JurispRadar
ECLI:NL:RVS:2026:4116Middel52/100

Raad van State: melding 1992 geldt als referentiesituatie stikstof

ECLI:NL:RVS:2026:4116, Raad van State, 15-07-2026, 202403329/1/R2

Raad van StateUitspraak: 15 juli 2026Publicatie: 15 juli 2026
Procedure:Hoger beroep
Zaaknummer:202403329/1/R2
Bestuursrecht
Omgevingsrecht
Handhaving
Vergunningen
Milieu
Stikstof
Natura 2000
Intern Salderen
Referentiesituatie
Melkveehouderij

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Bij besluit van 29 april 2022 heeft Bij besluit van 29 april 2022 heeft het college de aanvraag van [appellant] voor een vergunning op grond van artikel 2.7 van de Wet natuurbescherming (Wnb) voor de melkveehouderij aan de [locatie] in Kolderwolde afgewezen. [appellant] exploiteert een melkveehouderij aan de [locatie] in Kolderwolde. [appellant] heeft een natuurvergunning aangevraagd voor het houden van 110 melkkoeien en 40 stuks jongvee. In de aanvraag is aangegeven dat de aangevraagde situatie na intern salderen met de referentiesituatie niet tot een toename van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden leidt. De referentiesituatie is in de aanvraag ontleend aan de melding die [appellant] op 28 juli 2013 op basis van het Activiteitenbesluit milieubeheer (Activiteitenbesluit) heeft gedaan voor het houden van 100 melkkoeien en 50 stuks jongvee. Het college heeft de vergunning geweigerd. De referentiesituatie moet volgens het college ontleend worden aan de melding die in 1992 op grond van het Besluit melkrundveehouderijen Hinderwet is gedaan voor het houden van 69 melkkoeien en 36 stuks jongvee.

Kern van de zaak

Een melkveehouder in Kolderwolde vroeg een natuurvergunning aan voor 110 melkkoeien en 40 stuks jongvee. Hij stelde dat de melding uit 2013 (100 melkkoeien, 50 stuks jongvee) als referentiesituatie moest gelden voor intern salderen. Het college weigerde de vergunning en hanteerde de melding uit 1992 (69 melkkoeien, 36 stuks jongvee) als referentiesituatie.

Beslissing van de rechter

De Raad van State bevestigt dat de melding uit 1992 op grond van het Besluit melkrundveehouderijen Hinderwet als referentiesituatie geldt, niet de latere Activiteitenbesluit-melding uit 2013. Doorslaggevend is dat de vergunde situatie op het peildatum van de referentiesituatie maatgevend is, en de aangevraagde situatie leidt ten opzichte van 1992 tot een toename van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden.

52van 100

Impactscore

Middel

De uitspraak bevestigt bestaande jurisprudentie over de bepaling van de referentiesituatie bij intern salderen en voegt geen fundamenteel nieuwe rechtsregel toe, maar heeft wel relevante precedentwerking voor agrarische ondernemers in vergelijkbare situaties.

Belangrijkste punten

  • 1Overgangsrecht: omdat de aanvraag vóór 1 januari 2024 is ingediend, blijft de Wet natuurbescherming (Wnb) van toepassing in plaats van de Omgevingswet.
  • 2De referentiesituatie voor intern salderen moet worden ontleend aan de vroegste relevante toestemming, hier de Hinderwet-melding uit 1992.
  • 3De melding op grond van het Activiteitenbesluit uit 2013 vervangt de eerdere vergunde situatie niet voor de bepaling van de referentiesituatie.
  • 4De aangevraagde situatie leidt tot een toename van stikstofdepositie ten opzichte van de referentiesituatie uit 1992, zonder dat de gevolgen daarvan zijn onderzocht.
  • 5Het argument dat de veehouder pas na de PAS-uitspraak van 29 mei 2019 vergunningplichtig werd, doet geen afbreuk aan de toepasselijkheid van de oudste vergunde situatie als referentie.

