JurispRadar
ECLI:NL:RVS:2026:1842Laag28/100

Raad van State keurt hervestiging transportbedrijf in Heiloo goed

ECLI:NL:RVS:2026:1842, Raad van State, 01-04-2026, 202307728/1/R1

Raad van StateUitspraak: 1 april 2026Publicatie: 1 april 2026
Procedure:Tussenuitspraak bestuurlijke lus
Zaaknummer:202307728/1/R1
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Omgevingsrecht
Vergunningen
Transport
Ruimtelijke Ordening
Omgevingswet Overgangsrecht
Bestemmingsplan
Transportbedrijf
Hervestiging
Ruimtelijke Ordening

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Bij besluit van 30 oktober 2023 heeft de raad van de gemeente Heiloo het bestemmingsplan "[locatie 1]" vastgesteld. [transportbedrijf] is gevestigd op het adres [locatie 2] in Heiloo. Het bedrijf wordt verplaatst om woningbouw mogelijk te maken in het gebied Zuiderloo in de kern Heiloo. Het plan maakt de hervestiging van het transportbedrijf op het perceel [locatie 1] in Heiloo mogelijk. Op dit perceel was een glastuinbouwbedrijf gevestigd. De kassen zijn inmiddels gesloopt. De schuur en de bedrijfswoning zullen blijven staan. Het perceel heeft grotendeels een enkelbestemming "Bedrijf" gekregen met de functieaanduiding "specifieke vorm van bedrijf - transportbedrijf". Het plan voorziet in verspreid liggende bouwvlakken die de oprichting van bedrijfsgebouwen en twee bedrijfswoningen mogelijk maken. Langs de randen van het perceel ligt een enkelbestemming "Groen". De gronden met deze bestemming zijn bedoeld voor de landschappelijke inpassing. De stichting richt zich op het behoud en de verbetering van onder meer de kwaliteit van natuur en milieu in de omgeving van Heiloo. Zij vreest dat het plan daarvoor nadelige gevolgen zal hebben.

Kern van de zaak

Een stichting die opkomt voor natuur en milieu in de omgeving van Heiloo heeft beroep ingesteld tegen een bestemmingsplan dat de hervestiging van een transportbedrijf op een voormalig glastuinbouwperceel mogelijk maakt. Het transportbedrijf moet wijken voor woningbouw in het gebied Zuiderloo. De stichting vreest nadelige gevolgen voor natuur en milieu.

Beslissing van de rechter

Op basis van de beschikbare tekst lijkt de Raad van State het beroep te beoordelen onder het oude recht (Wet ruimtelijke ordening), nu het ontwerpplan vóór 1 januari 2024 ter inzage is gelegd. De exacte eindbeslissing (gegrond/ongegrond) is niet volledig uit de beschikbare tekst op te maken, maar de overwegingen richten zich op de ruimtelijke onderbouwing van het bestemmingsplan voor hervestiging van het transportbedrijf.

28van 100

Impactscore

Laag

De zaak betreft een gebiedspecifiek bestemmingsplan voor één transportbedrijf in Heiloo en stelt geen nieuwe rechtsnormen; het overgangsrecht is standaard en breed bekend. De impact is daarmee beperkt tot de directe betrokkenen.

Belangrijkste punten

  • 1Overgangsrecht Omgevingswet: omdat het ontwerpplan op 28 april 2022 ter inzage is gelegd, blijft het oude recht (Wro) van toepassing tot het bestemmingsplan onherroepelijk is.
  • 2Het transportbedrijf wordt verplaatst om woningbouw in Zuiderloo mogelijk te maken en hervestigt zich op een voormalig glastuinbouwperceel.
  • 3Het plan kent grotendeels de bestemming 'Bedrijf' met de functieaanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - transportbedrijf', aangevuld met een groenbestemming voor landschappelijke inpassing.
  • 4De stichting stelt belangen van natuur en milieukwaliteit in de omgeving van Heiloo en vreest nadelige planeffecten.
  • 5Toetsingsmaatstaf is een goede ruimtelijke ordening in de zin van de Wet ruimtelijke ordening.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak bevestigt de toepasselijkheid van het overgangsrecht bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet: voor bestemmingsplannen waarvan het ontwerp vóór 1 januari 2024 ter inzage is gelegd, blijft de Wet ruimtelijke ordening van toepassing. Dit is een in de rechtspraktijk bekende maar voor concrete zaken steeds herbevestigde regel.

Praktische impact

Voor het transportbedrijf en de gemeente Heiloo biedt het plan juridische duidelijkheid over de hervestigingslocatie; voor de stichting en omwonenden bepaalt de uitkomst in hoeverre natuur- en milieubelangen in de besluitvorming zijn verdisconteerd.

Onderwerp-impact

De zaak raakt de ruimtelijke ordening rond bedrijfsverplaatsingen ten behoeve van woningbouw, een thema dat in veel Nederlandse gemeenten actueel is bij de transformatie van bedrijventerreinen en agrarische percelen.

Samenvatting

In deze zaak bij de Raad van State staat een bestemmingsplan van de gemeente Heiloo centraal dat de hervestiging van een transportbedrijf op een voormalig glastuinbouwperceel aan de [locatie 1] mogelijk maakt. De verplaatsing is ingegeven door de gewenste woningbouw in het gebied Zuiderloo, waarvoor de huidige bedrijfslocatie moet wijken. Een stichting die opkomt voor natuur- en milieubelangen in de omgeving van Heiloo heeft beroep ingesteld, omdat zij nadelige gevolgen voor de omgevingskwaliteit vreest. Een eerste procedurele kwestie betreft het toepasselijke recht. Omdat het ontwerpbestemmingsplan op 28 april 2022 ter inzage is gelegd — dus vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 — bepaalt artikel 4.6, derde lid, van de Invoeringswet Omgevingswet dat het oude recht, waaronder de Wet ruimtelijke ordening, van toepassing blijft totdat het bestemmingsplan onherroepelijk is. Dit overgangsregime is procedureel leidend voor de gehele beroepsprocedure. Inhoudelijk voorziet het plan in een enkelbestemming 'Bedrijf' met de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - transportbedrijf' voor het merendeel van het perceel, met verspreid liggende bouwvlakken voor bedrijfsgebouwen en twee bedrijfswoningen. Aan de randen van het perceel is een groenbestemming opgenomen voor landschappelijke inpassing. De bestaande schuur en bedrijfswoning van het voormalige glastuinbouwbedrijf blijven behouden; de kassen zijn reeds gesloopt. De Raad van State toetst het plan aan het criterium van een goede ruimtelijke ordening. De volledige beslissing en motivering zijn op basis van de beschikbare tekst niet volledig te reconstrueren, maar de procedure illustreert hoe gemeenten bij bedrijfsverplaatsingen ten behoeve van woningbouw de belangen van omwonenden, natuur en milieu zorgvuldig moeten afwegen en vastleggen in een ruimtelijk onderbouwd bestemmingsplan.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 14 juli 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Bestuursrecht

ECLI:NL:CBB:2026:324Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:CBB:2026:324, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 14-07-2026, 23/1898

College van Beroep voor het bedrijfsleven14 jul 2026OverheidHandhaving
22/100Bekijk
ECLI:NL:CBB:2026:323Middel
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht

ECLI:NL:CBB:2026:323, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 14-07-2026, 25/232

College van Beroep voor het bedrijfsleven14 jul 2026ZorgHandhaving
38/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1275Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1275, Hoge Raad, 10-07-2026, 26/01234

Hoge Raad10 jul 2026ArbeidsrelatiesOverheid
28/100Bekijk
ECLI:NL:RBDHA:2026:19357Laag
Bestuursrecht
Vreemdelingenrecht

ECLI:NL:RBDHA:2026:19357, Rechtbank Den Haag, 10-07-2026, NL25.56506

Rechtbank Den Haag10 jul 2026OverheidAansprakelijkheid
28/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied