Wlz-toegang afgewezen: geen 24-uurszorg noodzakelijk bij dissociaties
ECLI:NL:CRVB:2026:1097, Centrale Raad van Beroep, 13-08-2026, 25/656 WLZ
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Afwijzing aanvraag zorg op grond van de Wlz. Geen sprake van een noodzaak tot permanent toezicht of 24 uur per dag zorg in de nabijheid ter voorkoming van ernstig nadeel.
Kern van de zaak
Een vrouw (geboren 1961) met een dissociatieve identiteitsstoornis, PTSS en psychische klachten vraagt Wlz-zorg aan. Het CIZ wijst de aanvraag af omdat zij geen permanent toezicht of 24-uurszorg in de nabijheid nodig heeft om ernstig nadeel te voorkomen. Appellante bestrijdt dit bij de rechter.
Beslissing van de rechter
Het hoger beroep is ongegrond verklaard; de Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de Wlz-indicatie. Doorslaggevend is dat uit alle medische adviezen niet volgt dat de psychiatrische problematiek de noodzaak tot 24 uur per dag zorg in de nabijheid onderbouwt, omdat tijdens dissociaties geen ernstig nadeel ontstaat dat niet met geplande zorgmomenten of contact op afstand kan worden ondervangen.
Impactscore
LaagDe uitspraak past binnen bestaande vaste rechtspraak over de Wlz-toegangscriteria en voegt geen nieuwe rechtsnorm toe; de impact is hoofdzakelijk relevant voor individuele Wlz-aanvragers met psychiatrische grondslagen.
Belangrijkste punten
- 1Wlz-recht vereist aantoonbare noodzaak tot permanent toezicht of 24 uur per dag zorg in de nabijheid ter voorkoming van ernstig nadeel (art. 3.2.1 Wlz).
- 2Het CIZ hoeft de verzekerde niet persoonlijk door de medisch adviseur te laten zien als de beschikbare informatie voldoende is voor een duidelijk medisch oordeel.
- 3Dissociaties waarbij appellante niet adequaat kan alarmeren, leiden volgens CIZ en rechter niet automatisch tot ernstig nadeel in de zin van de Wlz.
- 4Geplande vaste zorgmomenten en contact op afstand worden als voldoende alternatief aangemerkt, zodat de toegangsdrempel voor Wlz niet wordt gehaald.
- 5Appellante heeft wél een grondslag (psychische stoornis) voor de Wlz, maar de zorgbehoefte rechtvaardigt de intensiteit van Wlz-zorg niet.
Impactanalyse
Juridische impact
De uitspraak bevestigt de strikte uitleg van het criterium 'permanent toezicht of 24 uur per dag zorg in de nabijheid' bij psychiatrische problematiek en onderstreept dat een Wlz-grondslag op zichzelf onvoldoende is voor toegang tot Wlz-zorg. Tevens wordt de lijn bevestigd dat een medisch adviseur de verzekerde niet persoonlijk hoeft te zien als de dossierinformatie toereikend is.
Praktische impact
Mensen met dissociatieve stoornissen en PTSS die geen 24-uurszorg in de nabijheid nodig hebben volgens het CIZ, worden verwezen naar lichtere zorgvormen buiten de Wlz, wat voor hen kan betekenen dat intensieve begeleiding moeilijker toegankelijk of financierbaar is.
Onderwerp-impact
In de langdurige zorg benadrukt deze uitspraak dat de toegangsdrempel voor de Wlz hoog blijft, ook bij ernstige psychiatrische aandoeningen, en dat alternatieve zorgvormen (Wmo, Zvw) worden geacht de resterende zorgvraag te dekken.
Samenvatting
Appellante, een vrouw geboren in 1961 met een dissociatieve identiteitsstoornis, PTSS en overige psychische klachten, vroeg een indicatie aan voor zorg op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz). Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) wees de aanvraag af, zowel in primo als na bezwaar, op de grond dat niet is aangetoond dat zij permanent toezicht of 24 uur per dag zorg in de nabijheid nodig heeft om ernstig nadeel te voorkomen. Volgens het CIZ kunnen dissociaties waarbij appellante niet adequaat kan alarmeren worden ondervangen met geplande zorgmomenten en contact op afstand, zodat geen ernstig nadeel in de zin van artikel 3.2.1 Wlz optreedt. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en liet het bestreden besluit in stand. Zij verwierp het betoog dat het onderzoek onzorgvuldig was omdat appellante niet persoonlijk door de medisch adviseur was gezien: op basis van de beschikbare dossierinformatie kon de medisch adviseur zich een voldoende duidelijk beeld vormen, conform vaste rechtspraak. Inhoudelijk oordeelde de rechtbank dat alle medische adviezen bevestigen dat de aard en ernst van de psychiatrische problematiek de noodzaak tot 24-uurszorg niet onderbouwen, hoewel er wél een Wlz-grondslag (psychische stoornis) aanwezig is. In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep dit oordeel en verklaart het hoger beroep ongegrond. De uitspraak illustreert dat het louter bestaan van een ernstige psychiatrische aandoening en een bijbehorende Wlz-grondslag onvoldoende is voor daadwerkelijke toegang tot Wlz-zorg. Bepalend blijft of de intensiteit van de zorgbehoefte — permanent toezicht of 24 uur per dag zorg in de nabijheid — feitelijk is aangetoond. Deze strikte toets laat appellante aangewezen op lichtere zorgvormen buiten de Wlz.