JurispRadar
ECLI:NL:RBDHA:2026:20572Laag8/100

ECLI:NL:RBDHA:2026:20572, Rechtbank Den Haag, 17-07-2026, NL25.58901

Rechtbank Den HaagUitspraak: 17 juli 2026Publicatie: 23 juli 2026
Procedure:Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer:NL25.58901

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Asiel, VA, Turkije, Oeigoerse vrouw. Aanvraag afgewezen als ongegrond omdat de problemen met de echtgenoot en de dreigende intrekking van haar Turkse nationaliteit niet geloofwaardig zijn bevonden. Beroep gegrond. Arrest van het Hof, 4 juni 2026 (Ebilum) en arrest van het Hof van 4 juni 2026 (Quotal). Nu de rechtbank van oordeel is dat eiseres niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning asiel omdat haar gestelde problemen niet geloofwaardig zijn en zij haar vrees niet aannemelijk heeft gemaakt, maar wel een minderjarige dochter heeft aan wie internationale bescherming moet worden verleend, is de rechtbank van oordeel dat het beroep op het gelijkheidsbeginsel slaagt. De minister dient om die reden een verblijfsvergunning regulier aan eiseres te verstrekken. Dat betekent dat het bestreden besluit enkel voor zover het ziet op de ambtshalve weigering om een ambtshalve vergunning te verlenen, dient te worden vernietigd.

AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data
Originele uitspraak

Recente uitspraken

ECLI:NL:RBDHA:2026:21621Laag

ECLI:NL:RBDHA:2026:21621, Rechtbank Den Haag, 03-08-2026, NL26.40731

Rechtbank Den Haag3 aug 2026
5/100Bekijk
ECLI:NL:RBDHA:2026:21399Laag

ECLI:NL:RBDHA:2026:21399, Rechtbank Den Haag, 31-07-2026, NL26.6990

Rechtbank Den Haag31 jul 2026
5/100Bekijk
ECLI:NL:RBDHA:2026:21408Laag

ECLI:NL:RBDHA:2026:21408, Rechtbank Den Haag, 31-07-2026, NL26.14192

Rechtbank Den Haag31 jul 2026
5/100Bekijk