JurispRadar
ECLI:NL:RBZWB:2026:3467

ECLI:NL:RBZWB:2026:3467, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 30-04-2026, BRE 25/2359

Rechtbank Zeeland-West-BrabantUitspraak: 30 april 2026Publicatie: 28 april 2026
Procedure:Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer:BRE 25/2359

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

8:55. De rechtbank overweegt dat in de brief van de invorderingsambtenaar over beslaglegging van 4 maart 2025 rente staat vermeld, maar het is onduidelijk of het hier om invorderingsrente gaat. Omdat dit niet volledig uitgesloten kan worden, is het niet kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, dat de rechtbank onbevoegd is. Het verzet is gegrond. Dat betekent dat de uitspraak van 23 januari 2026 vervalt. De rechtbank doet ook uitspraak op het beroep. De belastingrechter is niet bevoegd om kennis te nemen van het beroep voor zover dit ziet op beslaglegging. Voor zover de genoemde rente in de brief van 4 maart 2025 invorderingsrente betreft, beschouwt de rechtbank het beroep als een bezwaar tegen de in rekening gebrachte invorderingsrente. Voordat beroep kan worden ingesteld, moet echter eerst bezwaar worden gemaakt. Het beroep is in zoverre niet-ontvankelijk. Nu niet duidelijk is of sprake is van invorderingsrente en of de bezwaarfase is doorlopen, moet de rechtbank het beroepschrift als bezwaarschrift doorzenden naar de invorderingsambtenaar.

AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data
Originele uitspraak

Recente uitspraken

ECLI:NL:RBDHA:2026:19120

ECLI:NL:RBDHA:2026:19120, Rechtbank Den Haag, 10-07-2026, NL26.36013

Rechtbank Den Haag10 jul 2026
~13geschat
Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1245Richtinggevend
Bestuursrecht
Belastingrecht

ECLI:NL:HR:2026:1245, Hoge Raad, 10-07-2026, 25/00155

Hoge Raad10 jul 2026OverheidHandhaving
72/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1243Hoog
Belastingrecht
Mensenrechten

ECLI:NL:HR:2026:1243, Hoge Raad, 10-07-2026, 24/03381

Hoge Raad10 jul 2026VastgoedVergunningen
58/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1242Laag
Belastingrecht
Materieel strafrecht

ECLI:NL:HR:2026:1242, Hoge Raad, 10-07-2026, 25/01717

Hoge Raad10 jul 2026HandhavingSchadevergoeding
28/100Bekijk