Beroep landbouwer over GLB eco-activiteit ongegrond verklaard
ECLI:NL:CBB:2026:452, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 22-09-2026, 24/933
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)GLB 2023. Eco-regeling. Vanwege samenloop eco-activiteit en ANLb-activiteit ‘groene braak’ op perceel, geen waarde toegekend voor eco-activiteit. Geen aanleiding voor coulance.
Kern van de zaak
Een landbouwbedrijf had zowel een aanvraag ingediend voor een eco-activiteit als voor een ANLb-subsidie voor dezelfde handeling op hetzelfde perceel. De minister kende geen waarde toe aan de eco-activiteit wegens de antidubbefinancieringsregel. Het landbouwbedrijf ging hiertegen in beroep bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.
Beslissing van de rechter
Het beroep is ongegrond verklaard. De doorslaggevende reden is dat artikel 26, derde lid, van de Uitvoeringsregeling GLB 2023 uitdrukkelijk bepaalt dat bij samenloop van een eco-activiteit en een ANLb-aanvraag voor dezelfde handeling op hetzelfde perceel geen waarde wordt toegekend aan de eco-activiteit, en dat het landbouwbedrijf zelf verantwoordelijk is voor het controleren van dergelijke overlap.
Impactscore
LaagDe uitspraak past een reeds bestaande, duidelijke wettelijke regel toe op een individuele zaak zonder nieuwe rechtsvragen te beantwoorden of precedenten te stellen; de impact is vooral bevestigend voor bestaand beleid.
Belangrijkste punten
- 1Artikel 26, derde lid, Uitvoeringsregeling GLB 2023 verbiedt dubbele financiering van eco-activiteiten en ANLb-subsidies voor dezelfde handeling op hetzelfde perceel.
- 2Het is de eigen verantwoordelijkheid van de aanvrager om na te gaan of er sprake is van overlap tussen eco-activiteiten en ANLb-activiteiten.
- 3De minister had voldoende duidelijk gecommuniceerd over de overlapsregels, zodat het landbouwbedrijf dit zelf had kunnen nagaan.
- 4Aan de weergave in de Gecombineerde Opgave dat de aanvrager in aanmerking komt voor betaling op het niveau 'tarief goud' kan geen gerechtvaardigd vertrouwen worden ontleend.
- 5De minister was niet gehouden coulance toe te passen in de omstandigheden van dit geval.
Impactanalyse
Juridische impact
De uitspraak bevestigt de strikte toepassing van het verbod op dubbele financiering in het GLB-subsidiestelsel en onderstreept dat de eigen verantwoordelijkheid van aanvragers zwaar weegt bij de beoordeling van vertrouwensbeginsel-verweren. Aan technische weergaven in de Gecombineerde Opgave kan geen gerechtvaardigd vertrouwen worden ontleend.
Praktische impact
Landbouwbedrijven die zowel eco-activiteiten als ANLb-subsidies aanvragen, dienen vooraf zorgvuldig te controleren of er sprake is van overlap op perceelsniveau, omdat zij bij samenloop de eco-activiteitsbetaling volledig mislopen zonder recht op herstel of coulance.
Onderwerp-impact
Agrariërs die deelnemen aan het GLB-stelsel worden geconfronteerd met een harde anticumulatieregel die strikt wordt gehandhaafd, wat de complexiteit van subsidieplanning in de landbouwsector verder vergroot.
Samenvatting
In deze zaak had een landbouwbedrijf bij de Gecombineerde Opgave zowel een aanvraag ingediend voor een eco-activiteit als voor een ANLb-subsidie, en wel voor dezelfde handeling op hetzelfde perceel (perceel 261). De minister paste artikel 26, derde lid, van de Uitvoeringsregeling GLB 2023 toe en kende geen waarde toe aan de eco-activiteit, omdat die bepaling dubbele financiering uitdrukkelijk verbiedt. Het landbouwbedrijf voerde aan dat het niet aanstonds duidelijk was dat er sprake was van overlap, en deed een beroep op het vertrouwensbeginsel omdat de Gecombineerde Opgave vermeldde dat het in aanmerking zou komen voor betaling op het niveau 'tarief goud'. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven verklaarde het beroep ongegrond. Het College oordeelde dat de samenloop tussen de eco-activiteit en de ANLb-aanvraag vaststond en dat de anticumulatiebepaling dan rechtstreeks van toepassing is. De omstandigheid dat het landbouwbedrijf de overlap niet direct had opgemerkt, komt voor zijn eigen rekening en risico: het is de eigen verantwoordelijkheid van iedere GLB-aanvrager om zich te informeren over de toepasselijke regels en te controleren of activiteiten overlappen. De minister had hierover voldoende duidelijk gecommuniceerd. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde eveneens, omdat de weergave in de Gecombineerde Opgave louter gebaseerd is op de door de aanvrager zelf ingevulde gegevens en geen garantie biedt voor daadwerkelijke uitbetaling op dat tarief. Er was voor de minister geen aanleiding coulance toe te passen. Proceskosten worden niet vergoed. De uitspraak bevestigt de strikte handhaving van het anticumulatiebeginsel in het GLB-subsidiestelsel.