JurispRadar
ECLI:NL:CRVB:2026:971Laag18/100

WIA-uitkering geweigerd: arbeidsongeschiktheid onder 35%-drempel

ECLI:NL:CRVB:2026:971, Centrale Raad van Beroep, 16-07-2026, 25/1434 WIA

Centrale Raad van BeroepUitspraak: 16 juli 2026Publicatie: 28 juli 2026
Procedure:Hoger beroep
Zaaknummer:25/1434 WIA
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Arbeidsrelaties
Zorg
Wia
Arbeidsongeschiktheid
Uwv
35 Procent Drempel
Verzorgende

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Weigering WIA-uitkering toe te kennen omdat appellante minder dan 35% arbeidsongeschikt. Voldoende medische en arbeidskundige onderbouwing. De geselecteerde functies zijn passend voor appellante.

Kern van de zaak

Een voormalig verzorgende IG meldde zich in april 2021 ziek na een auto-ongeluk met fysieke en mentale klachten. Het UWV stelde haar arbeidsongeschiktheid vast op 23,91% en weigerde een WIA-uitkering omdat de vereiste drempel van 35% niet werd gehaald. Appellante ging in bezwaar, beroep en hoger beroep tegen dit besluit.

Beslissing van de rechter

De Centrale Raad van Beroep heeft het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank, die het bestreden besluit in stand liet, bevestigd. De doorslaggevende reden is dat de vastgestelde mate van arbeidsongeschiktheid van 23,91% de wettelijke drempel van 35% voor een WIA-uitkering niet overschrijdt.

18van 100

Impactscore

Laag

Het betreft een individuele toepassing van bestaande WIA-wetgeving zonder nieuwe rechtsnormen of principiële overwegingen; de uitkomst is weinig verrassend en heeft beperkte precedentwerking.

Belangrijkste punten

  • 1Appellante werkte als verzorgende IG (31,95 uur/week) en meldde zich ziek na een auto-ongeluk in april 2021.
  • 2De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft aanvullende beperkingen aangenomen ten opzichte van de primaire beoordeling (FML van 25 januari 2024).
  • 3De arbeidsdeskundige bezwaar en beroep heeft de arbeidsongeschiktheid vastgesteld op 23,91%, waarmee de 35%-drempel van de Wet WIA niet wordt gehaald.
  • 4Zowel de rechtbank als de Centrale Raad van Beroep hebben het standpunt van het UWV gevolgd en de bezwaren van appellante verworpen.
  • 5De uitspraak is beperkt in motivering weergegeven; de precieze juridische overwegingen van de Raad zijn niet volledig uit de beschikbare tekst af te leiden.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak bevestigt de toepassing van de 35%-arbeidsongeschiktheidsdrempel uit de Wet WIA en de beoordelingsruimte van het UWV bij het vaststellen van functionele mogelijkheden en passende functies. Er zijn geen aanwijzingen dat de Raad nieuwe rechtsnormen heeft gesteld.

Praktische impact

Appellante ontvangt geen WIA-uitkering en moet terugvallen op andere inkomensvoorzieningen of re-integratie. De uitspraak illustreert hoe een verhoogde FML-beperking in bezwaar toch onvoldoende kan zijn om de wettelijke drempel te halen.

Onderwerp-impact

Voor werknemers in de zorgsector die na een arbeidsongeschiktheid onder de 35%-grens vallen, biedt deze uitspraak geen aanvullende bescherming; de standaard WIA-beoordeling blijft leidend.

Samenvatting

Een voormalig verzorgende IG meldde zich in april 2021 ziek als gevolg van een auto-ongeluk, waarbij zij zowel fysieke als mentale klachten ondervond. Na een aanvraag voor een WIA-uitkering stelde het UWV haar arbeidsongeschiktheid in eerste instantie vast op 11,68%. In de bezwaarfase werd een aanvullende Functionele Mogelijkhedenlijst opgesteld en werden aanvullende beperkingen erkend, maar de herberekening door de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep resulteerde in een arbeidsongeschiktheidspercentage van 23,91%. Omdat de Wet WIA een drempel van 35% hanteert voor het recht op uitkering, handhaafde het UWV de weigering bij besluit van 5 maart 2024. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep stond de vraag centraal of het UWV de beperkingen van appellante correct had beoordeeld en of de geselecteerde functies passend waren. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en liet het bestreden besluit in stand. De centrale juridische toets betrof de juistheid van de medische en arbeidskundige beoordeling: zijn de functionele mogelijkheden correct vastgesteld en is de mate van arbeidsongeschiktheid juist berekend? Nu het vastgestelde percentage van 23,91% ruim onder de wettelijke grens van 35% blijft, is er geen grond voor toekenning van een WIA-uitkering. De uitspraak bevat geen aanwijzingen dat nieuwe rechtsnormen zijn geformuleerd; het gaat om een routinematige toepassing van de bestaande WIA-systematiek. Voor appellante betekent de uitspraak dat zij geen aanspraak kan maken op een WIA-uitkering en op andere wijze in haar inkomen moet voorzien. De zaak illustreert de praktische betekenis van de 35%-drempel en de impact van de arbeidskundige herberekening in de bezwaarfase.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 3 augustus 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Bestuursrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5123Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5123, Raad van State, 09-09-2026, 202203505/1/A3

Raad van State9 sep 2026OverheidHandhaving
28/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5339Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5339, Raad van State, 09-09-2026, 202500974/1/R3

Raad van State9 sep 2026VastgoedVergunningen
18/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5354Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5354, Raad van State, 09-09-2026, 202406781/1/A3

Raad van State9 sep 2026OverheidVergunningen
18/100Bekijk
ECLI:NL:RVS:2026:5361Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:RVS:2026:5361, Raad van State, 09-09-2026, 202503177/1/R1

Raad van State9 sep 2026VastgoedVergunningen
18/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied