JurispRadar
ECLI:NL:RVS:2026:4224Middel38/100

RvS: aanvraag omgevingsvergunning voldoende duidelijk ondanks kleine onjuistheden

ECLI:NL:RVS:2026:4224, Raad van State, 14-07-2026, 202405128/1/R2

Raad van StateUitspraak: 14 juli 2026Publicatie: 20 juli 2026
Zaaknummer:202405128/1/R2
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Omgevingsrecht
Vergunningen
Ruimtelijke Ordening
Bouw
Omgevingsvergunning
Aanvraagvereisten
Wijzigingsvergunning
Kamperland
Volledigheid Aanvraag

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Bij besluit van 17 oktober 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Noord-Beveland het verzoek van [appellant A] geweigerd om een bij besluit van 2 juni 2022 verleende omgevingsvergunning voor de bouw van acht gestapelde appartementen op het perceel [locatie], waarvan vier recreatief, te Kamperland, te wijzigen.

Kern van de zaak

Een aanvrager diende een aanvraag in voor het wijzigen van een omgevingsvergunning voor een appartementengebouw in Kamperland. Het college weigerde de aanvraag in behandeling te nemen omdat daarin een verkeerde datum en een bouwsom van €1,00 stonden vermeld. De zaak kwam voor de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Beslissing van de rechter

De Raad van State oordeelt dat de aanvraag voldoende duidelijk was voor beoordeling en dat het college ten onrechte heeft geweigerd op de aanvraag te beslissen. Doorslaggevend is dat het juiste kenmerk van het bedoelde besluit was vermeld, de bijlagen voldoende duidelijk omschreven welke wijziging werd beoogd, en uit de aanvraag in haar geheel ondubbelzinnig bleek dat uitsluitend het schrappen van één vergunningvoorschrift werd nagestreefd.

38van 100

Impactscore

Middel

De uitspraak betreft een vrij casuïstische toepassing van bekende beginselen rondom aanvraagvereisten, zonder fundamenteel nieuwe rechtsregels te stellen. De relevantie voor de omgevingsrechtpraktijk is beperkt maar concreet bruikbaar voor vergelijkbare geschillen over de volledigheid van aanvragen.

Belangrijkste punten

  • 1Gebruik van het juiste gemeentelijke kenmerk in de aanvraag volstaat ter identificatie van het bedoelde besluit, ook bij vermelding van een onjuiste datum.
  • 2Een bouwsom van €1,00 maakt de aanvraag niet onduidelijk als het totaalplaatje de aard en omvang van het verzoek voldoende bepaalt.
  • 3De aanduiding 'nieuw te plaatsen bouwwerk' is niet misleidend wanneer de aanvraag elders verwijst naar een eerder verleende vergunning.
  • 4Bij de beoordeling of een aanvraag compleet is, dienen alle stukken (aanvraagformulier, bijlagen, e-mailcorrespondentie) in samenhang te worden bezien.
  • 5Het college mag kleine formele gebreken in een aanvraag niet aangrijpen om inhoudelijke behandeling te weigeren als de strekking ondubbelzinnig is.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak bevestigt dat bestuursorganen aanvragen niet op louter formele gronden buiten behandeling mogen stellen wanneer de inhoudelijke strekking uit alle verstrekte stukken voldoende duidelijk blijkt. Dit sluit aan bij de eis van een dienstverlenende en niet-formalistische toepassing van de aanvraagvereisten uit de Algemene wet bestuursrecht.

Praktische impact

Aanvragers van omgevingsvergunningen hoeven niet te vrezen dat kleine invulfouten op een aanvraagformulier direct leiden tot niet-ontvankelijkheid, mits de bijlagen en overige communicatie de bedoeling helder maken. Gemeenten worden gehouden om bij twijfel over de volledigheid van een aanvraag eerst contact op te nemen met de aanvrager in plaats van de aanvraag af te wijzen.

Onderwerp-impact

Voor de bouwpraktijk in het omgevingsrecht betekent dit dat wijzigingsvergunningen voor bestaande projecten ook bij imperfecte aanvraagformulieren inhoudelijk moeten worden beoordeeld, wat de doorlooptijd van vergunningprocedures ten goede kan komen.

Samenvatting

Deze uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 14 juli 2026 betreft een geschil over de ontvankelijkheid van een aanvraag om wijziging van een omgevingsvergunning voor een appartementengebouw in Kamperland. De aanvrager wilde één specifiek voorschrift laten schrappen uit een vergunning die op 2 juni 2022 was verleend. In de aanvraag stond echter een onjuiste datum (15 maart 2021) bij de verwijzing naar de te wijzigen vergunning, was de bouwsom ingevuld als €1,00 en was aangevinkt dat het om een nieuw te plaatsen bouwwerk ging. Het college weigerde op basis van deze gebreken de aanvraag als voldoende compleet te beschouwen. De Afdeling verwerpt dit standpunt. Centraal staat de vraag of de door de aanvrager verstrekte gegevens en bescheiden voldoende waren voor de beoordeling van de aanvraag in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. De Afdeling stelt vast dat het juiste gemeentelijke kenmerk van de vergunning van 2 juni 2022 in de aanvraag was opgenomen, zodat voor het college identificeerbaar was welk besluit werd bedoeld. De bijlagen omschreven bovendien met voldoende precisie dat het ging om het schrappen van besluitonderdeel III, onder I. De vermelding van een nieuw bouwwerk deed daar niet aan af, omdat tegelijkertijd werd vermeld dat eerder al een vergunning was aangevraagd. Ook de symbolische bouwsom van €1,00 was niet misleidend, nu niets anders kon worden beoogd dan het schrappen van het bewuste voorschrift. De Afdeling betrekt daarbij ook de onderlinge e-mailwisseling en het gesprek met de wethouder, waaruit eenzelfde conclusie volgt. Het college had de aanvraag inhoudelijk moeten behandelen.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 22 juli 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak
38van 100
MiddelLees toelichting ↓

Meer Bestuursrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4286Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4286, Raad van State, 22-07-2026, 202504375/1/R2

Raad van State22 jul 2026HandhavingVastgoed
28/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:4268Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4268, Raad van State, 22-07-2026, 202407951/1/R2

Raad van State22 jul 2026VastgoedVergunningen
18/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:4282Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4282, Raad van State, 22-07-2026, 202500140/1/R4

Raad van State22 jul 2026OverheidVergunningen
22/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:4270Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:4270, Raad van State, 22-07-2026, 202402337/1/R3

Raad van State22 jul 2026ArbeidsrelatiesOverheid
28/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied