Schuldsanering beëindigd wegens aanhoudende tekortkomingen appellant
ECLI:NL:GHDHA:2026:2277, Gerechtshof Den Haag, 09-06-2026, 200.365.152/01
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)WSNP. Tussentijdse beëindiging. Saniet is tekortgeschoten in de nakoming van de informatie- en inspanningsverplichting. Beschermingsbewind?
Kern van de zaak
Een appellant onder de Wsnp-schuldsaneringsregeling voldeed niet aan zijn informatie- en inspanningsverplichtingen. Hij stelde vrijgesteld te zijn van sollicitatieplicht door gemeente Rotterdam, maar kon dit niet aantonen. Daarnaast ontstonden nieuwe schulden en een boedelachterstand door tijdelijke intrekking van zijn Participatie-uitkering.
Beslissing van de rechter
Het gerechtshof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank Rotterdam waarbij de schuldsaneringsregeling is beëindigd. De doorslaggevende reden is dat appellant tot op heden de toerekenbare tekortkomingen in de kernverplichtingen van de Wsnp niet heeft weggenomen, waaronder het ontbreken van inlichtingen, afdrachten aan de boedel en sollicitatiebewijzen.
Impactscore
LaagHet betreft een individuele Wsnp-zaak zonder nieuwe rechtsvragen; de uitkomst is een rechttoe rechtaan toepassing van artikel 350 lid 3 sub c Fw door een hof in hoger beroep.
Belangrijkste punten
- 1Beëindiging schuldsaneringsregeling op grond van artikel 350 lid 3 aanhef en onder c Fw wegens niet naar behoren nakomen verplichtingen
- 2Appellant kon de gestelde vrijstelling van sollicitatieplicht door gemeente Rotterdam niet met schriftelijke stukken onderbouwen
- 3Boedelachterstand van minimaal € 1.157,44 en nieuwe schulden, deels veroorzaakt door tijdelijke intrekking Participatie-uitkering
- 4Appellant verzocht subsidiair om verlenging van de looptijd om nieuwe schulden in te lossen; dit verzoek werd niet gehonoreerd
- 5Bewindvoerder bevestigde dat de tekortkomingen in kernverplichtingen ten tijde van de zitting nog niet waren hersteld
Impactanalyse
Juridische impact
De uitspraak bevestigt dat tekortkomingen in Wsnp-kernverplichtingen – ook wanneer externe factoren zoals uitkeringsproblemen worden aangevoerd – moeten worden aangetoond en hersteld, wil beëindiging worden afgewend. Een beroep op ontoerekenbaarheid vereist concrete, aantoonbare onderbouwing.
Praktische impact
Appellant verliest de bescherming van de schuldsaneringsregeling, waardoor schuldeisers weer vrij zijn om tot invordering over te gaan. Een schone lei blijft buiten bereik, en appellant dient zijn financiële situatie op eigen kracht te regelen.
Onderwerp-impact
Voor schuldenaren in de Wsnp benadrukt deze uitspraak het belang van adequate documentatie en actieve naleving van alle verplichtingen; een ongedocumenteerd beroep op gemeentelijke vrijstellingen is onvoldoende om tekortkomingen te verschonen.
Samenvatting
In deze zaak stond de vraag centraal of de beëindiging van de schuldsaneringsregeling van appellant terecht was uitgesproken door de rechtbank Rotterdam. Appellant was toegelaten tot de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp), maar voldeed volgens de bewindvoerder niet aan zijn kernverplichtingen: hij leverde geen sollicitatiebewijzen aan, droeg niets af aan de boedel, en verschafte onvoldoende inlichtingen. Appellant verweerde zich door te stellen dat hij door de gemeente Rotterdam mondeling was vrijgesteld van de sollicitatieplicht in het kader van de Participatiewet, maar dat de gemeente weigerde dit schriftelijk te bevestigen. Verder voerde hij aan dat de boedelachterstand en nieuwe schulden het gevolg waren van een ten onrechte tijdelijk ingetrokken Participatie-uitkering, zodat hem geen verwijt trof. Subsidiair verzocht hij het hof de looptijd van de schuldsaneringsregeling te verlengen zodat hij de nieuwe schulden alsnog zou kunnen aflossen. Het Gerechtshof Den Haag bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en wees het verzoek tot verlenging af. Het hof oordeelde dat appellant er niet in was geslaagd de toerekenbare tekortkomingen weg te nemen. Er ontbraken nog altijd diverse inlichtingen, er waren geen afdrachten gedaan aan de boedel (boedelachterstand minimaal € 1.157,44), geen sollicitatiebewijzen overgelegd en geen enkel schriftelijk bewijs van een gemeentelijke vrijstelling. De mondelinge mededeling van een vrijstelling zonder enige schriftelijke onderbouwing achtte het hof onvoldoende om de tekortkomingen als niet-toerekenbaar aan te merken. De uitspraak illustreert dat schuldenaren in de Wsnp actief en aantoonbaar aan hun verplichtingen moeten voldoen; ongedocumenteerde verklaringen en externe oorzaken ontslaan hen niet van die plicht zonder deugdelijk bewijs.