Omgevingsvergunning arbeidsmigranten tiny houses Veghel deels vergund
ECLI:NL:RVS:2026:4407, Raad van State, 29-07-2026, 202501189/1/R2
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Bij besluit van 27 oktober 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Meierijstad aan Het Knokert Kwartier een omgevingsvergunning verleend voor het in afwijking van het bestemmingsplan bouwen van 100 vier- tot zespersoons logiesverblijven en een ontvangstgebouw voor tijdelijke huisvesting gedurende maximaal vijftien jaar van shortstay internationale medewerkers op een perceel aan de Dorshout in Veghel. Het Knokert Kwartier wil op een perceel in Veghel, sectie L, nummers 412, 4458, 4459 en 4367, 100 vier- tot zespersoons logiesverblijven (tiny houses) en een ontvangstgebouw realiseren voor tijdelijke huisvesting gedurende vijftien jaar van maximaal 500 arbeidsmigranten. De aanvraag betreft de activiteiten bouwen, planologische afwijking en uitweg. Op het perceel was voorheen een agrarisch bedrijf gevestigd. Omdat de ter plaatse geldende agrarische bestemming zich tegen de bouw verzet, heeft het college toepassing gegeven aan artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a, onder 3°, van de Wabo. [appellant sub 2] en [appellant sub 1] en anderen zijn omwonenden en eigenaren van gronden in de nabijheid van het perceel. Zij vrezen voor negatieve gevolgen van de huisvesting van arbeidsmigranten voor met name hun woon- en leefklimaat. Het Knokert Kwartier is de initiatiefnemer.
Kern van de zaak
Het Knokert Kwartier wil in Veghel 100 tiny houses bouwen voor tijdelijke huisvesting van maximaal 500 arbeidsmigranten. Omwonenden vrezen negatieve gevolgen voor hun woon- en leefklimaat en tekenen bezwaar aan. Het college verleende een omgevingsvergunning in afwijking van de agrarische bestemming op grond van de Wabo.
Beslissing van de rechter
De Raad van State behandelt het hoger beroep van Het Knokert Kwartier, dat ontvankelijk wordt verklaard voor het herstelbesluit. De beslissing op de inhoudelijke gronden is op basis van de beschikbare tekst onvolledig, maar het toetsingskader is vastgesteld: de bestuursrechter toetst of het besluit in overeenstemming is met het recht en of nadelige gevolgen niet onevenredig zijn.
Impactscore
MiddelDe uitspraak heeft lokale betekenis en bevestigt bestaand recht rondom overgangsrecht en marginale toetsing bij afwijkingsvergunningen; er worden geen nieuwe rechtsnormen gesteld. De tekst is bovendien onvolledig, waardoor de definitieve uitkomst onzeker blijft.
Belangrijkste punten
- 1Overgangsrecht: aanvraag van 4 april 2022 valt onder oud recht (Wabo en Crisis- en herstelwet), niet onder de Omgevingswet die per 1 januari 2024 in werking trad.
- 2Het college heeft gebruik gemaakt van de bevoegdheid ex artikel 2.12 lid 1 sub a onder 3° Wabo om af te wijken van de agrarische bestemming.
- 3Het college beschikt over beleidsruimte bij de afweging om al dan niet een omgevingsvergunning in afwijking van het bestemmingsplan te verlenen.
- 4De bestuursrechter toetst marginaal: niet of de vergunning in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening, maar of het besluit rechtmatig is.
- 5De hoger beroepen van omwonenden tegen het ingetrokken besluit van 27 oktober 2023 zijn niet-ontvankelijk verklaard; hun beroep richt zich op het herstelbesluit.
Impactanalyse
Juridische impact
De uitspraak bevestigt de toepassing van het overgangsrecht van de Invoeringswet Omgevingswet en de marginale toetsing van beleidsruimte bij afwijkingsvergunningen op grond van de Wabo. Dit is relevant voor lopende procedures waarbij de aanvraag vóór 1 januari 2024 is ingediend.
Praktische impact
Omwonenden van het geplande arbeidsmigranten-complex in Veghel ondervinden beperkte rechtsbescherming nu de rechter slechts marginaal toetst; het college behoudt aanzienlijke vrijheid in de belangenafweging rondom de huisvesting van arbeidsmigranten.
Onderwerp-impact
De zaak raakt de bredere maatschappelijke discussie over de ruimtelijke inpassing van arbeidsmigranten-huisvesting in agrarische gebieden en de vergunningverlening voor tijdelijke woonvoorzieningen.
Samenvatting
In deze zaak bij de Raad van State staat de omgevingsvergunning centraal die het college van de gemeente Veghel heeft verleend aan Het Knokert Kwartier voor de bouw van 100 tiny houses bedoeld voor de tijdelijke huisvesting van maximaal 500 arbeidsmigranten. De aanvraag dateert van 4 april 2022 en heeft betrekking op een voormalig agrarisch perceel. Omdat de agrarische bestemming zich verzet tegen de beoogde bebouwing, heeft het college gebruikgemaakt van de bevoegdheid tot afwijking van het bestemmingsplan op grond van artikel 2.12 lid 1 sub a onder 3° Wabo. Een eerste wezenlijke vraag betreft het toepasselijke recht. De Raad van State stelt vast dat, nu de aanvraag vóór 1 januari 2024 is ingediend, op grond van artikel 4.3 sub a Invoeringswet Omgevingswet het oude recht van toepassing blijft totdat het besluit onherroepelijk is. De nieuwe Omgevingswet is dus niet van toepassing op deze procedure. Omwonenden — [appellant sub 2] en [appellant sub 1] en anderen — hebben hoger beroep ingesteld vanwege zorgen over hun woon- en leefklimaat. Hun beroepen tegen het ingetrokken besluit van 27 oktober 2023 zijn niet-ontvankelijk verklaard door de rechtbank. Het Knokert Kwartier heeft eveneens hoger beroep ingesteld; dit hoger beroep wordt ontvankelijk geacht voor zover het het herstelbesluit betreft. De Raad van State hanteert als toetsingskader dat het college beleidsruimte toekomt bij de afweging om al dan niet een afwijkingsvergunning te verlenen. De bestuursrechter toetst niet zelf of de vergunningverlening in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening, maar beoordeelt slechts of het besluit rechtmatig is, waaronder de evenredigheid van de nadelige gevolgen. De volledige inhoudelijke beslissing is op basis van de beschikbare tekst niet volledig inzichtelijk.