Impactanalyse

Juridische impact

Deze uitspraak bevestigt dat voor intern salderen bij stikstofaanvragen de vroegste vergunde of gemelde situatie bepalend is als referentiesituatie, ook wanneer nadien een ruimere melding onder het Activiteitenbesluit is gedaan. Dit sluit aan bij de lijn die de Raad van State hanteert ten aanzien van de reikwijdte van intern salderen onder de Wnb.

Praktische impact

Melkveehouders die hun referentiesituatie willen baseren op een latere, ruimere melding lopen het risico dat het bevoegd gezag terugvalt op de oudere, smallere vergunde situatie. Dit kan vergunningverlening op basis van intern salderen onmogelijk maken of tot aanzienlijke aanvullende onderzoeksplichten leiden.

Onderwerp-impact

Voor de agrarische sector en omgevingsrechtpraktijk onderstreept deze uitspraak dat de keuze van de referentiesituatie cruciaal is bij stikstofsaldi en dat een latere Activiteitenbesluit-melding geen verruiming van de referentiesituatie oplevert.

Samenvatting

Deze zaak betreft een melkveehouder in Kolderwolde die een natuurvergunning aanvroeg voor het houden van 110 melkkoeien en 40 stuks jongvee. In zijn aanvraag stelde hij dat intern salderen mogelijk was op basis van de melding die hij in 2013 had gedaan onder het Activiteitenbesluit milieubeheer voor 100 melkkoeien en 50 stuks jongvee. Het college van Gedeputeerde Staten weigerde de vergunning en hanteerde in plaats daarvan de melding uit 1992 op grond van het Besluit melkrundveehouderijen Hinderwet — voor 69 melkkoeien en 36 stuks jongvee — als referentiesituatie. Omdat de aangevraagde situatie ten opzichte van deze oudere referentie leidt tot een toename van stikstofdepositie op nabijgelegen Natura 2000-gebieden, en de gevolgen hiervan niet zijn onderzocht, werd de aanvraag afgewezen. De centrale juridische vraag was welke melding als referentiesituatie moet gelden voor intern salderen: de melding uit 1992 of die uit 2013. Zowel de rechtbank als de Raad van State oordeelt dat de melding uit 1992 maatgevend is. Aan het overgangsrecht is vastgesteld dat, nu de aanvraag vóór 1 januari 2024 is ingediend, de Wet natuurbescherming (Wnb) van toepassing blijft en niet de Omgevingswet. Het argument van de veehouder dat hij pas na de PAS-uitspraak van 29 mei 2019 vergunningplichtig werd en tot dat moment rechtmatig handelde, maakt dit niet anders. Een latere, ruimere melding onder het Activiteitenbesluit vervangt de eerdere vergunde situatie niet als referentie voor intern salderen. De uitspraak bevestigt daarmee de bestaande lijn dat bij intern salderen altijd de vroegst beschikbare vergunde of gemelde situatie als uitgangspunt dient, hetgeen voor agrariërs met een historisch kleine vergunde situatie de mogelijkheden voor vergunningverlening op basis van intern salderen sterk beperkt.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 28 juli 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak
52van 100
MiddelLees toelichting ↓

Meer Bestuursrecht

ECLI:NL:CBB:2026:350Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:CBB:2026:350, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 28-07-2026, AWB 24/242

College van Beroep voor het bedrijfsleven28 jul 2026OverheidHandhaving
22/100Bekijk
ECLI:NL:CBB:2026:351Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:CBB:2026:351, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 28-07-2026, AWB 24/231

College van Beroep voor het bedrijfsleven28 jul 2026OverheidHandhaving
22/100Bekijk
ECLI:NL:CBB:2026:355Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:CBB:2026:355, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 28-07-2026, 26/348

College van Beroep voor het bedrijfsleven28 jul 2026OverheidHandhaving
12/100Bekijk
ECLI:NL:CBB:2026:353Middel
Bestuursrecht
Bestuursstrafrecht

ECLI:NL:CBB:2026:353, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 28-07-2026, 23/1730, 23/2034 en 25/760

College van Beroep voor het bedrijfsleven28 jul 2026HandhavingVergunningen
38/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied