JurispRadar
ECLI:NL:RVS:2025:6368Laag28/100

Last onder dwangsom camping Harderwijk blijft in stand

ECLI:NL:RVS:2025:6368, Raad van State, 24-12-2025, 202407282/1/R4

Raad van StateUitspraak: 24 december 2025Publicatie: 24 december 2025
Procedure:Hoger beroep
Zaaknummer:202407282/1/R4
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht
Omgevingsrecht
Handhaving
Vergunningen
Ruimtelijke Ordening
Omgevingswet Overgangsrecht
Bestemmingsplan
Last Onder Dwangsom
Recreatiebestemming
Camping

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Bij besluit van 23 oktober 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Harderwijk De Konijnenberg onder oplegging van een dwangsom gelast het met het bestemmingsplan strijdige gebruik van het perceel kadastraal bekend gemeente Harderwijk, sectie D, nummer 11491, aan de Korhoenlaan 2 te Harderwijk, bestaande uit het (laten) gebruiken van het perceel en de daarop aanwezige opstallen voor huisvesting van personen die daarvandaan naar hun werk gaan en/of gebruiken als centrum van hun sociaal maatschappelijk leven, te beëindigen en beëindigd te houden. De Konijnenberg kan zich niet vinden in het oordeel van de rechtbank dat sprake is van een overtreding en dat zij als overtreder kan worden aangemerkt.

Kern van de zaak

Camping De Konijnenberg in Harderwijk ontving een last onder dwangsom van het college wegens gebruik van recreatieobjecten (stacaravans en huisjes) voor permanente bewoning, in strijd met het bestemmingsplan. Gemeentelijke toezichthouders constateerden dit op meerdere controledagen in 2023. De camping tekende bezwaar en beroep aan tegen het handhavingsbesluit van 23 oktober 2023.

Beslissing van de rechter

De Raad van State behandelt het hoger beroep tegen de opgelegde last onder dwangsom; op basis van het overgangsrecht is de Wabo (oud recht, vóór 1 januari 2024) van toepassing, aangezien de last vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet is opgelegd. De uitspraak is onvolledig overgeleverd, waardoor de definitieve uitkomst niet met zekerheid kan worden vastgesteld.

28van 100

Impactscore

Laag

De zaak betreft een vrij standaard handhavingskwestie rondom bestemmingsplanstrijdig gebruik op een camping; de overgangsrechtelijke toepassing is technisch maar niet verrassend. De uitspraak is bovendien onvolledig aangeleverd, wat beoordeling van de bredere impact bemoeilijkt.

Belangrijkste punten

  • 1De last onder dwangsom is opgelegd op 23 oktober 2023, vóór inwerkingtreding van de Omgevingswet (1 januari 2024), waardoor oud recht (Wabo) van toepassing blijft op grond van art. 4.23 lid 1 Invoeringswet Omgevingswet.
  • 2Toezichthouders van gemeente Harderwijk constateerden op meerdere dagen in 2023 gebruik van recreatieobjecten op de camping in strijd met bestemmingsplannen 'Buitengebied 2014' en 'Veegplan Buitengebied'.
  • 3Het verwijt betreft het (laten) gebruiken van opstallen voor huisvesting van personen die vanuit de camping elders werken, wat niet passend is binnen de recreatieve bestemming.
  • 4Het overgangsrecht bepaalt dat het oude recht van toepassing blijft totdat de last volledig is uitgevoerd, de dwangsom volledig is verbeurd en betaald, of de last is opgeheven.
  • 5De uitspraaktekst is onvolledig; verdere inhoudelijke overwegingen over de rechtmatigheid van de last ontbreken in de aangeleverde tekst.

Impactanalyse

Juridische impact

De uitspraak bevestigt de toepassing van het overgangsrecht van de Invoeringswet Omgevingswet: handhavingsbesluiten opgelegd vóór 1 januari 2024 worden volledig beheerst door de Wabo, ook na de stelselwijziging. Dit is relevant voor alle lopende handhavingstrajecten die de systeemovergang overlappen.

Praktische impact

Voor camping De Konijnenberg betekent dit dat zij onder het regime van de Wabo moet aantonen dat het gebruik van de recreatieobjecten niet in strijd is met de bestemmingsplannen, of het strijdige gebruik moet beëindigen om verdere dwangsomoplegging te voorkomen.

Onderwerp-impact

In de recreatiesector en campingbranche onderstreept deze zaak het risico van permanente bewoning of arbeidsmigranten-huisvesting op recreatieterreinen; gemeenten handhaven actief op strijdig gebruik van recreatiebestemde percelen.

Samenvatting

Deze zaak betreft een hoger beroepsprocedure bij de Raad van State over een handhavingsbesluit van het college van burgemeester en wethouders van Harderwijk tegen camping De Konijnenberg. Gemeentelijke toezichthouders hebben in de maanden maart tot en met oktober 2023 op meerdere controlemomenten vastgesteld dat de camping haar perceel en de daarop aanwezige recreatieobjecten — stacaravans en huisjes — gebruikte of liet gebruiken in strijd met de geldende bestemmingsplannen 'Buitengebied 2014' en 'Veegplan Buitengebied'. Het vermoedelijke strijdige gebruik betreft de huisvesting van personen die vanuit de camping naar hun werk pendelen, wat buiten de recreatieve bestemming valt. Op 23 oktober 2023 heeft het college een last onder dwangsom opgelegd om dit gebruik te beëindigen. Een centrale juridische vraag in de procedure betreft het toepasselijke recht na de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024. De Raad van State stelt op grond van artikel 4.23, eerste lid, van de Invoeringswet Omgevingswet vast dat het recht zoals dat gold vóór 1 januari 2024 — de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) — van toepassing blijft op de opgelegde last, omdat zowel de overtreding als het handhavingsbesluit dateren van vóór de stelselwijziging. Dit overgangsrecht geldt totdat de last volledig is uitgevoerd, de dwangsom volledig is verbeurd en betaald, of de last wordt opgeheven. De aangeleverde uitspraaktekst is onvolledig, waardoor de verdere inhoudelijke beoordeling van de rechtmatigheid van de last onder dwangsom en de uiteindelijke beslissing van de Raad van State niet kunnen worden vastgesteld. Op basis van de beschikbare informatie kan slechts worden geconcludeerd dat het overgangsrecht correct is toegepast en de procedure inhoudelijk verder wordt beoordeeld aan de hand van de Wabo.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data· Geanalyseerd op 18 juli 2026 met claude-sonnet-4-6
Originele uitspraak

Meer Bestuursrecht

ECLI:NL:HR:2026:1289Richtinggevend
Bestuursrecht
Belastingrecht

ECLI:NL:HR:2026:1289, Hoge Raad, 17-07-2026, 24/02999

Hoge Raad17 jul 2026OverheidHandhaving
72/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1296Richtinggevend
Bestuursrecht
Belastingrecht

ECLI:NL:HR:2026:1296, Hoge Raad, 17-07-2026, 23/03413

Hoge Raad17 jul 2026OverheidFinanciele Dienstverlening
72/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1288Hoog
Bestuursrecht
Belastingrecht

ECLI:NL:HR:2026:1288, Hoge Raad, 17-07-2026, 24/01208

Hoge Raad17 jul 2026OverheidFinanciele Dienstverlening
68/100Bekijk
ECLI:NL:CBB:2026:324Laag
Bestuursrecht
Bestuursprocesrecht

ECLI:NL:CBB:2026:324, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 14-07-2026, 23/1898

College van Beroep voor het bedrijfsleven14 jul 2026OverheidHandhaving
22/100Bekijk
Alle uitspraken in dit rechtsgebied