JurispRadar
ECLI:NL:RBZWB:2026:8532Laag5/100

ECLI:NL:RBZWB:2026:8532, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 03-09-2026, BRE 25/6564

Rechtbank Zeeland-West-BrabantUitspraak: 3 september 2026Publicatie: 4 september 2026
Procedure:Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer:BRE 25/6564

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Het beroep wegens het niet tijdig nemen van een uitspraak op bezwaar is niet-ontvankelijk, omdat er alsnog uitspraak op bezwaar is gedaan en is beslist op de kostenvergoeding. Aangezien wel terecht beroep niet tijdig beslissen is ingesteld, heeft belanghebbende wel recht op een proceskostenvergoeding. De rechtbank beoordeelt of de inspecteur terecht heeft besloten het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren wegens het ontbreken van procesbelang. Naar het oordeel van de rechtbank had de inspecteur het bezwaar gegrond moeten verklaren, omdat de inspecteur gedurende de bezwaarfase is tegemoetgekomen aan het bezwaar van belanghebbende. Hoewel de beslissing van de inspecteur naar het oordeel van de rechtbank niet juist is, heeft belanghebbende naar het oordeel van de rechtbank geen belang bij wijziging van de beslissing. Het beroep is daarom ongegrond.

AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data
Originele uitspraak

Recente uitspraken

ECLI:NL:RBDHA:2026:26414Laag

ECLI:NL:RBDHA:2026:26414, Rechtbank Den Haag, 11-09-2026, NL26.24075

Rechtbank Den Haag11 sep 2026
5/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1431

ECLI:NL:HR:2026:1431, Hoge Raad, 11-09-2026, 23/02715

Hoge Raad11 sep 2026
~75geschat
Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1470

ECLI:NL:HR:2026:1470, Hoge Raad, 11-09-2026, 26/02117

Hoge Raad11 sep 2026
~60geschat
Bekijk
ECLI:NL:RBDHA:2026:26455Laag

ECLI:NL:RBDHA:2026:26455, Rechtbank Den Haag, 11-09-2026, NL26.22233

Rechtbank Den Haag11 sep 2026
5/100Bekijk