JurispRadar
ECLI:NL:RVS:2026:4719Laag22/100

RDW hoeft duplicaatcode kenteken niet te verwijderen

ECLI:NL:RVS:2026:4719, Raad van State, 12-08-2026, 202600001/1/A2

Raad van StateUitspraak: 12 augustus 2026Publicatie: 12 augustus 2026
Procedure:Hoger beroep
Zaaknummer:202600001/1/A2
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Overheid
Handhaving
Vergunningen
Transport
Wegenverkeerswet
Rdw
Voertuigregistratie
Kentekenregister
Duplicaatcode

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Bij besluit van 29 december 2023 heeft de Dienst Wegverkeer (de RDW) de aanvraag van [appellant] om wijziging van het kentekenregister afgewezen. Bij besluit van 17 juni 2024 heeft de RDW het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar gedeeltelijk gegrond verklaard, het besluit van 29 december 2023 gedeeltelijk herroepen en bepaald dat duplicaatcode "1" wel geregistreerd blijft. [appellant] is eigenaar van een Volkswagen Kever met bouwjaar 1975. [appellant] heeft het voertuig in 1981 van Aruba naar Nederland laten overbrengen. In 1984 heeft het voertuig het kenteken […] gekregen. Het voertuig is sindsdien verschillende periodes geschorst geweest. Het voertuig staat sinds 22 april 2011 onafgebroken op naam van [appellant]. De kentekenplaten zijn voorzien van een duplicaatcode. De kentekenplaten van het voertuig waren op 1 juni 2016 voorzien van duplicaatcode "2"; er was een "2" op de kentekenplaten aangebracht. Sinds het besluit van 17 juni 2024 zijn de kentekenplaten voorzien van duplicaatcode "1". [appellant] stelt zich op het standpunt dat de RDW heeft nagelaten het geschil op een informele wijze op te lossen.

Kern van de zaak

De eigenaar van een Volkswagen Kever uit 1975 verzocht de RDW om verwijdering van de duplicaatcode op zijn kentekenplaten. De RDW weigerde dit, omdat de duplicaatcode terecht was geregistreerd vanwege vermissing van kentekenpapieren in het verleden. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond wegens gebrekkige motivering, waarna hoger beroep volgde bij de Raad van State.

Beslissing van de rechter

De Raad van State beoordeelt of de duplicaatcode '1' ten onrechte in het kentekenregister is opgenomen, hetgeen de kern is van het geschil na herstel van de eerdere fout met duplicaatcode '2'. Op grond van artikel 43e Wvw 1994 dient een verzoeker gegronde redenen aan te voeren dat een registratie onjuist of ten onrechte is opgenomen; de uitkomst van de eindbeslissing ontbreekt in de beschikbare tekst.

22van 100

Impactscore

Laag

Het betreft een casuïstische geschil over een individuele kentekenregistratie zonder bredere precedentwerking; de juridische norm van artikel 43e Wvw 1994 was reeds bekend uit eerdere jurisprudentie (ECLI:NL:RVS:2021:2394).

Belangrijkste punten

  • 1Verzoek tot wijziging kentekenregister is mogelijk op grond van artikel 43e Wvw 1994 indien gegronde redenen bestaan dat een gegeven onjuist is geregistreerd.
  • 2De RDW registreerde een duplicaatcode vanwege historische vermissing van kentekenpapieren; dit was destijds een erkende grondslag.
  • 3Verwijdering van de duplicaatcode zou volgens de RDW leiden tot rechtsonzekerheid omdat het register dan niet meer met de werkelijkheid overeenkomt.
  • 4De rechtbank verklaarde het beroep gegrond wegens gebrekkige motivering van het RDW-besluit van 17 juni 2024.
  • 5De duplicaatcode '2' was reeds ten onrechte geregistreerd en is hersteld; het geschil spitst zich toe op de rechtmatigheid van duplicaatcode '1'.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak verduidelijkt de toepassing van artikel 43e Wvw 1994 bij verzoeken tot wijziging van het kentekenregister en bevestigt dat een motiveringsgebrek aan het RDW-besluit kan worden tegengeworpen. Het onderstreept dat historische registraties in het kentekenregister niet zonder meer ongedaan gemaakt kunnen worden als zij destijds op een legitieme grondslag berustten.

Praktische impact

Voor voertuigeigenaren die kentekenplaten zonder duplicaatcode wensen te verkrijgen, verduidelijkt deze zaak dat zij concrete en gegronde redenen moeten aanvoeren waarom de registratie onjuist is. De RDW dient zijn besluiten in dergelijke gevallen deugdelijk te motiveren.

Onderwerp-impact

In de transportsector en voor klassieke voertuigbezitters in het bijzonder schept deze uitspraak duidelijkheid over de bewijslast bij verzoeken tot correctie van het kentekenregister en de rol van historische registratiegrondslagen.

Samenvatting

Deze zaak betreft een hoger beroep bij de Raad van State over de weigering van de RDW om de duplicaatcode op de kentekenplaten van een Volkswagen Kever uit 1975 te verwijderen. De eigenaar heeft het voertuig in 1981 vanuit Aruba naar Nederland overgebracht en sindsdien zijn de kentekenplaten meerdere malen voorzien van duplicatiecodes, aanvankelijk vanwege de vermissing van kentekenpapieren. Op grond van artikel 43e van de Wegenverkeerswet 1994 kan een belanghebbende de RDW verzoeken om wijziging van het kentekenregister, mits hij gegronde redenen aanvoert dat een registratie onjuist of ten onrechte is opgenomen. De RDW stelde zich op het standpunt dat de duplicaatcode '1' correct was geregistreerd, ook al kon de exacte datum van registratie niet meer worden achterhaald. Volgens de RDW zou verwijdering van de code leiden tot rechtsonzekerheid, omdat het register dan niet meer de werkelijkheid zou weerspiegelen. De rechtbank oordeelde echter dat het besluit van 17 juni 2024 gebrekkig was gemotiveerd, en verklaarde het beroep gegrond. In hoger beroep concentreert het geschil zich uitsluitend op de vraag of duplicaatcode '1' ten onrechte in het kentekenregister staat, nu de eerder ten onrechte geregistreerde duplicaatcode '2' al was hersteld. De Raad van State toetst of de RDW voldoende heeft aangetoond dat de historische grondslag voor de registratie — vermissing van kentekenpapieren — nog steeds de registratie rechtvaardigt en of de appellant daartegenover gegronde redenen heeft aangevoerd voor verwijdering. De beschikbare tekst bevat geen eindbeslissing, maar de zaak illustreert de spanningsverhouding tussen registerintegriteit en individuele correctieverzoeken op basis van verouderde administratieve grondslagen.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 22 september 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Bestuursrecht

College van Beroep voor het bedrijfsleven·22 sep 2026
Bestuursrecht
Europees bestuursrecht
Overheid
Handhaving
ECLI:NL:CBB:2026:455

Beroep landbouwers tegen afwijzing GLB-steun 2024 ongegrond

28/100Bekijk
College van Beroep voor het bedrijfsleven·22 sep 2026
Bestuursrecht
Europees bestuursrecht
Handhaving
Vergunningen
ECLI:NL:CBB:2026:445

SDE-correctiebedragen onverbindend wegens strijd met Besluit SDE

58/100Bekijk
College van Beroep voor het bedrijfsleven·22 sep 2026
Bestuursrecht
Europees bestuursrecht
Overheid
Transport
ECLI:NL:CBB:2026:427

Exportcertificaten planten naar VK terecht geweigerd

28/100Bekijk
College van Beroep voor het bedrijfsleven·22 sep 2026
Bestuursrecht
Europees bestuursrecht
Overheid
Handhaving
ECLI:NL:CBB:2026:454

Beroep agrariër over eco-regeling groene braak ongegrond

28/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied