JurispRadar
ECLI:NL:GHAMS:2026:2350Middel38/100

Geen aanmaningskosten bij onbewezen notificatie via MijnOverheid

ECLI:NL:GHAMS:2026:2350, Gerechtshof Amsterdam, 21-07-2026, 25/1412

Gerechtshof AmsterdamUitspraak: 21 juli 2026Publicatie: 23 augustus 2026
Procedure:Hoger beroep
Zaaknummer:25/1412
Bestuursrecht
Belastingrecht
Bestuursprocesrecht
Overheid
Handhaving
Incasso
Naheffingsaanslag
Aanmaningskosten
Elektronische Bekendmaking
Mijnoverheid Berichtenbox
Notificatieplicht

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Aanmaningskosten NA parkeerbelasting terecht in rekening gebracht? Notificatiebericht verzonden?

Kern van de zaak

Een belanghebbende betwist de aanmaningskosten die de gemeente Amsterdam hem in rekening heeft gebracht na een naheffingsaanslag. De aanslag was via de berichtenbox van MijnOverheid verzonden, maar de notificatie-e-mail werd niet ontvangen. In geschil is of aanmaningskosten terecht zijn opgelegd wanneer niet kan worden vastgesteld dat de notificatie daadwerkelijk is verzonden.

Beslissing van de rechter

Het Gerechtshof Amsterdam wijst de aanmaningskosten af. Doorslaggevend is dat niet met voldoende zekerheid kan worden vastgesteld dat de notificatie daadwerkelijk naar het door belanghebbende opgegeven e-mailadres is verzonden, en dat een belastingplichtige die notificaties heeft ingesteld erop mag rekenen dat hij deze ook ontvangt.

38van 100

Impactscore

Middel

De uitspraak past binnen een bredere lijn die wordt uitgezet door de Hoge Raad en A-G Pauwels en heeft directe betekenis voor de invorderingspraktijk van gemeenten, maar betreft een hoger-beroepsbeslissing op een specifiek, afgebakend feitencomplex.

Belangrijkste punten

  • 1Plaatsing in de berichtenbox van MijnOverheid volstaat voor geldige bekendmaking; ontvangst van een notificatiebericht is geen vereiste voor bekendmaking (HR 1 mei 2026, ECLI:NL:HR:2026:734).
  • 2Heeft een belastingplichtige de notificatiefunctie ingesteld, dan mag hij erop vertrouwen dat hij notificaties ontvangt; bij uitblijven van een notificatie mogen geen aanmaningskosten worden opgelegd.
  • 3Wanneer de ontvangst van de notificatie wordt ontkend én niet met voldoende zekerheid vaststaat naar welk e-mailadres de notificatie is verzonden, geldt dezelfde bescherming.
  • 4Het Hof sluit aan bij de conclusie van A-G Pauwels van 6 februari 2026 (ECLI:NL:PHR:2026:152) over de verhouding tussen elektronische bekendmaking en de notificatiefunctie.
  • 5De bewijslast voor daadwerkelijke verzending van de notificatie ligt bij de invorderingsambtenaar; nu dit bewijs ontbreekt, kunnen aanmaningskosten niet worden gehandhaafd.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak verduidelijkt dat de juridische bekendmaking via de berichtenbox en de feitelijke notificatieplicht twee afzonderlijke verplichtingen zijn: ook al is een aanslag rechtsgeldig bekendgemaakt, aanmaningskosten zijn niet toelaatbaar indien de overheid niet kan aantonen dat de notificatie is verstuurd naar het juiste e-mailadres.

Praktische impact

Gemeenten en andere overheden die naheffingsaanslagen elektronisch verzenden, moeten kunnen bewijzen dat notificaties daadwerkelijk zijn verstuurd naar het juiste e-mailadres; kunnen zij dit niet aantonen, dan is het opleggen van aanmaningskosten onrechtmatig.

Onderwerp-impact

Voor burgers die MijnOverheid gebruiken biedt deze uitspraak extra bescherming: de overheid kan niet volstaan met plaatsing in de berichtenbox als zij tegelijk aanmaningskosten wil incasseren wanneer de notificatiefunctie heeft gefaald.

Samenvatting

In deze hoger-beroepsprocedure bij het Gerechtshof Amsterdam staat de vraag centraal of de gemeente Amsterdam terecht aanmaningskosten in rekening heeft gebracht bij een belastingplichtige die een naheffingsaanslag had ontvangen via de berichtenbox van MijnOverheid, maar stelde geen notificatie-e-mail te hebben ontvangen. Het Hof stelt voorop dat plaatsing van een aanslag in de berichtenbox op zichzelf een rechtsgeldige bekendmaking oplevert in de zin van artikel 3:41 lid 1 Awb, en dat ontvangst van een notificatiebericht geen vereiste is voor die bekendmaking, overeenkomstig het arrest van de Hoge Raad van 1 mei 2026. Dit betekent dat de aanslag zelf niet ter discussie stond. De kern van het geschil betreft de aanmaningskosten. Het Hof oordeelt dat een belastingplichtige die de notificatiefunctie heeft ingesteld, erop mag rekenen dat hij bij plaatsing van een bericht in zijn berichtenbox ook een notificatie ontvangt. Blijft die notificatie uit, dan mogen geen aanmaningskosten worden opgelegd. Het Hof trekt deze lijn door naar de situatie waarin de notificatie weliswaar zou zijn verzonden, maar de ontvangst wordt ontkend en niet met voldoende zekerheid kan worden vastgesteld naar welk e-mailadres de notificatie is gestuurd. In het onderhavige geval was niet bekend naar welk e-mailadres de notificatie was verzonden, noch of zich afleverproblemen hadden voorgedaan. De invorderingsambtenaar kon het vereiste bewijs niet leveren. Het Hof, mede steunend op de conclusie van Advocaat-Generaal Pauwels van 6 februari 2026, vernietigt de aanmaningskosten. De uitspraak benadrukt dat de overheid bij elektronische communicatie een eigen verantwoordelijkheid draagt voor een betrouwbare notificatie-infrastructuur en dat de bewijslast voor correcte verzending bij haar ligt.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 2 september 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak
38van 100
MiddelLees toelichting ↓

Meer Bestuursrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5339Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5339, Raad van State, 09-09-2026, 202500974/1/R3

Raad van State9 sep 2026VastgoedVergunningen
18/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5326Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5326, Raad van State, 09-09-2026, 202505339/1/R3

Raad van State9 sep 2026VastgoedVergunningen
18/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5361Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5361, Raad van State, 09-09-2026, 202503177/1/R1

Raad van State9 sep 2026VastgoedVergunningen
18/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5354Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5354, Raad van State, 09-09-2026, 202406781/1/A3

Raad van State9 sep 2026OverheidVergunningen
18/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied