JurispRadar
ECLI:NL:RBROT:2026:10587Laag5/100

ECLI:NL:RBROT:2026:10587, Rechtbank Rotterdam, 03-08-2026, C/10/720101 / KG RK 26-572

Rechtbank RotterdamUitspraak: 3 augustus 2026Publicatie: 25 augustus 2026
Procedure:Beschikking
Zaaknummer:C/10/720101 / KG RK 26-572

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Verzoek tot verlof voor een onderhandse verkoop bij wijze van executie van een pandrecht, eea als bedoeld in artikel 3:251 BW. De verzoeken worden afgewezen, omdat voorshands niet aannemelijk is dat verzoekers te goeder trouw een pandrecht hebben (gevestigd) op de bij hen bewaarde zaken. Bovendien is niet in hoge mate aannemelijk dat verzoekers een vordering hebben op één van de verweerder voor de opslagvergoedingen en voor een naheffing van de Douane. Schending artikel 21 Rv.

AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data
Originele uitspraak

Recente uitspraken

ECLI:NL:RBDHA:2026:26414Laag

ECLI:NL:RBDHA:2026:26414, Rechtbank Den Haag, 11-09-2026, NL26.24075

Rechtbank Den Haag11 sep 2026
5/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1431

ECLI:NL:HR:2026:1431, Hoge Raad, 11-09-2026, 23/02715

Hoge Raad11 sep 2026
~75geschat
Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1470

ECLI:NL:HR:2026:1470, Hoge Raad, 11-09-2026, 26/02117

Hoge Raad11 sep 2026
~60geschat
Bekijk
ECLI:NL:RBDHA:2026:26455Laag

ECLI:NL:RBDHA:2026:26455, Rechtbank Den Haag, 11-09-2026, NL26.22233

Rechtbank Den Haag11 sep 2026
5/100Bekijk