JurispRadar
ECLI:NL:RVS:2026:2694Laag28/100

RvS vernietigt besluit gemeente Zevenaar over archieftoegang ambtenaar

ECLI:NL:RVS:2026:2694, Raad van State, 20-05-2026, 202402400/1/A3

Raad van StateUitspraak: 20 mei 2026Publicatie: 11 mei 2026
Procedure:Hoger beroep
Zaaknummer:202402400/1/A3

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Bij besluit van 6 oktober 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zevenaar het verzoek van [wederpartij] om vernietiging van documenten in de archiefbewaarplaats afgewezen. [wederpartij] was 35 jaar werkzaam als ambtenaar van de gemeente Zevenaar op de afdeling Handhaving. In augustus 2005 is een bureau verzocht om het functioneren van de afdeling Handhaving van de gemeente Zevenaar in kaart te brengen met het doel de samenwerking te ‘ontstroeven’ en te professionaliseren. Op 18 oktober 2005 zijn de bevindingen en voorstellen uit het zogenoemde rapport Bunt aan de hand van sheets gepresenteerd. Het college heeft het verzoek van [wederpartij] met het besluit van 6 oktober 2022 afgewezen en het daartegen gemaakte bezwaar met het besluit van 9 maart 2023 ongegrond verklaard, omdat het college een doel en een grondslag heeft voor het bewaren van de desbetreffende gegevens. De rechtbank heeft geoordeeld dat het besluit van 9 maart 2023 onvoldoende is gemotiveerd. Dat oordeel is gebaseerd op twee gebreken die de rechtbank heeft geconstateerd.

Kern van de zaak

Een voormalig ambtenaar van de gemeente Zevenaar procedeerde over toegang tot raadsenquêtedocumenten die 75 jaar beperkt openbaar waren verklaard en naar het streekarchief waren overgebracht. De documenten hadden betrekking op het P&O-beleid van de gemeente en een rapport (Bunt) dat eerder door de Centrale Raad van Beroep als onrechtmatig jegens hem was beoordeeld. De ambtenaar bestreed besluiten van het college over de behandeling van deze documenten.

Beslissing van de rechter

De Raad van State verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt zowel de uitspraak van de rechtbank Gelderland als het besluit van het college van B&W van 9 april 2024, maar verklaart het beroep tegen het eerder besluit van 9 maart 2023 ongegrond. De doorslaggevende reden lijkt gelegen in een procedureel of inhoudelijk gebrek in het besluit van april 2024, terwijl het besluit van maart 2023 standhoudt.

28van 100

Impactscore

Laag

Het betreft een sterk casuïstische uitspraak in een individueel ambtenarenconflict met een zeer specifieke feitelijke achtergrond; de rechtsvragen zijn niet van algemene precedentwerking en de uitspraak stelt geen nieuwe rechtsnormen.

Belangrijkste punten

  • 1De Centrale Raad van Beroep oordeelde in 2015 al dat de gemeente Zevenaar onrechtmatig handelde door zonder voorbehoud achter het rapport Bunt te scharen met onprofessionele kwalificaties jegens de ambtenaar.
  • 2De gemeenteraad stelde naar aanleiding hiervan een enquêtecommissie in die het P&O-beleid onderzocht over de periode 2002-2015.
  • 3De raadsenquêtedocumenten werden voor 75 jaar beperkt openbaar verklaard en naar het streekarchief overgebracht.
  • 4Het besluit van het college van 9 april 2024 (herstel- of herbeoordelingsbesluit) wordt vernietigd; het primaire besluit van 9 maart 2023 blijft in stand.
  • 5De zaak werd gelijktijdig behandeld met zaak nr. 202502164/1/A3, wat duidt op samenhangende geschillen over dezelfde documentenproblematiek.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak verduidelijkt de grenzen van de bevoegdheid van een college bij het nemen van herbeoordelingsbesluiten over archiefstukken die onder raadsenquêtebeperkingen vallen. Het illustreert de verhouding tussen raad en college bij het beheer van gevoelige enquêtedocumenten.

Praktische impact

Voor de betrokken ambtenaar betekent de vernietiging van het besluit van april 2024 dat de gemeente opnieuw moet beslissen, maar het besluit van maart 2023 — dat hem mogelijk minder tegemoetkomt — blijft intact. De gemeente Zevenaar zal een nieuw rechtmatig besluit moeten nemen over de herbeoordeling van de raadsenquêtedocumenten.

Onderwerp-impact

Deze uitspraak raakt het spanningsveld tussen overheidstransparantie, archiefregelgeving en de rechtsbescherming van individuele ambtenaren bij langlopende conflicten met hun werkgever-overheid.

Samenvatting

Deze uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State betreft een langlopend conflict tussen een voormalig ambtenaar van de gemeente Zevenaar en het college van burgemeester en wethouders. De ambtenaar, 35 jaar werkzaam op de afdeling Handhaving, leed schade door het zogenoemde rapport Bunt uit 2005, dat onprofessionele en subjectieve kwalificaties over hem bevatte. De Centrale Raad van Beroep oordeelde in 2015 dat de gemeente hiervoor verantwoordelijk was. Naar aanleiding daarvan stelde de gemeenteraad een enquêtecommissie in, die onderzoek deed naar het P&O-beleid van de gemeente over de periode 2002-2015. De commissie besloot in 2017 de raadsenquêtedocumenten voor 75 jaar beperkt openbaar te verklaren en over te brengen naar het streekarchief. Parallel hieraan besloot de raad tot herbeoordeling van deze documenten. De rechtbank Gelderland deed uitspraak op 5 maart 2024, waarna hoger beroep volgde bij de Raad van State. De juridische kern van het geschil betreft de rechtmatigheid van de besluiten van het college over de behandeling en herbeoordeling van de archiefstukken. De Raad van State oordeelt dat het hoger beroep gegrond is: zowel de uitspraak van de rechtbank als het besluit van het college van 9 april 2024 worden vernietigd. Dit besluit, vermoedelijk een herstel- of herbeoordelingsbesluit, voldoet niet aan de daaraan te stellen eisen. Het besluit van 9 maart 2023 echter houdt wél stand; het beroep daartegen wordt ongegrond verklaard. De gemeente zal dus opnieuw moeten beslissen, maar binnen de kaders die het besluit van 2023 stelt. De zaak illustreert hoe langlopende ambtenarenconflicten ook na decennia juridisch voortduren en hoe archiefbeslissingen van gemeentelijke organen aan bestuursrechtelijke toetsing onderworpen blijven.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 5 september 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Bestuursrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5339Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5339, Raad van State, 09-09-2026, 202500974/1/R3

Raad van State9 sep 2026VastgoedVergunningen
18/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5326Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5326, Raad van State, 09-09-2026, 202505339/1/R3

Raad van State9 sep 2026VastgoedVergunningen
18/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5361Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5361, Raad van State, 09-09-2026, 202503177/1/R1

Raad van State9 sep 2026VastgoedVergunningen
18/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5354Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5354, Raad van State, 09-09-2026, 202406781/1/A3

Raad van State9 sep 2026OverheidVergunningen
18/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied