RvS wijst beperkte kennisneming ongeschoond Woo-document toe
ECLI:NL:RVS:2026:4318, Raad van State, 23-07-2026, 202601387/3/A3
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)[appellant] heeft beroep ingesteld tegen het besluit op bezwaar van het college van burgemeester en wethouders van Noordoostpolder van 22 april 2026. Het college heeft de vertrouwelijke versie van één gedingstuk overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van dit stuk.
Kern van de zaak
Omroep Flevoland heeft op grond van de Wet open overheid (Woo) een verzoek ingediend om documenten openbaar te maken. Het college heeft de Afdeling verzocht om bepaalde stukken, waaronder een ongeschoonde versie van een deels openbaar te maken document met kantlijncommentaar, alleen ter inzage van de Afdeling te laten (artikel 8:29 Awb), zodat partijen hiervan geen kennis nemen.
Beslissing van de rechter
De Afdeling bestuursrechtspraak wijst het verzoek tot beperkte kennisneming toe. Doorslaggevend is dat het ongeschoonde document en de daarmee verweven kantlijnopmerkingen precies het onderwerp vormen van het geschil in de bodemprocedure; verstrekking zou vooruitlopen op het eindoordeel en de bodemprocedure zinloos maken.
Impactscore
LaagDe uitspraak betreft een procedurele tussenbeslissing van de geheimhoudingskamer zonder nieuw rechtsoordeel; zij past bestaande artikel 8:29 Awb-jurisprudentie toe op een standaardsituatie in Woo-beroepsprocedures.
Belangrijkste punten
- 1Artikel 8:29 lid 3 Awb verplicht de Afdeling tot een belangenafweging tussen hoor en wederhoor enerzijds en bescherming van het algemeen belang, partij- of derdbelangen anderzijds.
- 2Het ongeschoonde document vormt het onderwerp van het Woo-geschil; verstrekking tijdens de procedure zou inhoudelijk vooruitlopen op de bodemprocedure.
- 3Kantlijnopmerkingen zijn zo verweven met de inhoud van het ongeschoonde document dat afzonderlijke verstrekking daarvan indirect de inhoud van dat document zou prijsgeven.
- 4Beperkte kennisneming is gerechtvaardigd om te voorkomen dat de bodemprocedure zijn zin verliest voordat de Afdeling ten gronde heeft geoordeeld.
- 5De beslissing is genomen door de enkelvoudige geheimhoudingskamer, een separate procedurele stap vóór de inhoudelijke behandeling.
Impactanalyse
Juridische impact
De uitspraak bevestigt dat rechters in Woo-procedures terughoudend moeten zijn met het aan partijen verstrekken van stukken die inhoudelijk samenvallen met het geschilsonderwerp, omdat dit de bodemprocedure illusoir kan maken. Dit is een toepassing van vaste lijnen binnen de artikel 8:29 Awb-jurisprudentie.
Praktische impact
Omroep Flevoland krijgt tijdens de lopende procedure geen inzage in het ongeschoonde document of de kantlijnopmerkingen; pas na het eindoordeel in de bodemprocedure wordt duidelijk welke informatie alsnog openbaar moet worden gemaakt.
Onderwerp-impact
In Woo-procedures bij de bestuursrechter zal de rechter bij artikel 8:29-verzoeken structureel toetsen of het gevraagde stuk inhoudelijk samenvalt met het geschilsonderwerp, waardoor beperkte kennisneming in dergelijke zaken snel gerechtvaardigd zal zijn.
Samenvatting
In deze zaak heeft Omroep Flevoland op grond van de Wet open overheid (Woo) verzocht om openbaarmaking van overheidsdocumenten. Het bevoegde college was voornemens een deel van de documenten gedeeltelijk openbaar te maken, maar heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op grond van artikel 8:29 Awb verzocht te bepalen dat bepaalde stukken uitsluitend ter kennis van de Afdeling komen. Concreet ging het om een ongeschoonde versie van een document dat het college slechts deels openbaar wil maken, alsmede om kantlijnopmerkingen van appellant die nauw met dat document samenhangen. De juridische vraag was of de beperking van kennisneming door partijen gerechtvaardigd is. De Afdeling moet daarvoor een belangenafweging maken: tegenover het beginsel van equality of arms en het belang van de rechter bij volledige informatieverstrekking staat het risico dat kennisneming door partijen het algemeen belang of belangen van derden onevenredig schaadt. De Afdeling wijst het verzoek toe. De redenering is tweeledig. Ten eerste vormt het ongeschoonde document precies het onderwerp van het geschil in de bodemprocedure: de vraag of het achterwege laten van openbaarmaking van die informatie terecht is, moet de Afdeling nog inhoudelijk beoordelen. Verstrekking van het document nu zou inhoudelijk vooruitlopen op dat oordeel en de bodemprocedure in zoverre zinloos maken. Ten tweede zijn de kantlijnopmerkingen van appellant zo verweven met de inhoud van het ongeschoonde document dat afzonderlijke verstrekking ervan indirect de inhoud van dat document zou prijsgeven. Ook op dit punt is beperkte kennisneming dus gerechtvaardigd. De beslissing wordt genomen door de enkelvoudige geheimhoudingskamer en betreft een procedurele tussenstap; de inhoudelijke beoordeling van het Woo-verzoek volgt in de bodemprocedure.