecht
Omgevingsrecht
Handhaving
Vergunningen
Transport
Ontheffing
Vaarverordening
Elektrisch Varen
Rondvaartboten
Giethoorn

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Hollands Venetië exploiteert een rondvaarboten- en verhuurbotenbedrijf in Giethoorn. Per 1 januari 2021 geldt de nieuwe Vaarverordening Steenwijkerland 2021. Deze bevat een verbod om rondvaartboten aan te drijven met een verbrandingsmotor. Op grond van de vaarverordening kon het college een ontheffing van dit verbod verlenen als deze werd aangevraagd voor 1 januari 2022 en als voldaan werd aan de andere voorwaarden in het ontheffingenbeleid elektrisch varen Steenwijkerland (het ontheffingenbeleid). Hollands Venetië heeft op 10 juli 2023 een ontheffing gevraagd voor haar twee VIP-sloepen die nog varen met een verbrandingsmotor. Deze worden, omdat ze een schipper hebben, geschaard onder de categorie rondvaartboten. Het college heeft de aanvraag afgewezen en stelt dat de aanvraag niet alleen te laat is ingediend, maar dat de vaartuigen waarvoor de ontheffing is aangevraagd, ook niet zijn vergund onder de nieuwe vaarverordening, omdat voor de VIP-sloepen geen kenteken is aangevraagd.

Kern van de zaak

Hollands Venetië exploiteert een rondvaarbotenbedrijf in Giethoorn en vroeg in juli 2023 ontheffing aan voor twee VIP-sloepen met verbrandingsmotor. De gemeente Steenwijkerland wees de aanvraag af omdat deze te laat was ingediend (deadline was 1 januari 2022) én omdat voor de sloepen geen kenteken was aangevraagd onder de nieuwe Vaarverordening Steenwijkerland 2021.

Beslissing van de rechter

De Raad van State bevestigt de afwijzing van de ontheffingsaanvraag; de aanvraag is te laat ingediend en de betrokken vaartuigen beschikten niet over een geldige vergunning met bijbehorende kentekens op grond van de vaarverordening. Aan de cumulatieve voorwaarden van het ontheffingenbeleid was niet voldaan, zodat het college de aanvraag terecht heeft afgewezen.

28van 100

Impactscore

Laag

Het betreft een casuïstische toepassing van lokale regelgeving op één specifiek bedrijf; de rechtsvraag is niet principieel van aard en de uitkomst is een bevestiging van een reeds door de rechtbank genomen beslissing zonder bredere precedentwerking.

Belangrijkste punten

  • 1Vaarverordening Steenwijkerland 2021 verbiedt rondvaartboten met verbrandingsmotor; ontheffing was alleen mogelijk bij aanvraag vóór 1 januari 2022.
  • 2Hollands Venetië diende de ontheffingsaanvraag pas in op 10 juli 2023, ruim anderhalf jaar na de deadline.
  • 3De VIP-sloepen hadden geen geldige vergunning én geen kenteken onder de nieuwe vaarverordening, wat een harde vereiste is voor ontheffingsverlening.
  • 4Kentekens die na een wijzigingsaanvraag van 23 juli 2021 werden verstrekt, hadden geen betrekking op de betreffende sloepen maar op nog aan te schaffen elektrische boten.
  • 5De rechtbank en de Raad van State oordelen eensluidend dat niet aan de voorwaarden van het ontheffingenbeleid is voldaan.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak bevestigt dat gemeenten strikt mogen vasthouden aan formele aanvraagtermijnen en vergunningsvereisten bij de verlening van ontheffingen in het kader van gemeentelijke vaarverordeningen. Ondernemers kunnen zich niet met succes beroepen op later verkregen kentekens als die oorspronkelijk niet voor de betrokken vaartuigen waren aangevraagd.

Praktische impact

Hollands Venetië mag de twee VIP-sloepen met verbrandingsmotor niet meer inzetten voor rondvaarten in Giethoorn en zal moeten overstappen op elektrisch aangedreven vaartuigen of de exploitatie van deze sloepen staken. Andere ondernemers in de gemeente Steenwijkerland die de aanvraagtermijn hebben gemist, kunnen evenmin alsnog ontheffing verkrijgen.

Onderwerp-impact

De zaak illustreert de spanning tussen gemeentelijke verduurzamingsdoelstellingen in de toeristische vaarsector en de belangen van bestaande ondernemers die de transitie naar elektrisch varen (nog) niet hebben afgerond. Strikte handhaving van overgangsregelingen kan aanzienlijke gevolgen hebben voor rondvaartbedrijven.

Samenvatting

Hollands Venetië exploiteert een rondvaarboten- en verhuurbotenbedrijf in Giethoorn. Per 1 januari 2021 is de Vaarverordening Steenwijkerland 2021 in werking getreden, die het gebruik van verbrandingsmotoren op rondvaartboten verbiedt. Om bestaande ondernemers de gelegenheid te geven de overgang naar elektrisch varen te maken, kon het college van burgemeester en wethouders van Steenwijkerland tijdelijk ontheffing verlenen. Daarvoor golden twee cumulatieve voorwaarden: de aanvraag moest vóór 1 januari 2022 zijn ingediend én de betrokken vaartuigen moesten beschikken over een geldige vergunning en kenteken onder de nieuwe vaarverordening. Hollands Venetië heeft pas op 10 juli 2023 – ruim anderhalf jaar na het verstrijken van de deadline – een ontheffingsaanvraag ingediend voor twee VIP-sloepen die nog worden aangedreven door een verbrandingsmotor. Het college wees de aanvraag af op twee zelfstandige gronden: de aanvraag was te laat, én de sloepen beschikten niet over een geldige vergunning met bijbehorende kentekens. Hollands Venetië betwistte de afwijzing en betoogde onder meer dat kentekens die na een wijzigingsaanvraag van 23 juli 2021 waren verstrekt, wél betrekking hadden op de sloepen. De rechtbank verwierp dit standpunt, omdat bij die wijzigingsaanvraag uitdrukkelijk was vermeld dat alle betrokken boten elektrisch zouden worden aangedreven. De toegekende kentekens waren dus bestemd voor andere, nog aan te schaffen elektrische vaartuigen, en niet voor de twee VIP-sloepen met verbrandingsmotor. De Raad van State bevestigt het oordeel van de rechtbank. Aan geen van de vereisten van het ontheffingenbeleid was voldaan: de aanvraag was te laat ingediend en de vaartuigen hadden geen geldige vergunning onder de nieuwe vaarverordening. Het college heeft de aanvraag dan ook terecht afgewezen. De uitspraak onderstreept dat gemeenten mogen vasthouden aan strikte termijnen en formele vereisten bij de uitvoering van verduurzamingsbeleid in de vaarsector, ook wanneer dat voor individuele ondernemers ingrijpende gevolgen heeft.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 25 september 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Bestuursrecht

Raad van State·23 sep 2026
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Overheid
Handhaving
ECLI:NL:RVS:2026:5638

Raad van State buigt zich over militair radarstation Herwijnen

38/100Bekijk
Raad van State·23 sep 2026
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Overheid
Vastgoed
ECLI:NL:RVS:2026:5639

Bestemmingsplan waterwoningen IJburg gedeeltelijk vernietigd door RvS

38/100Bekijk
Raad van State·23 sep 2026
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Vastgoed
Vergunningen
ECLI:NL:RVS:2026:5651

Beroep tegen bestemmingsplan Gemert-Bakel ongegrond verklaard

18/100Bekijk
Raad van State·23 sep 2026
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Vastgoed
Vergunningen
ECLI:NL:RVS:2026:5644

Bestemmingsplan Gemert-Bakel deels vernietigd door parkeergebrek

28/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied