JurispRadar
ECLI:NL:RBNHO:2026:3213Laag22/100

Bunq's verzoek voorlopig getuigenverhoor afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing

ECLI:NL:RBNHO:2026:3213, Rechtbank Noord-Holland, 24-03-2026, C/15/369932 / HA RK 25-147

Rechtbank Noord-HollandUitspraak: 24 maart 2026Publicatie: 25 maart 2026
Procedure:Beschikking
Zaaknummer:C/15/369932 / HA RK 25-147
Burgerlijk procesrecht
Verbintenissenrecht
Financiele Dienstverlening
Databescherming
Bewijsrecht
Voorlopig Getuigenverhoor
Informatielek
Bunq
Artikel 196 Rv

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Verzoekster wil een voorlopig getuigenverhoor starten tegen een van de verweerders wegens rekening gluren en het lekken van informatie. De betreffende verweerder meent dat er sprake is van een fishing expedition. De andere verweerder meent daarnaast ook dat het verzoek in strijd is met artikel 10 EVRM en met de anti-SLAPP richtlijn. Het verzoek tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor wordt afgewezen. Verzoekster krijgt geen toestemming om in hoger beroep van de afwijzing te gaan.

Kern van de zaak

Bunq (digitale bank) verzocht de rechtbank een voorlopig getuigenverhoor te bevelen, vermoedelijk in verband met het lekken van vertrouwelijke informatie waarbij een verweerder betrokken zou zijn. Bunq had echter onvoldoende feitelijke aanknopingspunten aangedragen om dit verzoek te onderbouwen.

Beslissing van de rechter

De rechtbank Noord-Holland wijst het verzoek van Bunq tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor af. De doorslaggevende reden is dat Bunq onvoldoende feitelijke aanknopingspunten heeft gepresenteerd om te kunnen oordelen dat de verweerder betrokken was bij het lekken van vertrouwelijke informatie, waarmee het verzoek valt onder een afwijzingsgrond van artikel 196 lid 2 Rv.

22van 100

Impactscore

Laag

Het betreft een procesrechtelijke beschikking in eerste aanleg zonder principiële nieuwe rechtsregels; de uitspraak past in bestaande jurisprudentie en heeft beperkte precedentwerking buiten de directe partijen.

Belangrijkste punten

  • 1Toetsing op basis van de Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht (per 1 januari 2025), waarbij oude toewijzingscriteria ongewijzigd van toepassing blijven
  • 2Artikel 196 Rv: voorlopige bewijsverrichting moet worden toegewezen tenzij een afwijzingsgrond van lid 2 van toepassing is
  • 3Afwijzingsgrond van toepassing: onvoldoende feitelijke aanknopingspunten voor betrokkenheid verweerder bij informatielek
  • 4Verzoeker draagt de last om voldoende feitelijke onderbouwing te geven, ook bij voorlopig getuigenverhoor
  • 5De rechtbank mag in dit stadium niet vooruitlopen op mogelijke uitkomsten van een eventueel getuigenverhoor

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak bevestigt dat ook onder de vernieuwde bewijsrechtelijke regels per 2025 een verzoeker bij een voorlopig getuigenverhoor voldoende feitelijke aanknopingspunten moet aanvoeren; een blote verdenking volstaat niet. De continuïteit van de pre-2025 rechtspraak over toewijzingscriteria wordt hiermee onderstreept.

Praktische impact

Bunq kan vooralsnog geen gebruik maken van het voorlopig getuigenverhoor om bewijs te vergaren over de gestelde informatielek. De verweerder is beschermd tegen een onvoldoende onderbouwd verzoek tot getuigenverhoor.

Onderwerp-impact

Voor financiële instellingen die intern vertrouwelijke informatie zien lekken, onderstreept deze uitspraak dat zij bij juridische stappen concreet bewijs van betrokkenheid van een specifiek persoon moeten aanleveren voordat een getuigenverhoor wordt toegestaan.

Samenvatting

In deze zaak verzocht Bunq, een Nederlandse digitale bank, de Rechtbank Noord-Holland een voorlopig getuigenverhoor te bevelen. Het verzoek lijkt verband te houden met vermoedens dat vertrouwelijke informatie was gelekt door een verweerder. De rechtbank beoordeelt het verzoek onder de per 1 januari 2025 in werking getreden Wet vereenvoudiging en modernisering van het bewijsrecht (artikel 196 en 197 Rv). Zij stelt vast dat de toewijzingscriteria uit de rechtspraak van vóór die datum ongewijzigd van toepassing blijven, nu de parlementaire geschiedenis dit uitdrukkelijk bevestigt. De centrale juridische vraag was of Bunq voldoende feitelijke aanknopingspunten had aangedragen om een voorlopig getuigenverhoor te rechtvaardigen. Op grond van artikel 196 lid 2 Rv dient een verzoek te worden afgewezen indien, onder meer, onvoldoende belang bestaat of de verlangde informatie niet voldoende bepaald is. De rechtbank oordeelt dat Bunq tekortschiet in haar onderbouwing: er zijn onvoldoende concrete aanwijzingen dat de betreffende verweerder daadwerkelijk betrokken is geweest bij het lekken van vertrouwelijke informatie. Hoewel de rechtbank benadrukt dat zij in dit stadium niet mag vooruitlopen op de mogelijke uitkomsten van een getuigenverhoor, rust op de verzoeker de plicht om minimale feitelijke aanknopingspunten te verschaffen die een dergelijk verzoek dragen. Nu Bunq niet aan die drempel heeft voldaan, wijst de rechtbank het verzoek af. De uitspraak herbevestigt een bestaand uitgangspunt in het Nederlandse bewijsrecht: een voorlopig getuigenverhoor is geen instrument voor fishing expeditions. Verzoekers dienen hun vermoeden met voldoende concrete feiten te onderbouwen voordat de rechter een dergelijke ingrijpende bewijsmaatregel toewijst.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 14 juli 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Burgerlijk procesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1249Laag
Burgerlijk procesrecht
Intellectueel-eigendomsrecht

ECLI:NL:HR:2026:1249, Hoge Raad, 10-07-2026, 25/02035

Hoge Raad10 jul 2026MediaAuteursrecht
8/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1241Laag
Civiel recht
Burgerlijk procesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1241, Hoge Raad, 10-07-2026, 25/02614

Hoge Raad10 jul 2026Dienstverlening
5/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1224Hoog
Civiel recht
Burgerlijk procesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1224, Hoge Raad, 10-07-2026, 23/02777

Hoge Raad10 jul 2026VastgoedKoop
62/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1237Laag
Civiel recht
Burgerlijk procesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1237, Hoge Raad, 10-07-2026, 25/02557

Hoge Raad10 jul 2026IncassoTransport
8/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied